Toezichthouder grijpt in bij ruzie verzekeraar en ggz

Onderhandelingen De Nederlandse Zorgautoriteit grijpt in bij conflict tussen VGZ en Parnassia. Patiënten kunnen er weer terecht.

Het nieuwe logo boven de hoofdingang van zorgverzekeraar VGZ in Arnhem. Foto Erik van 't Woud/ ANP
Het nieuwe logo boven de hoofdingang van zorgverzekeraar VGZ in Arnhem.

Foto Erik van 't Woud/ ANP

Zorgtoezichthouder NZa heeft dinsdagmiddag ingegrepen bij een hoog opgelopen onderhandelingsconflict tussen zorgverzekeraar VGZ en ggz-instelling Parnassia in Den Haag. De patiëntenstop is daardoor van de baan: patiënten die bij VGZ zijn verzekerd, mogen dit jaar alsnog een behandeling beginnen bij Parnassia. VGZ moet van de NZa „realistische tarieven” betalen voor de behandelingen. Dit zou de NZa tijdens de bijeenkomst hebben geëist.

Woensdag moeten de twee partijen verder onderhandelen over de aantallen patiënten die Parnassia volgend jaar mag behandelen.

Dinsdag moesten VGZ en Parnassia bij de Nederlandse Zorgautoriteit verschijnen omdat het onderhandelingsconflict publiekelijk en „over het hoofd van patiënten” werd uitgevochten. Het gebeurt maar zelden dat de NZa op deze manier direct ingrijpt in onderhandelingen. „In principe gaan wij niet over de inhoud van die gesprekken”, zegt een woordvoerder. „Maar nu werd publiciteit als drukmiddel gebruikt en ontstond er onrust bij psychische patiënten.” Er zijn lange wachtlijsten in de ggz.

In 2017 greep de toezichthouder ook in bij ggz-instelling Emergis uit Zeeland, dat in conflict was met zorgverzekeraars CZ en Zilveren Kruis.

Onderhandelingsstijl

Parnassia kondigde afgelopen weekend per direct een patiëntenstop af voor VGZ-verzekerden. Een ingrijpende beslissing, want VGZ is een van de grootste zorgverzekeraars en Parnassia is de grootste ggz-instelling van Nederland.

Parnassia is boos over de onderhandelingsstijl van VGZ. De organisatie schreef op de website dat een bestuurslid van VGZ tijdens een gesprek over ontstane wachttijden had gezegd dat „psychische problemen zich meestal zelf wel oplossen. Je kan beter niets doen, mensen herstellen spontaan en dat maakt dat de meeste psychische hulp niet zinnig is”. Bewijs dat iemand dit heeft gezegd staat in het gespreksverslag van de onderhandelingen, zegt de woordvoerder van Parnassia. VGZ ontkent dat dit gezegd is en wil verder niet inhoudelijk ingaan op de onderhandelingen.

VGZ zou tegen Parnassia hebben gezegd dat de instelling volgend jaar nog maar 2.000 nieuwe VGZ-verzekerden per maand als patiënt mag aannemen. Nu zijn dat er elke maand 2.500. Dat wordt in het contract vastgelegd en heet een ‘omzetplafond’. Dit jaar ging Parnassia over het met VGZ afgesproken omzetplafond heen. Voor behandeling van patiënten met een VGZ-verzekering dit jaar en vorig jaar krijgt Parnassia nog 16 miljoen euro van VGZ, zegt Parnassia. VGZ wil 88 procent van het ggz-tarief vergoeden. De NZa heeft nu gezegd dat de verzekeraar een „realistisch tarief moet vergoeden”.

Parnassia zegt dat het al „heel efficiënt” werkt en „groen” scoort bij VGZ, omdat het goedkoper is dan andere grote ggz-instellingen. In totaal behandelt Parnassia jaarlijks zo’n 186.000 patiënten, van Texel tot de Zuid-Hollandse eilanden. Adviezen via internet zijn bijvoorbeeld een uitkomst, zegt de woordvoerder.

Er staan 3.300 VGZ-verzekerden op een wachtlijst bij Parnassia. „Als we minder VGZ-verzekerden mogen aannemen, zal hun wachttijd langer worden. We selecteren nu nog op urgentie: de ernstigst zieken worden het eerst geholpen, maar we zullen op verzekeraar moeten selecteren. Bent u verzekerd bij VGZ? Dan moet u even wachten.”

Omzetplafonds

In het najaar onderhandelen alle ziekenhuizen en grote zorginstellingen, zoals Parnassia, met de grote zorgverzekeraars over het budget voor het komende jaar. Door een ‘omzetplafond’ af te spreken, proberen verzekeraars minder efficiënte instellingen te dwingen om hun werkwijze te veranderen. Bereikt die instelling het plafond, dan moeten patiënten van die verzekeraar uitwijken naar een andere instelling. De verzekeraar is wel verplicht om te regelen dat alle patiënten voor medisch noodzakelijke zorg binnen een redelijke termijn ergens terecht kunnen. „Je hebt recht op zorg uit het basispakket, maar niet per se in een bepaald ziekenhuis”, aldus de NZa.

De eerste patiëntenstop van dit jaar, als gevolg van een ‘omzetplafond’ voor VGZ-verzekerden in het Rotterdamse Ikazia-ziekenhuis, leidde tot veel verontwaardiging. De Consumentenbond noemde het in een reactie „onacceptabel” dat VGZ-verzekerden niet meer in het Ikazia terecht konden. „Dit is de omgekeerde wereld. Verzekerden gaan voor een jaar een contract aan met een zorgverzekeraar en kunnen tussentijds niet overstappen.”

Bovendien zei de Consumentenbond, net als de Nza nu zegt: „Conflicten mogen verzekeraars en ziekenhuizen niet uitvechten over de rug van patiënten.” De Consumentenbond vindt dat de patiënt in het geval van een omzetplafond halverwege het jaar moet kunnen overstappen naar een verzekeraar die nog wél ruimte heeft bij dat ene ziekenhuis.

Nu mag de verzekerde (iedereen dus) alleen in december overstappen van verzekeraar. Wel zijn verzekeraars sinds dit jaar verplicht om op de website te zetten met welke instellingen ze een plafond hebben afgesproken. De verzekerde heeft daar alleen weinig aan, want het is onvoorspelbaar wanneer dat plafond bereikt is en hij dus mogelijk buiten de boot valt.

Kan de arts, of een zorginstelling, patiënten adviseren om over te stappen op een andere verzekeraar? Dat mag niet, zegt de NZa-woordvoerder. „Hij zou dan in zijn eigen belang kunnen adviseren.” Ofwel: patiënten adviseren om over te stappen naar een zorgverzekeraar die wél zaken doet met hem. „En misschien is de patiënt voor een andere kwaal wel beter af bij de verzekeraar waar hij al zit. De mens is een geheel, niet één onderdeel.”