Burgemeester Aboutaleb verdubbelt het aantal huissluitingen om drugs

Ondermijning In Rotterdam is het aantal woningen dat de burgemeester sluit in verband met drugs bijna verdubbeld in twee jaar. Hij houdt onvoldoende rekening met de uitgezette huurders, zoals kinderen, vindt ombudsman Zwaneveld. „Je kan ze op straat zetten, maar ze verdampen niet.”

In Delfshaven wordt een pand met een wietplantage ontruimd. Bewoners mogen vervolgens vijf jaar geen sociale huurwoning meer huren in de regio Rotterdam.
In Delfshaven wordt een pand met een wietplantage ontruimd. Bewoners mogen vervolgens vijf jaar geen sociale huurwoning meer huren in de regio Rotterdam. Foto Hans van Rhoon/HH

Vanuit haar kantoor in het Minervahuis aan de Meent kan de Rotterdamse ombudsman Anne Mieke Zwaneveld het kantoor van burgemeester Aboutaleb nog net zien. De oud-officier van justitie heeft wel vaker kritiek op de burgemeester; dat is onderdeel van haar werk. En ze kiest haar woorden zorgvuldig, maar de verhalen van mensen die hun huis uit moeten raken haar. „Dan sta je op de stoep met drie kinderen. Lekker is dat.”

Haar zorgen richten zich op de gevolgen van de Opiumwet 13B, ook wel de Wet Damocles. Die wet maakt het voor burgemeesters mogelijk om woningen en openbare ruimten (lokalen) zoals cafés en winkels te sluiten als er middelen liggen die onder de Opiumwet verboden zijn. Op die grond werden in 2017 51 woningen gesloten in Rotterdam, vorig jaar 91 woningen en in 2019 zijn er tot dusver al 94 woningen dichtgetimmerd en afgeplakt. Volgens een woordvoerder van Aboutaleb is de stijging te verklaren door de aanpak van ondermijnende criminaliteit en omdat de wet „breder bekend is bij de politie”.

De toename van het aantal sluitingen heeft ook gezorgd voor een toename van het aantal klachten bij de ombudsman. Hulpverleners en huurders kloppen aan omdat ze het idee hebben dat de burgemeester bij een sluiting te weinig rekening houdt met individuele belangen, zegt de ombudsman. „En advocaten zeggen tegen mij: ik kom er niet doorheen.”

Maatregelen om dakloosheid tegen te gaan

Het sluiten van een woning is een bestuurlijke maatregel die burgemeesters inzetten om de openbare orde te handhaven. In wijken met veel drugsoverlast zou een sluiting overlast terugdringen en een signaal afgeven dat drugshandel niet loont. De verdachten van het strafbare feit worden mogelijk strafrechtelijk vervolgd, maar de sluiting kan ook bewoners treffen die niet voor de rechter hoeven te verschijnen. „Het zijn vaak moeders en kinderen die achterblijven”, vertelt de ombudsman.

Afweging

Van de burgemeester wordt bij een mogelijke sluiting van een woning een afweging verwacht: is een sluiting gerechtvaardigd of voldoet een waarschuwing? Die afweging maakt Aboutaleb in Rotterdam aan de hand van zijn Beleidslijn bestuurlijke handhaving artikel 13b Opiumwet Rotterdam 2019.

De ombudsman vindt dat die afweging “te strak” genomen wordt. De bevoegdheid van de burgemeester is wettelijk zo geregeld dat hij een woning kan sluiten als er meer dan de toegestane hoeveelheid drugs aanwezig is. De maximale hoeveelheid verschilt per soort drugs. „Maar enkel de aanwezigheid van drugs hoeft niet te betekenen dat de openbare orde geschaad is”, meent de ombudsman.

Het verstoren van de openbare orde was vóór 1999 nog wel een voorwaarde voor de sluiting van drugspanden. De wet legde de bewijslast bij de burgemeester, die moest constateren dat de orde was geschaad. Na de komst van de Wet Damocles was voor openbare ruimtes („lokalen”) het enkele bezitten van verboden middelen voldoende voor sluiting. In 2007 werd de wet uitgebreid waardoor burgemeesters om die reden ook woningen kunnen sluiten.

