Verdachte aangehouden in Rotterdamse moordzaak uit 1991

De 40-jarige Aziz Muhammad werd ruim 28 jaar geleden dood aangetroffen in de kofferbak van zijn eigen auto. Onder meer dankzij dna-onderzoek is nu een verdachte opgepakt.
Archiefbeeld van een onderzoeker op het Nederlands Forensisch Instituut, waar dit jaar nieuw dna-materiaal werd gevonden op het touw waarmee slachtoffer Aziz Muhammad was vastgebonden.
Archiefbeeld van een onderzoeker op het Nederlands Forensisch Instituut, waar dit jaar nieuw dna-materiaal werd gevonden op het touw waarmee slachtoffer Aziz Muhammad was vastgebonden. Foto Niels Wenstedt/ANP

De politie heeft dinsdag in Rotterdam een aanhouding verricht in een 28 jaar oude moordzaak. Het gaat om een 74-jarige man, die verdacht wordt van betrokkenheid bij de dood van de Rotterdammer Aziz Muhammad in 1991, laat de politie weten. De zaak was een zogenoemde cold case, waarin politie en justitie op een dood spoor waren beland.

Dat nu alsnog een arrestatie is verricht, komt volgens de politie door dna-sporen die dit jaar werden gevonden op bewijsmateriaal en door de aandacht voor de zaak in Opsporing Verzocht. Naar aanleiding van de uitzending, begin oktober, ontving de recherche vier nieuwe tips. Op hun beurt maakte die het mogelijk om tot een dna-match te komen met de verdachte, die is opgepakt in zijn huis in Rotterdam-West.

De in Pakistan geboren Muhammad (40) werd in september 1991 vermoord. Zijn lichaam lag achter in zijn eigen Toyota Corolla, die geparkeerd stond aan een kade in de wijk Spangen. Hij bleek overleden aan zware verwondingen aan zijn hoofd, hals en bovenlichaam. Muhammad was vastgebonden met een oranje touw. De nieuwe dna-sporen werden dit jaar onder meer op dat touw aangetroffen.

Schijnhuwelijk

Naar het motief voor de moord blijft de politie gissen. Voor zover de recherche kon nagaan had Muhammad geen vijanden die hem iets wilden aandoen. Hij was halverwege de jaren tachtig naar Nederland gekomen om geld te verdienen voor vrouw en vijf kinderen in Pakistan. Hij werkte in Rotterdam als meubelstoffeerder. In 1988 sloot Muhammad een schijnhuwelijk met een Nederlandse vrouw. Voor 15.000 gulden trouwde ze met hem, zodat hij een verblijfsvergunning kon krijgen.

Op de dag voor zijn lijk werd gevonden, had Muhammed gewerkt en bij familie gegeten. Toen hij daar weg ging, zei hij dat hij nog even op bezoek ging bij zijn Nederlandse vrouw. Later op de avond werd hij verwacht op een feest op de Pakistaanse ambassade in Den Haag. Daar is hij echter nooit verschenen.

Direct na de moord was de Nederlandse echtgenote van Muhammad korte tijd verdachte. Ze werd aangehouden, maar de politie had onvoldoende bewijs om haar vast te houden. Daarna werd de zaak een cold case. Gezien het geweld waarmee Muhammad om het leven is gebracht en omdat hij na zijn overlijden achter in de auto is gelegd, sluit de politie niet uit dat hij is omgebracht door meerdere daders. Concrete aanwijzingen over de identiteit van die personen ontbreken vooralsnog.

Bekijk hier de uitzending van Opsporing Verzocht over de moordzaak: