Analyse

Met zoveel presentatoren is het risico op onverschilligheid groot

Talkshow Op1 moet de grote talkshow van NPO1 worden. Een gewaagd avontuur met vijf wisselende en relatief onbekende presentatieduo’s. Dat kan ook zo weer afgelopen zijn in het kijkcijfergerichte Hilversum.

Matthijs van Nieuwkerk en Marc-Marie Huijbregts tijdens de opnames van de speciale DWDD-jubileumeditie vanuit studio 22.
Matthijs van Nieuwkerk en Marc-Marie Huijbregts tijdens de opnames van de speciale DWDD-jubileumeditie vanuit studio 22. Foto Koen van Weel / ANP

Een jaar geleden leken de talkshows van de publieke omroep onaantastbaar. In een paar maanden tijd was concurrent Twan Huys volledig verpulverd door Pauw, Jinek en in mindere mate Nieuwsuur. In de vooravond had iedereen er zich al eerder bij neergelegd dat er weinig groeit in de schaduw van De Wereld Draait Door.

Die posities zijn van essentieel belang, omdat de analisten ervan overtuigd zijn dat bij het krimpen van de lineaire markt, liveprogramma’s het langst overeind zullen blijven. Een goede anchor kan het anker zijn van een hele zender.

Lees ook: Pauw stopt en wordt vervangen door vijf duo’s

Maar nu? Eva Jinek is naar RTL, Jeroen Pauw kondigde maandag aan te stoppen en het vertrek van Matthijs van Nieuwkerk (hij komt later deze maand met een aankondiging) lijkt ook aanstaande. Ineens is de grote baas een underdog geworden: NPO1 strijdt vanaf januari tegen Eva Jinek met vijf wisselende presentatieduo’s – het is de vraag of zij, opererend onder de titel Op1, de kijker kunnen verleiden. Een oordeel over een talkshow is immers in de allereerste plaats een oordeel over een presentator. Dat kan leiden tot op een haar-na-heiligverkaringen (Pauw, Jinek, Humberto Tan) of verkettering (Tan in zijn laatste jaar, Twan Huys), maar het leidt zelden tot onverschilligheid. Dat gevaar is bij wisseldiensten juist groot.

Lees ook een Zap over Humberto Tan: Jammer dat het warme bad van Tan leegloopt

Het gaat vaak mis

Met deze constructie stapelt de NPO de risico’s op elkaar. Een per dag verschillende presentator maakt dat de kijker maar heel langzaam de tijd krijgt om aan een gezicht te wennen – en de presentator kan maar heel geleidelijk aan zijn of haar nieuwe functie wennen. Bij de NPO wijst men graag op wisselend gepresenteerde programma’s als Met het oog op morgen en Nieuwsuur, maar dat zijn actualiteitenprogramma’s, geen talkshows. Dat geldt ook voor RTL Boulevard.

Daarbij komt dat het resultaat van duopresentatie bij elk koppel ongewis is. Het loopt van de natuurlijke wisselwerking tussen Frits Barend en Henk van Dorp en het hilarisch onbegrip tussen Mart Smeets en Maartje van Weegen tot Wilfred Genee en Hélène Hendriks, die nu elke zondag worstelen met hun rollen in Café Hendriks & Genee. Eén ding is zeker: het gaat vaak mis.

Tegenover die risico’s staat de charme van het nieuwe. Er zit veel relatief onbekend talent in het straks aantredende tiental: Willemijn Veenhoven, Erik Dijkstra, Sophie Hilbrand, Hugo Logtenberg, Carrie ten Napel, Charles Groenhuijsen en (waarschijnlijk) Giovanca Ostiana, Tijs van den Brink, Fidan Ekiz en Jort Kelder. Ineens krijgt de programmering een avontuur waar, hoe zullen we het zeggen, NPO1 de laatste jaren geen patent op had.

Lees ook de column van Marcel van Roosmalen: Talkshowhost

Bovendien wordt de kracht van een talkshow niet alleen vóór de schermen, maar ook achter de schermen bepaald. Een sterke redactie is het halve werk; wat dat betreft is het geruststellend voor de omroepleiding dat Jeroen Pauw, Omroepman van het Jaar, het nieuwe programma gaat produceren en mogelijk later ook in een nieuw presentatieduo zal opduiken. Bovendien krijgt Op1 wel één redactie.

NPO-baas Frans Klein kondigde maandag aan heel 2020 met wisselende koppels te willen werken, om zo de veelheid aan talent van de publiek omroep te tonen. Nadeel van tweetallen die door een omroep naar voren worden geschoven, is dat daarmee ook weer de omroeppolitiek om de hoek komt kijken. De laatste jaren heeft de NPO-leiding juist met behoorlijk succes geprobeerd de macht van de omroepen te breken; je kunt hier ook tekenen van een koerswijziging in zien.

De herwaardering van de omroepidentiteit past overigens in de mediaplannen van minister Slob, die hecht aan de rol van die omroepen. Onduidelijk is vooralsnog wat de rol van de omroepen zal zijn bij Op1. Blijft die beperkt tot het leveren van presentatoren en een logo in beeld, of gaan bijvoorbeeld BNNVARA en de EO de inhoud van de uitzendingen op ‘hun’ dag mede bepalen?

Lees ook over het omroepbeleid van het kabinet: Extra geld Songfestival maar ook minder reclame

Commerciële logica

Intussen kan je de zaak ook van een heel andere kant bekijken: want de wettelijke taak van de publieke omroep is niet in de eerste plaats het trekken van zo veel mogelijk kijkers. Dat is het maken van goede programma’s. Als die minder kijkers trekken dan een talkshow bij de commerciële omroep is dat misschien niet prettig voor de publieke ego’s, maar het biedt ook een kans om meer diepgang te zoeken en iets te maken wat afwijkt van datgene waarin nu iedereen op elkaar probeert te lijken.

Lees ook: Twan Huys en RTL Late Night: een op alle fronten mislukt project

Of dat gebeurt? In de dagelijkse praktijk is NPO1 een zender die hoofdzakelijk wordt geleid volgens de logica van de commerciële televisie, waarmee het de vraag is hoe lang deze vrij gecompliceerde constructie zal blijven bestaan. Onder druk van kijkcijfers wordt in Hilversum alles vloeibaar: binnen zes weken kunnen de kaarten helemaal anders liggen. Bijvoorbeeld als de scores van de duo’s ver uiteen lopen – of gewoon heel erg tegenvallen.

Het ligt voor de hand dat er uiteindelijk gewoon gekozen gaat worden: wat dat betreft is het extra spannend om naar de relatieve nieuwkomers Veenhoven (De Nieuws BV, op Radio 1), Logtenberg (Buitenhof), Ten Napel (De Perstribune, ook Radio 1), Ostiana (nu Vrije geluiden) en Ekiz (De nieuwe maan) te kijken.

„Het wordt een soort Idols voor presentatoren” voorspelde televisiekenner Angela de Jong (AD) maandag al bij Spraakmakers op de radio. Zeker is dat de aanvoer van tien verse presentatoren zeer veel stof tot analyses, kritiek en ongericht gebabbel zal geven. Zeker op de plaats waar men het liefst en het vaakst over televisie praat. Juist: op televisie.