Reportage

Een rondje op Circuit Zandvoort moet straks een rollercoaster zijn

Formule 1 De verbouwing van het circuit in Zandvoort voor de Formule 1 is begonnen, met talloze aanpassingen. Een rondje door de bouwput.

De verbouwing van Circuit Zandvoort is in volle gang.
De verbouwing van Circuit Zandvoort is in volle gang. Foto ROBIN VAN LONKHUIJSEN/ANP

Het rondje Zandvoort op een ijzig koude herfstochtend kan niet verder afstaan van het beoogde eindresultaat, over een paar maanden. Stapvoets door een bouwput, waar op de ene plek vrachtwagens muren van zand opspuiten en op de andere tractoren juist aan het graven zijn. Een oude, donkerblauwe BMW, twee bouwhelmen en twee grijze hesjes op de achterbank, voor als er even gestopt wordt. Een compleet rondje, net geen 4,3 kilometer, lukt niet eens – twee bochten zijn al door werkzaamheden versperd. Maar, zegt circuitwoordvoerder en bestuurder van de auto Kees Koning: „Als je dit circuit straks rijdt, voelt het echt als een motorsportrollercoaster.”

Om het circuit in Zandvoort Formule 1-klaar te maken, zijn tientallen aanpassingen nodig – sommige klein, sommige ingrijpend. In februari moet het klaar zijn. De rondleiding voert langs de belangrijkste veranderingen.

Old school

Koning zet de auto stil in bocht één, de Tarzanbocht, waar de enorme grindbak naast het asfalt licht omhoog loopt. Ook al wordt aan de bocht zelf niets aangepast, toch is hij exemplarisch voor het karakter van het nieuwe Zandvoort. Het grind – wel even vers en opnieuw gezeefd – mag volgens de plannen blijven. Niet alleen hier, vrijwel overal waar het voorheen al lag. „Formula One Management (FOM) wil het liefst dat coureurs naar de grens worden gebracht, en dat als je daaroverheen gaat, het foutje wordt afgestraft. Ze zien veel in circuits met een old school-karakter.”

Er komt wel een uitloopstrook in het verlengde van het rechte stuk na start-finish. „Als je je vroeger verremde voor bocht één, stond je in het grind en was het klaar. Nu heb je een uitloop en kun je als coureur achterlangs, langs de rand en terugkeren aan het einde van de bocht”, zegt Koning. In bocht acht, de Mastersbocht, komt zo’n zelfde ‘ontsnapping’. Zandvoort moet durven straffen, maar er is enige coulance nodig.

Lees ook: De Arie Luyendyk-bocht wordt straks interessant, ‘maar niet moeilijk’

Pitstraat

Je kunt het een compromis noemen. Dat is nog niet gesloten over de pitstraat, op hetzelfde stuk van het circuit. Zandvoort hoopte de korte pitstraat, die voorheen uitkwam voor de Tarzanbocht, te behouden: razendsnelle pitstops zouden het worden, misschien dat coureurs dan meer zouden durven stoppen. FOM en autosportfederatie FIA eisten echter dat de pitstraat langer werd. „De uitgang komt nu daar bij dat witte stroomkastje”, zegt Koning, wijzend op een punt ruim na de eerste bocht. Prima, hadden ze hier gezegd, maar dan wel al eerder de snelheidsbegrenzer eraf, zoals dat bijvoorbeeld in Abu Dhabi gebeurt. Daar is het laatste woord nog niet over gezegd.

De verbouwing van Circuit Zandvoort. Foto ROBIN VAN LONKHUIJSEN/ANP

De auto rijdt door naar bocht drie, die helemaal open ligt. De Hugenholtzbocht wordt verbouwd tot kombocht, een hellende bocht zoals op de Amerikaanse ‘ovals’, waar Indycar en Nascar racen. In de Formule 1 is er al vijftien jaar geen geweest en Zandvoort brengt er meteen twee terug. De Hugenholtzbocht is het kleine pronkstuk. „Het asfalt gaat naar zo’n vijftien meter breed, daarmee creëer je voor het volgende hogesnelheidsdeel een grote variatie aan racelijnen. Zeker als je dicht bij elkaar racet”, zegt Koning. De Italiaan Jarno Zaffelli, die het ontwerp voor de verbouwing maakte, wilde in het begin per se iets nieuws toevoegen.

Koning rijdt rustig door het middelste deel van de ronde. Hier geen tractoren, amper zandhopen, alleen wat greppels naast de baan waar de oude kerbstones in lagen. Rond het Scheivlak, dat altijd bekend stond als het meest uitdagende stuk van het circuit, wordt weinig veranderd. Er wordt ruimte gemaakt voor tijdelijke tribunes, dat wel – er komen zo’n tachtigduizend zitplaatsen in totaal, de overige twintigduizend mensen zullen in de duinen staan.

Hoogteverschil

Bij de laatste bocht van het circuit wordt de auto geparkeerd. Koning wijst naar de enorme zandheuvel. „Zeker 3,5 tot vier meter hoogteverschil. Als je daar als coureur straks op afrijdt, denk je: oké, daar gaan we.” De Arie Luyendykbocht, vernoemd naar de tweevoudig Indy 500-winnaar, is de meest besproken aanpassing. Ook dit wordt een kombocht, een flinke.

Daar moet een inhaalmogelijkheid worden gecreëerd op een circuit dat daar nooit om bekend heeft gestaan. Het eerste verzoek vanuit de FOM was om het rechte stuk 250 meter langer te maken, legt circuitdirecteur Robert van Overdijk na de rondleiding uit in zijn kantoor. „Daar konden we al vrij snel antwoord op geven: dat gaat niet, want de Tarzanbocht stopt nu bij de grens van het Natura 2000-gebied. Als we verder gaan, zeiden we, hebben we over 35 jaar nóg geen vergunning.” Het idee is nu dat de kombocht – waar de DRS (kunstmatig trucje om inhalen te vergemakkelijken) al open kan – moet dienen als verlengde van het rechte stuk, zodat coureurs een actie richting de Tarzanbocht kunnen voorbereiden.

De verbouwing van Circuit Zandvoort. Foto ROBIN VAN LONKHUIJSEN/ANP

Het is het grootste onderwerp van discussie, ook onder de coureurs, van wie een groot deel het oude Zandvoort kent uit de jeugdklassen: wordt de race wel spannend? Inhalen bleek er zelden te kunnen, laat staan met Formule 1-auto’s. Van Overdijk vindt het maar „vooroordelen”. „We hebben honderden simulaties gedaan waaruit blijkt dat er straks vier tot zes inhaalmogelijkheden zijn. Weet je hoe je die vooroordelen eruit krijgt? Op het moment dat op 3 mei volgend jaar blijkt dat op tál van plekken wordt ingehaald.”