De zee stijgt, Nederland ligt gunstig – nóg wel

Klimaat Voor de Nederlandse kust wordt geen versnelling van de zeespiegelstijging gezien. Waarom wijkt de stijging van de Noordzee zo af van het wereldwijde gemiddelde?

Kustaangroeiproject de Zandmotor bij Ter Heijde in Zuid-Holland
Kustaangroeiproject de Zandmotor bij Ter Heijde in Zuid-Holland Foto Walter Herfst

Twee lezers stuurden een e-mail, de toon was licht geïrriteerd. De recente berichten in deze krant over een steeds sneller stijgende zeespiegel wereldwijd, waren die niet wat eenzijdig en alarmistisch vanuit Nederlands oogpunt? Want wat is er voor onze kust te zien van die versnelling? Niks. De reactie van één: „Als jullie berichten over de dramatische zeespiegelstijgingen die ons te wachten staan, dan moeten jullie deze informatie toch ook noemen?”

Hoe zit het? Klopt het dat de zeespiegel voor de Nederlandse kust niet versneld stijgt? Zo nee, hoe kan dat? En wat betekent het voor de toekomst van Nederland?

Er wordt inderdaad geen versnelling van de zeespiegelstijging gezien voor de Nederlandse kust. Het KNMI meldde dat in zijn laatste klimaatscenario, uit 2014. Uit metingen wordt afgeleid dat de zeespiegel sinds 1900 „met een gemiddeld tempo van 1,8 mm per jaar” stijgt. Tot een soortgelijke conclusie kwam onderzoeksinstituut Deltares eerder dit jaar, in de Zeespiegelmonitor. Voor de periode 1993-2017 komt er een waarde van 1,95 mm per jaar uit. Dit is in lijn met wat andere landen rondom de Noordzee meten, aldus het rapport. Het wereldwijd gemiddelde is 3,16 mm. Dat is het getal dat wetenschappelijk klimaatpanel IPCC in zijn laatste rapport (september 2019) noemt voor de periode 1993-2015. Waarom wijkt Nederland daar zo van af?

Eerst over dat gemiddelde. De zeespiegel stijgt de laatste eeuw door grofweg twee effecten. Door de toenemende concentratie aan broeikasgassen in de atmosfeer wordt meer van de door de aarde uitgestraalde warmte teruggekaatst, waardoor het aan het aardoppervlak opwarmt. Van die extra warmte nemen de oceanen ruim 90 procent op. Maar dat gebeurt niet overal in dezelfde mate – de Zuidelijke Oceaan bijvoorbeeld heeft verhoudingsgewijs veel warmte opgenomen. Als water opwarmt, zet het iets uit. Wetenschappers noemen dat thermische expansie.

Grote afwijkingen

Daarnaast smelt er landijs: hoofdzakelijk gletsjers in berggebieden en de ijskappen op Groenland en Antarctica. Het ijs komt – als smeltwater of als grote afgebroken brokken – in de oceanen terecht. Dat de zeespiegel de laatste decennia versneld aan het stijgen is, komt voornamelijk doordat het smelten van de ijskappen in hoger tempo gaat, die van Groenland voorop (het arctisch gebied warmt ruim twee keer zo snel op als het wereldwijd gemiddelde).

De waargenomen versnelling van de zeespiegelstijging is een gemiddelde van wat zich wereldwijd afspeelt. Regionaal kunnen er grote afwijkingen van dat gemiddelde zijn. „Bij Japan stijgt de zeespiegel al jaren veel sneller, met wel 10 millimeter per jaar. Terwijl hij aan de Amerikaanse westkust daalt”, zegt Roderik van de Wal, hoogleraar zeespiegel en invloed op de kust aan de Universiteit Utrecht. Hij schreef mee aan het laatste rapport van het IPCC.

Aantrekkingskracht

Dat er grote afwijkingen van het gemiddelde zijn, heeft met allerlei effecten te maken, zegt Bart van den Hurk van onderzoeksinstituut Deltares. „Er zijn vele plussen en minnen.” Gunstig voor de landen aan de Noordzee is de ondiepte van de zee. „Er is relatief weinig water dat kan uitzetten. De thermische expansie is daardoor beperkt.”

Wat voor Nederland, vooralsnog, ook gunstig uitpakt is het zogeheten zwaartekrachteffect. Door hun enorme massa trekken ijskappen andere massa (water bijvoorbeeld) aan. Rond een ijskap staat het water daardoor hoger dan gemiddeld. Maar als de ijskap smelt, neemt zijn massa af, neemt de aantrekkingskracht af, stroomt er water van de ijskap weg, en daalt in de buurt de zeespiegel. „Dat effect zie je tot op 2.200 kilometer van een ijskap”, zegt Van de Wal. Tussen 2.200 en 6.700 kilometer is het effect er ook nog, maar zwakker. „De zeespiegel stijgt wel, maar minder dan het wereldwijd gemiddelde.”

