Analyse

Olie en gas zorgen voor meer CO2

Klimaat Goede voornemens zijn er genoeg, maar 2019 wordt toch weer een recordjaar als het gaat om de uitstoot van het broeikasgas CO2.

Het wereldwijde verbruik van kolen is in 2019 afgenomen. Maar dat van aardolie en zeker van aardgas is gestegen, net als de productie van cement. Per saldo zal de menselijke uitstoot van broeikasgas CO2 over het lopende jaar wederom stijgen ten opzichte van het vorige, en een nieuw record bereiken. De uitstoot zal naar schatting uitkomen op 37 gigaton (miljard ton) CO2, dat is 0,6 procent meer dan in 2018. Dat schatten onderzoekers op basis van gegevens over de eerste negen maanden van dit jaar. Ze hebben zich beperkt tot het gebruik van fossiele brandstoffen en de productie van cement – samen goed voor negentig procent van de totale door de mens veroorzaakte CO2-uitstoot. De resultaten zijn recent gepubliceerd in het tijdschrift Environmental Research Letters.

Uit de cijfers blijkt dat de CO2-uitstoot in Europa en de Verenigde Staten gestaag blijft dalen. In Europa sinds de jaren 80, in de VS sinds de jaren 2000 – hoewel er vorig jaar een opleving was. Maar die daling wordt meer dan gecompenseerd door een stijging in andere landen, China en India voorop.

Tegelijkertijd publiceerde bijna dezelfde groep wetenschappers een commentaar in Nature Climate Change. Ze roepen op het overheidsbeleid ook te gaan richten op het terugdringen van de winning en productie van fossiele brandstoffen. Het huidige beleid richt zich nog sterk op het stimuleren van duurzame energie. En de productie van bijvoorbeeld wind- en zonne-energie, en elektrische auto’s, neemt weliswaar snel toe, maar vult vooralsnog vooral de extra vraag naar energie (deels) in die er is vanuit een wereldbevolking die in aantal en welvaart groeit. Het beleid moet zich meer richten op het langzaam vervangen van olie en gas. „Het is duidelijk dat we lang niet genoeg doen om de uitstoot van CO2 naar beneden te krijgen”, zegt Detlef van Vuuren, senior onderzoeker bij het Planbureau voor de Leefomgeving, niet bij de studie betrokken.

De toenemende uitstoot van CO2, en andere broeikasgassen, zorgt voor opwarming van de aarde. In 2015 is bij de Verenigde Naties afgesproken die opwarming te beperken tot 2 graden Celsius, en te streven naar een maximale opwarming van 1,5 °C: het Parijs-akkoord. „Maar de doelen die individuele lidstaten nu hebben gesteld, zijn niet bindend”, zegt Van Vuuren. Bovendien zijn ze onvoldoende – als ze al geheel worden bereikt zal de aarde nog steeds 3 °C opwarmen (zonder die maatregelen zou het 4 tot 5 °C zijn).

Sinds de pre-industriële tijd is de aarde inmiddels 1,1 °C opgewarmd, schrijven de onderzoekers. Om onder de 1,5 °C te blijven moet de uitstoot van broeikasgassen rond 2050 zijn teruggebracht tot nul. Met andere woorden, de uitstootpiek moet snel worden bereikt, om daarna alleen nog maar af te nemen. Maar vooralsnog blijft de uitstoot toenemen: ook voor 2020 verwachten de onderzoekers weer een verdere stijging.

Ze schetsen de enorme opgave om die uitstoot snel te laten pieken. Want in de VS is bijvoorbeeld het autobezit per hoofd van de bevolking bijna 1, terwijl het in China en India respectievelijk 1 auto op 6 mensen en 1 auto op 40 mensen is. Een vergelijkbaar autobezit zoals in de VS zou voor een miljard extra voertuigen zorgen, schrijven ze, en dus een enorme extra vraag naar olie, voor benzine en diesel. Een alternatief is de elektrische auto – die dan wel op groene stroom moet rijden. In 2018 kochten Chinese consumenten weliswaar 1,1 miljoen elektrische auto’s, meer dan in welk land ook, maar dat valt nog steeds in het niet bij de aankoop van 22 miljoen auto’s met verbrandingsmotor.

Floor Alkemade, hoogleraar Economie en beleid van technologische innovaties aan de Technische Universiteit Eindhoven, zegt dat het beleid zich nu te veel richt op slechts een deel van het systeem. „Terwijl je naar het systeem als geheel moet kijken.” Dus, naast nieuwe technologieën stimuleren, moet je oude afbouwen. „Je zou bijvoorbeeld subsidies voor fossiele energie kunnen aanpakken. Die zijn nu nog best groot.” Maar, zegt Alkemade, tegelijk wil je voorkomen dat bedrijven, en hun vervuiling, naar elders verkassen. De omslag gaat makkelijker als dreigend banenverlies in de oude industrie samengaat met nieuwe kansen in de nieuwe industrieën. En je moet uitkijken voor nieuwe afhankelijkheden: het verbruik van kolen neemt af, maar het wordt vooral vervangen door het schonere, maar nog steeds vervuilende aardgas. „Een goed pakket aan maatregelen samenstellen is lastig. Fossiele brandstoffen zijn diep in onze samenleving verankerd.” Maar landen zijn er wel mee bezig, zegt Alkemade.

Van Vuuren zegt dat hij optimistischer is dan een paar jaar geleden. „Ik zie ‘onder water’ van alles verschuiven.” Investeringsstromen, innovaties bij bedrijven, ook in de oude industrie. „Tien jaar geleden kon ik me bijvoorbeeld nog niet voorstellen dat de elektrische auto zo snel zou opkomen.”