Opinie

De straatvoetbalster

Roxanne ‘Rocky’ Hehakaija spreekt voetbal. Ze leerde dat op straat tussen de flats in Uithoorn. Nu kan ze, waar ze ook komt, als ze de taal niet spreekt in voetbal praten. „Iedereen kan een balletje trappen”, zegt ze. Zij kan het vloeiend. Sinds september is ze in de straatvoetbalvariant van de FIFA-game de eerste vrouwelijke speler. Haar personage speelt in het team Street Legends onder leiding van Edgar Davids. In het echt deed ze dat ook. Ze ontmoette hem toen ze tweeëntwintig was. Hij zei: „Jij bent toch de beste vrouwelijke straatvoetballer van Nederland? Laat maar eens wat zien dan.” Dat deed ze. Als enige vrouw in zijn straatvoetbalteam speelde ze over de hele wereld. Ze was deel van Jong Oranje tot een hopeloos gescheurde kruisband haar dwong de droom profvoetballer te worden los te laten. Straatvoetbal bleef ze vasthouden.

Jack Spijkerman vroeg of ze ervan kon leven. „Een beetje” zei ze. Met straatvoetbal mensen helpen vond ze belangrijker. „Leuk dat ik ook wat centjes verdien, maar die gaan meestal meteen naar het project dat ik doe”. Dat project heet Favela Street, daarmee organiseert ze straattoernooien voor kinderen op plekken als Rio en Haïti, in wijken waar de koffie wordt doorgeschonken wanneer verderop in de straat wordt geschoten. Meisjes die daar als beroepskeuze drugskoerier of prostituee hebben, leidt zij op tot sportleidsters.

Rocky probeert iets te doen aan het slechte zelfbeeld van deze kinderen. Als een samenleving ze zegt dat ze niets waard zijn, resulteert dat in wat zij klei in de oren noemt. In neuro-linguïstische termen heet het belemmerende overtuiging. Gewapend met een voetbal probeert zij dat weg te nemen: klei of belemmerende overtuiging. Ze zegt: „Dit is waar sport in het algemeen, maar voor mij voetbal om gaat: verbinding maken, plezier met elkaar maken en elkaar zien.”

Woensdag kreeg ze de Joke Smit Aanmoedigingsprijs 2019. Ik hoorde het op de radio. Tof, dacht ik. De Joke Smitprijs is een regeringsprijs, zelfs van de aanmoedigingsvariant moesten wel een paar straattoernooien te organiseren zijn. Ik wilde opzoeken wat de prijs precies inhield en kwam langs instructiefilmpjes waarin Rocky stapsgewijs voetbalskills uiteenzet, ook in slow motion. Iedereen met een voetbal in huis en een of meer urnen met daarin as van overledenen, raad ik af die video’s te bekijken. Snel ging ik weer op mijn plek zitten.

Duizend euro krijgt Rocky van de regering. Cultuurprijzen zijn niet belastingvrij, dus blijft netto zo’n 700 euro aanmoediging over. Intussen harkt een politicus die de bal figuurlijk niet eens kan hooghouden, tienduizenden euro per jaar aan dubieus wachtgeld binnen. Diezelfde politicus verdedigt het bezuinigen op potjes voor dit soort prijzen. U kunt wel zeggen dat dat niks met elkaar te maken heeft, maar dat heeft het wel. Die ene is een zelfverrijkende hebberd en die andere is een kindbeschermende voetbalster, dus zou die ene er goed aan doen wat zakkenvulling te doneren aan de stichting van de andere voordat dat schamele aanmoedigingsprijsje klei in Rocky’s oren wordt. Klaas Dijkhoff: Stichting Favela Street graag, een beetje snel, want de klei hardt uit.

Carolina Trujillo is schrijfster.

Reageren

Reageren op dit artikel kan alleen met een abonnement. Heeft u al een abonnement, log dan hieronder in.