Maar ben je verder weg dan 6700 kilometer, zegt Van de Wal, zie je juist het omgekeerde. De zeespiegelstijging ligt er boven het gemiddelde. Omdat Nederland ruim 3.000 km van Groenland ligt, „profiteert” Nederland nu van het zwaartekrachteffect, zegt Van den Hurk van Deltares.

Meest gunstige plek

Dat concludeert het instituut ook in de Zeespiegelmonitor. Het smelten van de ijskappen en de gletsjers zorgt wereldwijd voor een gemiddelde stijging van de zeespiegel met 1,8 mm per jaar, maar in Nederland slechts de helft daarvan. Dus minder dan 50 procent van het eerder genoemde gemiddelde van 1,95 mm per jaar wordt op dit moment door dat smelten veroorzaakt. Nederland ligt „op een van de meest gunstige plekken ter wereld”, staat in het rapport. Het meest ongunstig, op dit moment, liggen Ivoorkust, Indonesië, Papoea-Nieuw-Guinea en de noordkust van Australië.

Maar dat kan wel veranderen. „Voor ons is het gedrag van de ijskap op Antarctica bedreigender”, zegt Van de Wal. Want dan zitten we, volgens dat zwaartekrachteffect, in de zone met versnelde zeespiegelstijging. In sommige delen van Antarctica is al sprake van versneld smelten. „Als dat doorzet kan dat bij ons op termijn voor een plotselinge versnelling van de zeespiegelstijging zorgen.”

Een effect dat, voor een deel van Nederland, nu de andere kant op werkt, is de elastische vervorming van de lithosfeer: de aardkorst inclusief het eerste stuk van de onderliggende aardmantel. Riccardo Riva van de TU Delft bestudeert deze vervorming. Tijdens de laatste ijstijd lagen er grote ijskappen op het noordelijk halfrond, vertelt hij. Onder hun massa werd regionaal de aardkorst ingedrukt, waardoor in de onderliggende visceuze aardmantel gesteente zijwaarts werd geduwd. Daardoor kwam even verderop, onder andere in het zuiden van Groot-Brittannië en een deel van Nederland, de bodem omhoog.

Glaciale wip

Na het einde van de ijstijd, zo’n 12.000 jaar geleden, trokken de ijskappen zich terug. „De korst is daarna teruggeveerd. En vervolgens vloeit het mantelgesteente traag terug”, zegt Riva. Dat laatste proces is nog gaande. In delen van Scandinavië stijgt daardoor de bodem nog met millimeters per jaar. Het kantelpunt van die ‘glaciale wip’ ligt ergens in het noorden van Denemarken. Maar dat betekent niet dat heel Nederland daalt. Het beeld is complexer, zo blijkt uit onderzoek dat Riva met drie collega’s vorig jaar publiceerde in Solid Earth. „Bij Terschelling daalt de bodem, maar bij Vlissingen komt hij ietsje omhoog.” Het zorgt bij Terschelling voor een extra zeespiegelstijging van zo’n 0,3 mm per jaar. Bij IJmuiden is het 0,1 mm, bij Maassluis 0, en bij Vlissingen gaat het juist om een daling van 0,1 mm per jaar door dit effect. „Voor heel Nederland houden we aan dat de zeespiegel door dit effect gemiddeld met 0,2 mm extra per jaar stijgt.”

Luister ook: De zeespiegel stijgt. Hoeveel kan Nederland aan?

Er zijn nog allerlei andere factoren die een rol spelen bij de stand van de zeespiegel voor de Nederlandse kust. Wind, getijde, luchtdrukpatronen op de Atlantische Oceaan. Dergelijke lokale effecten hebben geen invloed op het wereldwijd gemiddelde (als op de ene plek het water opstuwt door de wind, zakt elders het water). Maar ze kunnen lokaal wel voor grote jaarlijkse variaties in de zeespiegelstand zorgen, zegt Van den Hurk. „In Nederland kunnen de jaarlijkse gemiddelden decimeters uit elkaar liggen.” Die grote variatie maakt het lastig om een versnelling van de zeespiegelstijging, van bijna 2 naar ruim 3 millimeter per jaar, uit de data te vissen. „Als er bij Nederland ook sprake is van een versnelling, zal het waarschijnlijk nog jaren duren voordat we dat signaal uit de data kunnen oppikken.”

Het kan zijn, zegt Riva, dat er de afgelopen 20 jaar echt geen versnelling is geweest. Maar als je naar de laatste 100 jaar kijkt, dan ligt de stijging in de Noordzee niet ver van het wereldwijde gemiddelde. „Uiteindelijk gaan wij die versnelling ook zien.”

Dat zegt ook Van den Hurk. De Noordzee staat in open contact met de oceanen. En het is fysisch onmogelijk dat wereldwijd de zeespiegel gemiddeld met 3, 4, 5 of misschien wel meer millimeter per jaar blijft stijgen, en bij Nederland met slechts 2 mm. „Op een gegeven moment wordt de gradiënt in absoluut zeeniveau tussen de Noordzee en de rest van de wereld zo groot dat water zich gaat herverdelen.”