‘Ik werd gegrepen door details, zoals de kookpot onderin’

Mijn favoriet Waarom heeft u dit kunstwerk gekocht? Deze week: een vijfluik.

Vijfluik (190 x 95 cm) door Njogu.
Vijfluik (190 x 95 cm) door Njogu.

‘Voor mijn masterstudie antropologie deed ik in 2006 veldonderzoek in Gambia en belandde zo bij het bureau voor toerisme. Daar hingen werken van Njogu Touray (1960), ik was meteen geïntrigeerd. Later zag ik werk van hem in overheidsgebouwen en het trappenhuis van een winkelcentrum. Ik heb toen opgezocht wie hij was en belandde in zijn atelier in Latrikunda. We hadden meteen een plezierig gesprek waarin we onze zorgen over Gambia en de wereld deelden. Sindsdien ga ik iedere keer als ik in Gambia ben even langs. Een aantal jaren geleden kocht ik een eerste, kleiner werk van ‘Njogu’, zo signeert hij zijn kunst. Hij is autodidact en geïnteresseerd in Europese kunst, van Matisse tot Miró. Zijn kleurrijke, soms metershoge doeken bestaan uit uiteenlopende materialen, van verf tot boetseerpasta.

Afgelopen jaar wilde ik mijn woonkamer herinrichten en besloot dat ik er een werk van Njogu wilde hangen. Bij mijn volgende bezoek aan zijn atelier vertelde hij dat hij een dag eerder een werk had afgerond. Toen hij dit vijfluik tevoorschijn haalde, zo breed als een driezitsbank, voelde het als liefde op het eerste gezicht. Ik was gek op de ‘Afrikaanse kleuren’; de woonkamer van het huisje waar ik in Gambia altijd verblijf heeft dezelfde kleuren geel en warm oranje. Ik reisde voordat ik aan mijn studie begon enkele maanden in een truck door West-Afrika: vanuit Europa zakten we via Marokko en Senegal af tot Kameroen. Voor mij staat het gele voor het zand van de Sahara en het oranje voor de koperkleurige aarde van het West-Afrika waar de bush begint.

Ik werd gegrepen door details, zoals de kookpot onderin. Toen ik langer keek, zag ik steeds meer vrouwen, zittend, staand, gedeeltelijk of geheel afgebeeld. Njogu legde uit dat het werk gaat over ‘invisible women’; deze pot is een van de symbolen die hardwerkende ‘onzichtbare’ vrouwen uitbeelden. Hij schildert dat thema vaker, misschien heeft het te maken met de nauwe band die veel Afrikanen hebben met hun moeder. Njogu heeft de liefde voor hardwerkende moeders breder getrokken.”