Vlam slaat in de pan door toevalligheden en misverstanden

Van Palingoproer tot Duindorp Waardoor breken in een wijk als Duindorp rellen uit? Door sociale onvrede, zin in een verzetje en veel toeval.

In Scheveningen zorgde het vreugdevuur op 1 januari van dit jaar voor brandgevaar.
In Scheveningen zorgde het vreugdevuur op 1 januari van dit jaar voor brandgevaar. Foto Eric Brinkhorst

Hang een levende paling aan een touw en probeer ’m eraf te krijgen. Palingtrekken mag in het rijtje kwelspelen, van hondengooien tot ganstrekken, katknuppelen en vossenwerpen, niet ontbreken. Het negentiende-eeuwse vermaak werd door Amsterdammers beoefend vanuit een bootje, de paling hangend aan een touw over de gracht in de Jordaan. Totdat de overheid het spel vanwege zijn wreedheid verbood, burgers het tóch deden en na politieoptreden een rel ontstond met 25 doden. Het Palingoproer, 25 juli 1886.

Het oproer past weer in een rijtje ándere rellen: de kermisoproeren, ook rond die tijd, ontstaan omdat de overheid kermissen verbood vanwege hun onzedelijk karakter. Het leidde tot rellen in Naaldwijk, Veenendaal, Hilversum, Zaandam. En al die oproeren ontstonden vanuit hetzelfde gevoel heersend in de volkswijken: dat de overheid hun ‘laatste pleziertje’ afnam. Hun traditie.

Past het ‘Duindorp-oproer’ van afgelopen week in dit rijtje?

Duindorp is na brandjes terug bij af

Al sinds vorige week zaterdag zijn er onlusten in de Haagse buurt omdat het traditionele vreugdevuur met Oud en Nieuw niet doorgaat. Vorig jaar ging het mis in Scheveningen – van de hoge stapels kwam een gevaarlijke vonkenregen af – en de bouwers kregen dit jaar geen vergunning. Sinds dat bekend werd gooien Duindorpers met vuurwerk naar de politie. Een snackbar ging in de fik, een negenjarige jongen liep rond met een molotovcocktail. Sinterklaas met zijn – in Duindorp zwarte – pieten durfde de pakjes deze week nog amper te bezorgen in de wijk en waarnemend burgemeester Johan Remkes overwoog gebiedsverboden. De oproer sloeg later in de week ook over op Scheveningen en het Laakkwartier, waar eveneens geen vreugdevuren meer zijn toegestaan. In totaal werden 34 mensen aangehouden, onder meer voor openlijke geweldpleging, brandstichting, belediging en het niet opvolgen van instructies van de politie.

„Het Palingoproer…” Tom Postmes is even stil. Hij doet als hoogleraar sociale psychologie aan Rijksuniversiteit Groningen onderzoek naar maatschappelijk conflict. „Haha, ja, als ik rellen analyseer moet ik ook weleens aan het Palingoproer denken.” Maar hij vraagt zich ook altijd af of je zulke vergelijkingen wel kunt maken. Het Palingoproer begon met het ‘afpakken van tradities’ maar kwam volgens sociologen voort uit groeiende, sluimerende onvrede over sociale en economische tegenstellingen. Speelt zoiets in Duindorp? „Lijkt me sterk.”

Veel rellen zijn ‘fun’

In analyses over rellen slaan media én deskundigen geregeld de plank mis, vindt hij. Paniek als oorzaak van de dodelijke verdrukking tijdens de Love Parade in 2010 in Duisburg? Nee, toevalligheden, misverstanden. Hooligans, zoals de kranten schreven, die in Haren in 2012 het vuurtje opstookten tijdens de rellen van Project X? Ze waren er niet, bleek later. Een volkswijk in Den Haag die zich in 2019 massaal tegen de overheid keert? Postmes: „Eerst maar eens goed kijken naar de feiten voordat je conclusies trekt.”

