Vier leuke en halvegare taalkalenders

Ewoud Sanders

Woordhoek

Nu het Sinterklaasfestijn voorbij is, kunnen we ons richten op taalgeschenken voor onder de kerstboom. Of onder de bijboom, want van een handelaar in kerstbomen leerde ik onlangs dat steeds meer mensen een tweede, kleine kerstboom kopen – de bijboom. Ditmaal kijken we naar taalkalenders voor 2020, want het nieuwe jaar komt snel in zicht.

De nieuwste loot aan de taalkalenderstam is de Etymologiekalender van uitgeverij Brill (prijs: €14,99, net als de overige kalenders). Etymologie is de tak van de taalwetenschap die zich bezighoudt met de herkomst van woorden en uitdrukkingen. Vier enthousiaste studenten Vergelijkende Indo-Europese Taalwetenschap van de Universiteit Leiden stelden de kalender samen. Hun stukje voor Nieuwjaarsdag luidt: „Proost! Dat het maar weer een mooi jaar mag worden – hopelijk net zo mooi als deze eerste etymologie. Het woord proost komt uit het Latijn: het is een verkorting van prosit, van het werkwoord prodesse (met een streepje op de o) ‘ten voordeel zijn’. Letterlijk vertaald betekent de uitroep ‘Moge het (u) ten voordeel zijn’. Daar drinken we op!”

Latijn, Oudgrieks, Oudengels, Frankisch, Proto-Germaans, Proto-Indo-Europees: de studenten putten uit allerlei talen en schrijven er leuke, informatieve, korte stukjes over. Eén voorbeeld nog: zool in halve zool is een verbastering van het Engelse asshole. Halve is eraan toegevoegd naar het voorbeeld van halvegare.

De Taalkalender van het Genootschap Onze Taal is de oudste en verschijnt voor de 27ste keer. Deze kalender kent zeven themadagen: taaladviesdag, vertaaldag, taalkronkeldag, moeilijkewoordendag, puzzeldag, woordweetjesdag en straatnamendag.

Het eerste taaladvies gaat over het gebruik van hoofdletters en aanhalingstekens. Concreet: over het verschil tussen onder andere Ze dacht: het wordt weer een heerlijk jaar! En: Ze zei tegen haar kinderen: „Het wordt weer een heerlijk jaar!” Gedachten zijn – anders dan citaten – geen letterlijke weergaven van iemands (hoorbare) woorden en krijgen daarom geen aanhalingstekens.

Het Genootschap Onze Taal geeft nog een taalkalender uit, in samenwerking met Kidsweek: de Kindertaal scheurkalender. Ook deze kalender heeft themadagen: taalblunders, puzzels, mop van de dag, spreekwoorden en raadsels. Het weekend is gereserveerd voor taalspelletjes.

In sommige spreekwoorden klinkt een didactische boodschap door, zoals in deze: „Willem steekt zijn … in het zand, maar als hij niet harder werkt, blijft hij zitten. Wat moet er op de puntjes staan?” In de toelichting wordt uitgelegd dat een struisvogel zijn kop in het zand steekt.

In samenwerking met taalvoutjes.nl geeft uitgeverij Van Dale de Taalvoutjes-scheurkalender uit, met een motto dat steeds meer leraren zorgen begint te baren: „Het hele jaar door goed vout!”

Op de achterflap wordt de inhoud als volgt samengevat: „De grootste pret op het toilet, dat krijg je met deze Taalvoutjes-scheurkalender. We zetten nooit eerder vertoonde voutjes, onze favoriete klassiekers en lekkere woordgrappen (niet vout, wel leuk!) op een rij. Geniet van taalanekdotes van onze fans en test je taalkennis met het woordenboekspel.”

Humor voert hier dus de boventoon; het is „een scheurkalender om je te bescheuren”. Eén voorbeeld: Nieuwjaarsdag toont een foto van een sausbakje met daaronder de tekst ‘Zoutzuursaus’. Als commentaar is toegevoegd: „Ben je meteen die nieuwjaarskilo’s kwijt.”

schrijft elke week over taal. Twitter: @ewoudsanders