Een Spaans(ig) kerstgerecht

Janneke kookt Door hem heel langzaam te stoven in zijn eigen vocht bijvoorbeeld, wordt octopus zalig mals en intens van smaak

Foto Merlijn Doomernik

Net zo lang zeurde ik aan het beroetveegde hoofd van Piet tot ik mee mocht in de zak naar Spanje. Dit lieg ik, want ik ben hier al twee weken, wat betekent dat ik het hele Sintgebeuren heb geskipt, al zag ik de beste man vorige week zaterdag nog wel even in vol ornaat door de straten van Barcelona schrijden terwijl hij uitbundig werd uitgezwaaid en -gezongen door een stel Nederlandse en Nederlands-Spaanse kindjes.

Omdat de meeste Spanjaarden nog nooit van Sinterklaas hebben gehoord, laat staan zijn sterfdag respecteren, begint Kerst hier al vroeg. Vanuit de etalages van de vele Chinese meukwinkels die het Catalaanse kustplaatsje waar ik verblijf rijk is, knetteren de kunstkerstbomen met zeven kleuren ledverlichting je al eind november tegemoet. Op het dorpsplein staat een joekel van een kerstboom waaraan de jongste inwoners hun verlanglijstjes mochten bevestigen. Nu hangen er dus een stuk of honderd kaartjes met ‘Iphone’ en eentje met ‘Ik wens dat alle kinderen de cadeautjes krijgen die ze willen en dat het gaat sneeuwen’.

Intussen is het assortiment in de supermercado nog rijker dan in de rest van het jaar. Iedereen die weleens in Spanje op vakantie gaat, weet wat een feest het is om hier je boodschappen bij elkaar te scharrelen. Alleen al vanwege de schitterende uitstalling van spartelverse vis en zeevruchten; zilvergeschubde zeebaarzen, dikke roomblanke heekfilets, schelpjes in alle maten en kleurschakeringen, eendenmossels, gewone mossels, krabben, kreeften, garnalen en inktvissen in de uitvoeringen pijl-, sepia en octopus. Voor de meeste van deze heerlijkheden betaal je nog niet de helft van wat ze in Nederland kosten, alleen in de week voor Kerst rijzen de prijzen opeens de pan uit, omdat alle Spanjaarden dan marisco eten. Octopus is hier nooit goedkoop, wat maar goed is eigenlijk, want volgens het Wereld Natuur Fonds wordt deze soort wereldwijd overbevist. Spaarzaam op tafel zetten dus, en áls je hem koopt (zie website WNF voor een ‘groene’ keuze) zo lekker mogelijk klaarmaken.

Door hem heel langzaam te stoven in zijn eigen vocht bijvoorbeeld, wordt octopus zalig mals en intens van smaak. Zo bereid misstaat hij niet als voorgerecht tijdens een kerstdiner. Onderstaand is geen traditioneel Spaans recept, al had dat gezien de ingrediënten best gekund. Wie geen vuurvaste aardewerken schaal met deksel bezit, gebruikt een stoofpan.

Octopus, langzaam gestoofd in z’n eigen vocht

Voorgerecht voor 6 à 8 personen:

2 diepgevroren octopussen van ongeveer 750 g, ontdooid; 1 ui, gepeld en in parten; 8 peperkorrels; uw beste olijfolie; een greepje bladpeterselie, fijngesneden

Verwarm de oven op 125 graden. Vlij de octopussen in een vuurvaste aardewerken ovenschaal. Leg de ui, laurier en peperkorrels ertussen en besprenkel met een paar druppels olijfolie. Sluit af met een deksel en schuif 2 - 2,5 uur in de oven, tot de octopus botermals is.

Leg hem op een snijplank en zet de schaal met het achtergebleven stoofvocht op hoog vuur op het fornuis. Kook de vloeistof in tot hij de consistentie van dunne siroop heeft.

Verwijder de bek van de octopus – die zit precies in het midden tussen de tentakels. Snijd de kop en de tentakels in mooie, hapgrote stukjes. Verdeel deze over diepe, voorverwarmde borden.

Sprenkel er wat van het ingekookte stoofvocht over en bedruppel met olijfolie. Bestrooi met peterselie en serveer meteen.