Opinie

Hoe rekkelijk of precies moet de krant zijn met correcties en aanvullingen?

De ombudsman

We beginnen meteen maar met een correctie. Oud-redacteur Dirk van Delft wees me erop dat niet Rob Biersma in 1996 chef Wetenschap was bij NRC, zoals ik hier vorige week schreef, maar híj. Waarvan akte, het is online verbeterd.

Blijkbaar beslaat mijn bril bij sommige jaartallen. Eerder verhaspelde ik in een boekbespreking de biografische gegevens van de conservatieve denker Edmund Burke. In plaats van ‘1729’ tikte ik op mijn scherm ‘1792’ in als zijn geboortejaar. Een typo en een verschil van één cijfer, online simpel en geruisloos aan te passen.

Toch staat er nu een ‘correctie’ onder het stuk, met dank aan de beslagen bril. De auteur werd aldus terechtgewezen: „In een eerdere versie van dit artikel stond dat de Britse denker Burke geboren was in 1792. Dat moet zijn 1729. Hierboven is dat aangepast.”

Correcties, hoe klein ook, zijn nooit leuk voor een auteur, het ego van de modale journalist is toch al breekbaar. En hoe precies of rekkelijk moet een krant zijn met expliciete correcties? Had dit niet gewoon even stilletjes kunnen worden verbeterd?

Nee, want: nu ja, Edmund Burke (1729-1797) werd geboren in 1729 en niet 63 jaar later in 1792. Hij overleed in 1797 dus ook niet op 5-jarige leeftijd. Anders waren zijn Reflections on the Revolution in France (1790) nog opmerkelijker geweest, want gepubliceerd twee jaar voor zijn geboorte.

Uit onderzoek blijkt keer op keer dat lezers het op prijs stellen als ook kleine, storende fouten worden rechtgezet. Het vergroot de betrouwbaarheid van de krant en laat zien dat die doet wat hij preekt: feiten vaststellen.

Zo staat het ook in de NRC Code: feitelijke onjuistheden (jaartallen, namen, leeftijden) worden traditioneel rechtgezet in de rubriek Correcties & Aanvullingen, op nrc.nl door een correctie aan het artikel te hechten. Een interne handleiding schrijft voor dat ook tikfouten in namen van personen, bedrijven of instanties dienen te worden gecorrigeerd. Waarom? Niet alleen omdat het fouten zijn, maar ook omdat ze tot verwarring kunnen leiden. „Als de in opspraak geraakte meneer Jansen bij nader inzien Janssen blijkt te heten”, aldus dat correctie-document, „kan een meneer Jansen last krijgen van zo’n tikfout. Om dezelfde reden fingeren we immers ook geen namen.” Of de redactie zich er secuur aan houdt is een tweede; niet alleen op straat is handhaving onvolmaakt.

NRC volgt hiermee het voorbeeld van The New York Times, die het al wat langer zo aanpakt. Daar werd de lezer afgelopen donderdag onder een beschouwing over Trumps bemoeienis met Oekraïne vergast op de correctie dat in een eerdere versie de NATO ten onrechte was herdoopt tot North American Treaty Organisation. Ergens toch ook een veelzeggende verschrijving.

Natuurlijk kan het altijd erger. Familieleden van een drugsgangster die bij nader inzien niet veroordeeld waren maar alleen verdacht, bijvoorbeeld – een recente correctie. Ook, iets langer geleden, de ouders van schrijver György Konrád die niet door de Gestapo waren opgepakt en vermoord – zoals inderhaast in een necrologie was terechtgekomen – maar de oorlog hadden overleefd. In zulke gevallen buig je deemoedig voor de Correcties.

Niet elke aanpassing is ook een correctie. In de regel zijn verreweg de meeste artikelen uit nrc.next identiek aan die in de middageditie, soms wordt iets verbeterd. Dat hoeft niet steevast vermeld te worden, wél als het gaat om significante inhoudelijke wijzigingen, zoals een nieuw aantal doden en gewonden na een aanslag. Ook al om verwarring voor digitale lezers te voorkomen; wie artikelen leest op zijn mobiele telefoon (nu zo’n twee derde van de online lezers), desktop of tablet, krijgt de geactualiseerde versie op nrc.nl te zien – en de discrepantie met de papieren editie kan tot verwarring leiden.

Wat zich bij mijn weten recent één keer voordeed: een interview aanpassen tussen twee edities. Een bekende musicus typeerde in een gesprek de moeilijke periode die een bekend orkest beleeft in middagkrant NRC Handelsblad net wat minder pregnant dan hij ’s ochtends in nrc.next had gedaan. Hij drong er bij de redactie op aan gespierde spreektaal in één zin aan te passen. De redactie stemde in, ook al omdat hij de tekst niet tevoren had gelezen.

Toch moet de regel blijven dat zo’n aanpassing alleen kan bij feitelijke onjuistheden. Je kunt je trouwens ook voorstellen dat de redactie minder rekkelijk zou zijn bij een minister of politicus.

Wat hoe dan ook niet kan: ándermans interview aanpassen.

Dat had de redactie van de Economie-rubriek ‘Spitsuur’ laatst bij de hand, toen daarin een koppel aan het woord kwam waarvan de man kinderen had uit een eerdere relatie. Prompt na publicatie meldde zich de ex-partner, die bezwaar maakte tegen uitspraken van haar ex over de manier waarop hun scheiding was verlopen.

Had de verslaggever die beweringen moeten checken of de ex weerwoord moeten bieden? Nee, in zo’n context niet. Allereerst ging het artikel niet over de scheiding, maar over de combinatie van werk en leven (de formule van de rubriek) van het nieuwe koppel. Wederhoor had ook dan nog geboden kunnen zijn, als de beweringen van de man feitelijk kwetsend, beledigend of beschuldigend waren geweest.

Maar wat hij vertelde was weinig concreet en drukte vooral uit hoe hij de zaken had beleefd. Dat is wat anders dan beweren, bijvoorbeeld, dat je ex er met het spaargeld vandoor is – zo’n beschuldiging behoeft weerwoord.

Wél gecorrigeerd werd een feitelijke fout: beiden waren niet eerder getrouwd geweest.

Ja, dat moet evident worden rechtgezet. Of trouwen nu een fout is, een misrekening of een eerlijke vergissing.

Reacties: ombudsman@nrc.nl

Reageren

Reageren op dit artikel kan alleen met een abonnement. Heeft u al een abonnement, log dan hieronder in.