Analyse

Een waardevol luxemerk bepaalt zelf zijn prijs

Deze rubriek belicht iedere maandag ontwikkelingen op de beurs. Deze keer: beleggers die baden in luxe.

Niets zo grillig en ongrijpbaar als mode. Nou, daar hebben ze in Frankrijk wat op bedacht. Want Gucci, Louis Vuitton, Hermès, Yves Saint Laurent of Dior, ze hebben één ding gemeen: de luxueuze modehuizen zijn ondergebracht in een beursgenoteerd Frans conglomeraat. Zo blijf je als moederbedrijf wellicht net wat langer in de mode.

De grootste is het Franse luxe-imperium LVMH, waarvan de letters staan voor Louis Vuitton, Moët en Hennessy. Door de jaren heen zijn de modehuizen namelijk aangevuld met peperdure parfums, horloges en eeuwenoude kwaliteitsdranken als champagne en cognac. LVMH trok dit najaar de nodige aandacht met de overname van het Amerikaanse juweliershuis Tiffany & Co voor bijna 15 miljard euro, de grootste overname ooit in een sector waarin het nooit opruiming is en de winstmarges torenhoog zijn.

Nu roert ook de concurrentie zich. Het eveneens Franse luxeconglomeraat Kering – eigenaar van Gucci, Yves Saint Laurent en sportmerk Puma – heeft zijn oog laten vallen op Moncler. Dit Italiaanse kledingbedrijf slijt sportieve, gewatteerde jassen die je vooral aantreft op de pistes van mondaine Zwitserse skioorden.

Moncler, waarvan de koers 12 procent steeg nadat Kerings interesse bekend werd, maakte in 2013 een succesvolle gang naar de beurs. Op de eerste dag steeg de koers met liefst 47 procent, waardoor de marktwaarde van het bedrijf steeg naar 3,7 miljard euro. Sindsdien doet het aandeel het over de lange termijn gezien uitstekend. Dat geldt overigens evenzeer voor veel andere luxe-bedrijven in de S&P Global Luxury Index, aangejaagd door de almaar toegenomen bereikbaarheid van luxeproducten in veel landen, waaronder China.

Vandaag de dag ligt de marktwaarde van Moncler rond de 11 miljard euro. „Daarmee zou de overname door Kering relatief gezien groter zijn dan de overname van Tiffany & Co door LVMH”, zegt analist Cor Blankestijn, die de luxemarkt sinds 2008 volgt voor ING. Kering heeft een beurswaarde van 68 miljard euro, waar beleggers LVMH ruim 200 miljard waard vinden. Blankestijn: „Kering moet groeien om te kunnen concurreren met LVMH. Het heeft een probleem wat zijn omzet in kleding betreft, en daar blinkt Moncler juist in uit.”

De groei van luxereuzen LVMH en Kering wordt nog eens versterkt door de rivaliteit tussen twee puissant rijke Fransen. Kering is opgericht door multimiljardair François-Henri Pinault en LVMH is eigendom van Bernard Arnault, die zichzelf de rijkste man van Europa mag noemen.

De merken van de luxehuizen worden wereldwijd begeerd, maar geldt dat ook voor hun aandelen? Peter Siks, beleggerstrainer bij BinckBank: „De groei van de S&P Global Luxury Index is op het eerste gezicht aansprekend. Het afgelopen decennium was de gemiddelde jaarlijkse groei 12,6 procent. Maar in perspectief valt het rendement mee, wanneer je het vergelijkt met andere mandjes aandelen. Als je goed verspreid zit binnen de luxesector, zijn de rendementen met steady een paar procent erbij best redelijk, maar niet significant. De MSCI-wereldindex bijvoorbeeld deed het nog een stuk beter met 13,4 procent.”

Beleggen in specifieke luxeaandelen kent volgens hem een stevig voordeel. „De meest waardevolle merken hebben pricing power, zij hoeven niet mee te gaan met een negatief sentiment in de markt en bepalen zelf de prijzen. Wat dat betreft zijn Europese merken steeds waardevoller, LVMH is met Louis Vuitton momenteel de grote winnaar. Maar weet je als belegger zo’n winnaar niet te vinden, dan kan je zomaar in een krimpend aandeel zitten.”