Als je dat doet, dan blijkt geweldsescalatie vaak het gevolg van een samenloop van omstandigheden. Dan begint het met de actie van een individu en loopt het „door een cascade van misverstanden” uit de hand. Zoals dat iemand een rotje gooit naar een agent die dat ten onrechte interpreteert als daad van een groep, waarna anderen op hun beurt ook alle agenten bejegenen als groep. „En zo transformeert individueel gedrag in een conflict tussen wij en zij.”

Nu de overheid hun ook die traditie afneemt, zoals eerder het palingtrekken en de kermis, is knokken tegen de betutteling het hogere doel

En dan lijkt het al gauw alsof een enorme mensenmassa zich tegen ‘de vijand’ keert, vaak de politie. Maar in werkelijkheid zijn het vaak maar enkelen. De overgrote meerderheid in een groep is omstander. Die is gewoon nieuwsgierig en doet gauw een stap naar achter als het écht spannend wordt, zegt Postmes. „Bij voetbalrellen net zo. Weet je wat volgens onderzoek het meest voorkomende aantal daders is dat bij zulke rellen werkelijk een strafbaar feit heeft gepleegd? Eén.”

Lees ook: Dit vuur is religie, daarom is het afscheid zo pijnlijk

Veel rellen zijn „fun”, zegt Postmes. Principes spelen bij het ontstaan heus een rol, maar verklaren niet altijd waaróm er geknokt wordt. Vraag betrokkenen bij het kroningsoproer van 1980 – krakers versus politie – en een groot deel zegt ook met plezier te hebben meegedaan. En bij de recente boerenprotesten lag de grond na afloop bezaaid met chips en bier. En natuurlijk stonden de boeren met een duidelijk doel op de barricades. Maar dat het einde van de middag uit de hand liep op het plein voor het Groningse provinciehuis, waar de voordeur werd ingeramd met een tractor, had dáár weinig mee te maken. „Veel boeren stonden er al vanaf tien uur ’s ochtends. Die werden ongeduldig. Als je ergens zo lang staat, de hele dag verwachtingsvol, ontstaat een keer de behoefte dat er iets gebeurt.”

Bij sommige onlusten spelen maatschappelijke tegenstellingen een rol. In Nederland had je vroeger rellen bij voedselnood, woningnood. In 2005 waren er in de Parijse banlieues onlusten die voortkwamen uit sociale ongelijkheid. Tijdens de crisis in 2011 liepen demonstraties in Spanje en Griekenland uit de hand omdat jongeren hun vertrouwen in het maatschappelijk systeem hadden verloren. In Nederland, waar het vertrouwen in de overheid nu relatief groot is, ziet Postmes voor zulke taferelen op dit moment weinig aanleiding. Maar een omslag kan er altijd komen, en soms onverwachts. „Kijk naar de huidige rellen in Hongkong.”

Knokken tegen betutteling

In Nederland zijn de grootste onlusten op dit moment periodieke verschijnselen die vallen in de categorie ‘feestrellen’. Met terugkerende patronen, ontstaan op basis van verwachting. Jaarlijkse rellen zoals op de dorpskermis of rond Oud en Nieuw. Met als bron spontane wij-zij-verschillen tussen groepen of de politie. Zulke rellen waren er de afgelopen decennia ook steevast in Haagse volkswijken als Duindorp en het Laakkwartier. Daar was ‘kerstbomen rausen’ rond het eindejaar tot in de jaren 80 traditie. Kerstbomenjagers uit verschillende wijken gingen elkaar met wapens te lijf. Totdat het geweld zich ook tegen de politie keerde en de overheid als alternatief de vreugdevuren op het strand aandroeg. En nu de overheid hun ook die traditie afneemt, zoals eerder het palingtrekken en de kermis, is knokken tegen de betutteling het hogere doel. „Althans, zo lijkt het.”

Twee derde van de opgepakte verdachten in Duindorp is minderjarig. Postmes: „Ik ben benieuwd naar hun verklaringen.”

Correctie (7 december 2019): eerder stond geschreven dat naast een snackbar ook een kerk in de fik was gezet, het bleek echter te gaan om een brandje op het terrein van een lege kerk die gesloopt gaat worden. Dit is gecorrigeerd.