Rode Finse coalitie wordt geheel geleid door vrouwen

Finland Finlands rode coalitie wil de verzorgingsstaat beschermen. De premier en de leiders van de partijen in de coalitie zijn allen vrouw.

De Finse premier Sanna Marin eerder dit jaar bij een partijcongres.
De Finse premier Sanna Marin eerder dit jaar bij een partijcongres. Foto Kimmo Brandt/EPA

Nu Sanna Marin door haar sociaal-democratische partij SDP is voorgedragen als nieuwe premier, doet zich in de Finse politiek een zeldzaam feit voor: alle vijf coalitiepartijen worden geleid door een vrouw. Marin wordt met haar 34 jaar bovendien de jongste Finse premier ooit. Vier van de vijf fractievoorzitters zijn dertigers.

Vrouwelijke partijleiders hadden met tachtig procent al een groot aandeel in de ‘rode’ Finse coalitie, maar door het aftreden van premier Antti Rinne vorige week, is ook de laatste man uit het hart van de politieke macht verdwenen. Marin zal hem naar verwachting ook opvolgen als partijvoorzitter van de SDP.

Rinne (57) besloot vorige week op te stappen als premier, zes maanden na de installatie van zijn nieuwe regering. Aanleiding was een langdurige staking bij Posti, het staatspostbedrijf, en het verkeerd informeren van het parlement daarover door een minister uit Rinnes ploeg.

Werknemers van Posti waren boos over een aangekondigde versobering van hun arbeidsvoorwaarden en die onvrede had zich uitgebreid naar andere staatsbedrijven, zoals Finnair. Inmiddels is er een akkoord met de werknemers van Posti.

Onbekende figuur

Voor veel Finnen is Marin een relatief onbekende figuur, die direct vanuit de schoolbanken de politiek is ingerold, zoals wel vaker voorkomt in de noordelijke Europese landen met hun actieve jeugdbewegingen die nauw gelieerd zijn aan politieke partijen en vakbonden.

Marin behoort ook tot die generatie ‘politieke vleeskuikens’, zoals een oud-hoofdredacteur van de krant Helsingin Sanomat ze eens noemde. De kritiek komt er kort gezegd op neer dat er een politieke klasse gekweekt wordt met weinig levenservaring op de botten, die uiteindelijk niet bij machte is het volk goed te bedienen.

De nieuwbakken premier kan niets met die kritiek, liet ze in 2016 al eens weten in een blog op haar website. Natuurlijk: ze rolde al op jonge leeftijd de politiek in en kwam via de gemeenteraad van haar woonplaats Tampere ook in het nationale parlement terecht, in 2015. Ze verving partijleider Rinne vorig jaar al eens bij ziekte en werd zes maanden terug minister van Transport in het kabinet dat nu onder haar leiding wordt voortgezet.

Critici van de generatie jonge beroepspolitici weigeren ‘de mens achter de politicus’ te zien, is Marins verweer. Als dochter uit een gebroken gezin, waar haar alcoholistische vader al op jonge leeftijd uit beeld verdween, zegt ze als geen ander de zegeningen van de Finse verzorgingsstaat te kennen. Die heeft haar in staat gesteld, zo schrijft ze in haar blog, om als een van de eersten in haar familie hoger onderwijs te volgen, aangemoedigd door veeleisende leraren.

Daarnaast heeft de seksuele geaardheid van haar moeder, die opgroeide in een weeshuis en na haar scheiding ging samenwonen met een vrouw, haar veel geleerd over de manier waarop de samenleving naar mensen kijkt – ten positieve én ten negatieve.

Uit al die ervaringen kwam de drang voort zich op te werpen als hoeder van de verzorgingsstaat, zo legde Marin uit in een brief aan de leden van haar partij, vlak voor de leiderschapsverkiezing van afgelopen zondag. „Voor mij betekent een verzorgingsstaat vrijheid, gelijkheid en solidariteit. De vrijheid van de mens om dingen te doen en te bereiken, ongeacht zijn achtergrond. Een kans voor een goed leven, een fatsoenlijk levensonderhoud en maatschappelijke participatie.” Mede door dit pleidooi won Marin nipt van haar mannelijke tegenstrever.

Het coalitie-akkoord dat haar voorganger Rinne deze zomer smeedde met vier andere partijen van het rode blok, wordt mede op verzoek van de coalitiegenoten niet opengebroken. Marin zal zich dus met andere zaken moeten profileren, zoals het stuiten van de Finnenpartij, de radicaal-rechtse partij die mede door het postschandaal bij de SDP nu met afstand de grootste partij is in de peilingen.