Het zijn vooral de kleine krabbelaars die de dupe zijn

Diezelfde wet is begin dit jaar opnieuw uitgebreid. Vanaf 1 januari is het ook mogelijk om woningen te sluiten waar zogenoemde voorbereidingshandelingen zijn getroffen, bijvoorbeeld voor de bouw van een hennepplantage. Voorheen was de aanwezigheid van drugs nog een voorwaarde voor sluiting van bijvoorbeeld xtc-labs of hennepplantages, dat is niet meer zo.

De gevolgen van die wetswijzigingen zijn misschien niet verrassend: het aantal uitzettingen neemt toe. De klachten beginnen de ombudsman in de loop van dit jaar op te vallen. Ze krijgt brieven van mensen die zelf hun huis uit moeten, maar ook van hulpverleners die de gezinnen die zij begeleidden op straat zien belanden. „De vraag is hoeveel maatschappelijke kosten burgemeestersluitingen met zich meebrengen. Je kan mensen op straat zetten, maar ze verdampen niet.”

De situatie in Rotterdam staat niet op zichzelf. Promovenda en docente Michelle Bruijn, verbonden aan de Rijksuniversiteit Groningen, beschreef in 2018 dat burgemeesters „dankbaar gebruikmaken” van hun bevoegdheid. In datzelfde onderzoek analyseerde Bruijn 217 rechtbankuitspraken over artikel 13B van de Opiumwet. Ze constateerde dat bij slechts 6 procent van de woningsluitingen eerst een waarschuwing was gegeven. Toen in 2006 de Tweede Kamer sprak over de uitbreiding van de burgemeesterssluitingen tot woningen, bestempelde toenmalig minister van Justitie Piet Hein Donner (CDA) het sluiten van een woning nog als een „laatste redmiddel”. Er zou „getrapte sanctionering” komen met waarschuwingen voor bewoners.

De realiteit is anders en de verruimingen van de wet van de afgelopen jaren brengt die op gespannen voet met het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens (EVRM). Huurders zouden naar de rechter kunnen stappen. Tot nu toe doen weinig dat. „Veel halen bakzeil”, vertelt Zwaneveld. „De bulk” van de klachten bij de ombudsman komt van bewoners van sociale huurwoningen. „Die hebben geen advocaat in hun achterzak zitten.”

Hennepafval

De gang naar de rechter mét advocaat is geen garantie voor succes, merkte de Rotterdammer die mei dit jaar in beroep ging tegen de sluiting van zijn woning. Daar waren 218 gram hennep, munitie en onderdelen van een vuurwapen waren aangetroffen. In het huis woonden ook zijn dochter en kleinzoon, die volgens hem nergens anders heen konden. Dat het volgens de man om 218 gram „hennepafval” ging, maakt voor de wet niet uit: het overschrijdt ruimschoots de gebruikershoeveelheid van 5 gram en de woning bleef gesloten.

„Het is de illusie van veiligheid afgezet tegen barmhartigheid”, meent Zwaneveld, die zich zorgen maakt over de „achterblijvers” van deze maatregel. „Als je een moeder met drie kinderen bent, waar ga je naartoe?”

Na de sluiting van de woning door de burgemeester komen huurders bij woningcorporaties op een lijst. Dat betekent dat ze voor een periode van 5 jaar geen sociale huurwoningen in de regio Rotterdam kunnen huren. Vanaf dat moment zijn mensen aangewezen op hun eigen netwerk of belanden ze bij het Leger des Heils. En die groep wordt groter, ziet Zwaneveld. „De burgemeester heeft het recht maar niet de plicht om woningen te sluiten. Elke situatie is anders.” De ombudsman zou het liefst zien dat mensen die hun huis zien sluiten een advocaat zouden krijgen. „Dat is het minst dat je kunt doen als je dit soort stoere maatregelen wil nemen met een duidelijk bestraffend karakter tegen partijen waarvan je kunt vermoeden dat die niet op korte termijn juridische bijstand kunnen regelen.”