Opinie

Hij en ik: dikke pic, drie bier

Joyce Roodnat ‘Pencil pic’ vindt Joyce Roodnat een adequatere benaming voor het fenomeen dat mannen foto’s van hun geslachtsdeel naar vrouwen sturen. Bij het lezen van een artikel over dit verschijnsel moet ze denken aan een hilarisch boek van Alberto Moravia. En aan een ansichtkaart.

Joyce Roodnat

En toen verscheen het zoveelste artikel over dick pics, dit keer in NRC. Maar hoezo: dick pic? Is mij te stoer. Sinds ik als meisje ontdekte dat rood schaamhaar bestaat – een interessant feit dat mijn aandacht compleet afleidde van die melkwitte slurf ertussen – ken ik het geweldige woord potloodventer. Dick pic? Ik dacht het niet. Doe maar pencil pic, dat is adequater.

Een „ongevraagde dick pic” ontvangen is, lees ik, „niets bijzonders” meer – wat betekent dat er eentje opsturen dat ook niet meer is. Dus er volgt een verhaal waarin wordt gezocht naar het waarom mannen iets doen wat vrouwen achterlijk vinden. Een seksuoloog verklaart het uit een „stokoude mythe”, verwijzend naar „de eerste beeldhouwkunst waarin mannen werden afgebeeld met grote erecties”.

Maar dat deed de eerste beeldhouwkunst niet. Althans, de geslachtsdelen van Griekse en Romeinse beelden zijn juist nadrukkelijk niet geprononceerd. Grote lullen vonden ze niet esthetisch. Fikse erecties zijn er wel maar die zitten aan faunen en bacchussen, aan buikige lelijkerds dus. Geil en verder niks. Wat betekent dat die antieke beeldhouwers dachten in de lijn van de hedendaagse ontvangsters van de pencil pics: stuur mij je dikke pik en ik ken je sneuïgheid.

Maar waarom sturen mannen dan toch massaal pencil pics? Dat analyseerde de Italiaanse auteur Alberto Moravia avant la lettre, in zijn roman Io e lui (1971). ‘Ik en hij’, betekent dat. Voor Nederland werd dat Hij en ik, wat een betere titel is, want ‘hij’ speelt de hoofdrol. ‘Hij’, dat is de pik met wie ‘ik’ voortdurend in gesprek is. Hij heeft het hoogste woord en laat ‘ik’ doen wat hij wil.

Michelangelo: David (1501-1504, detail). Galleria dell’Accademia, Florence.

Een man die me dierbaar is, zei dat hij er niet omheen kan dat Moravia een goed boek schreef, maar hij vond het pijnlijk om te lezen. Hij is niet het type dat ooit een pencil pic zou maken, laat staan er een sturen. Maar blijkbaar herkende hij er meer in dan hem lief is. Is dit een seksistisch boek? Jazeker. Maar het is vooral hilarisch, vol dodelijke passages over seksuele ijdelheid en onstilbaar verlangen naar mateloosheid. Meedogenloos onthult Moravia mannelijke misvattingen, schrijft hij over existentiële angst en de vrees in het niets te verdwijnen zonder de grootheid van het hij’tje. Zo komt het tot potloodventen, letterlijk of figuurlijk, verbaal of in gedachten: ‘hij’ wil élke vrouw bewijzen dat hij bestaat, vandaar. Dat bewijs van macht pakt telkens uit in een bewijs van onmacht – en dan moet het nog een keer.

Zijn ansichtkaarten kunstwerken? Soms wel. Ik zag er in Florence een met het geslachtsdeel van de David van Michelangelo. Ik keerde hem om en las: „Dettaglio”. Detail.