‘Hormoongif’ in groenten en fruit: hoe erg is dat?

Hormoonverstoorders De Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA) en Trouw berichtten over hormoonverstoorders in groente, fruit en kruiden. Vooral producten van buiten de Europese Unie overschrijden geregeld de toegestane waarden.

Groenten en fruit vaak vervuild met hormoongif.’ Met deze alarmerende kop opende dagblad Trouw dinsdag de krant. Bestrijdingsmiddelen zouden de hormoonbalans aantasten, met het risico op aangeboren afwijkingen, onvruchtbaarheid, ADHD en autisme. Trouw liet cijfers van de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA) onderzoeken door René Houkema, een ‘adviseur voor duurzaam voedsel’, en trok deze conclusie.

Vooruitlopend op Trouw publiceerde de NVWA maandag een persbericht met een iets andere strekking: groenten en fruit uit Nederland en de rest van de Europese Unie bevatten weinig resten van bestrijdingsmiddelen. Overschrijdingen worden vooral gevonden in producten uit een aantal niet-EU-landen. Een gezondheidswaarschuwing voor deze producten bevat het bericht niet.

1 Wat staat er precies in dat rapport van de NVWA?

De NVWA controleert steekproefsgewijs hoeveel bestrijdingsmiddelen er op groenten en fruit zitten die in Nederland worden ingevoerd en verkocht. Producten uit de EU overschrijden bijna nooit de limiet. Producten en landen met een groter risico worden extra gecontroleerd. De maximaal toegestane waarden worden vaker overschreden bij producten van buiten de EU, zoals Turkije, Thailand of Kenia. Een voorbeeld: een kwart van de bemonsterde paprika’s bevatten te veel resten van bestrijdingsmiddelen.

De NVWA kijkt hiervoor naar de ‘acute referentiewaarde’ – de hoeveelheid die je in één keer mag binnenkrijgen zonder dat er risico is voor de gezondheid. Als die grens wordt overschreden, haalt de NVWA producten uit de handel en geeft een boete. In 2018 gebeurde dat zeventien keer, bijvoorbeeld bij druiven uit Peru en kiwi’s uit China.

2 Wat zijn hormoonverstoorders?

Dat zijn chemische stoffen die onder meer in bestrijdingsmiddelen zitten en die in te hoge doses de hormoonhuishouding kunnen verstoren. Dat kan op twee manieren, legt emeritus hoogleraar toxicologie Martin van den Berg van de Universiteit Utrecht uit.

Het eerste effect werkt op hormoonreceptoren. „Door de aanwezige stoffen op groente en fruit worden bepaalde hormonen in het lichaam niet meer waargenomen. Hierdoor wordt de hormoonbalans verstoord.”

Het tweede effect is de verstoring van de natuurlijke aanmaak van hormonen door het lichaam. „Bij de vorming van hormonen spelen bepaalde enzymen een belangrijke rol. De werking van deze enzymen kan geremd worden door een hoge dosis hormoonverstoorders.”

Bij ongeboren baby’s en jonge kinderen kunnen de geslachtshormonen worden aangetast. Dat kan later leiden tot onvruchtbaarheid. Ook een langzamere hersenontwikkeling kan een gevolg zijn.

3 Om welke stoffen gaat het?

Van den Berg noemt vier gevaarlijke hormoonverstoorders die de NVWA ook terugvond. Prochloraz verstoort de hormoonvorming. „Bij jonge muizen is al bewezen dat het de ontwikkeling van de foetus tegenwerkt.”

Een recent onderzoek toonde aan dat chloorpyrifos de hersenontwikkeling verstoort. Wetenschappelijke consensus over dat laatste is er volgens Van den Berg nog niet: „Maar in potentie kan chloorpyrifos heel gevaarlijk zijn.” Tebuconazool en hexaconazool zijn twee stoffen die bij relatief hoge concentraties de hormoonreceptoren verstoren.

4 Hoe gevaarlijk zijn die stoffen in de praktijk?

Voor alle stoffen geldt dat ze alleen in hoge doses gevaarlijk zijn. „Ik heb echter zelden gezien dat de concentraties zo hoog waren dat het gevaarlijk werd”, zegt Van den Berg. „De dosis maakt het gif.”

Mensen schrikken van zware termen als ‘hormoongif’. „Maar we moeten hierdoor niet onnodig in paniek raken.” De normen zijn afgesteld op het slechtste scenario. „Maar niemand eet tien granaatappels per dag”, zegt Van den Berg.

De overschrijdingen uit het NVWA-rapport moeten volgens Van den Berg wel serieus genomen worden. „Als een limiet van deze stoffen bereikt wordt, moet je echt ingrijpen”, zegt Van den Berg. „Maar de soorten groenten en fruit waar het in het rapport over gaat, zijn geen producten waarvan je een kilo per dag eet.” De limieten houden er bovendien rekening mee dat je aan meer stoffen wordt blootgesteld.

Overigens meldt het NVWA-rapport niet hoe groot de overschrijdingen van de norm zijn. „Dan is het dus niet mogelijk om het daadwerkelijke risico te bepalen”, aldus Van den Berg.

Opvallend is dat ook de Verenigde Staten in het rijtje staat van landen die de Europese grens voor bestrijdingsmiddelen overschrijden. Dat laat zien dat niet overal hetzelfde wordt gedacht over de risico’s.

5 Waar kan de consument op letten?

De consument kan er rekening mee houden dat het risico het kleinst is bij producten uit Nederland en de EU. „Het gaat in dit geval louter om voorzorg”, aldus Van den Berg. „Vanuit toxicologisch oogpunt zou ik het zwangere vrouwen en jonge kinderen afraden om groente en fruit van buiten Europa te eten”, zegt hij. „Maar het is geen must.”

Het wassen en schillen van groenten en fruit helpen maar een beetje. Veel hormoonverstoorders zijn namelijk niet oplosbaar in water en trekken in de vrucht.

6 Zijn biologische producten beter voor de gezondheid?

„Daar hóren in ieder geval minder van die stoffen op te zitten”, lacht Van den Berg. „Maar veel biologische akkers liggen naast ‘gangbare’ akkers. Als die bespoten worden met bestrijdingsmiddelen, nevelt dat ook neer op de bio-akker.”

En vergeet niet: naast de synthetische hormoonverstoorders zijn er ook natuurlijke verstoorders. „Deze zitten uiteraard ook gewoon in biologische groenten en fruit”, zegt hij. „Voor je gezondheid hoef je niet per se biologisch te eten. Dat doe je alleen om het milieu te ontzien.”