Eerste hulp bij overstappen van zorgverzekeraar

Overstapseizoen Overstappen van zorgverzekering kan bijna 500 euro schelen, maar zorgverzekeraars maken het niet eenvoudig. Vier vragen die helpen de juiste keuze te maken.

Illustratie Studio NRC

Het is het ‘overstapseizoen’. Zorgverzekeraars proberen deze maanden met enkele tientallen miljoenen aan reclame-uitgaven nieuwe klanten te lokken. Maar een nieuwe verzekering kiezen is een ingewikkelde klus. Afgelopen winter wisselde slechts 7 procent van verzekeraar. De keuze is ook groot: voor 2020 zijn er 55 verschillende basisverzekeringen om uit te kiezen, vaak met meer dan honderd pagina’s polisvoorwaarden.

Dit ‘seizoen’ zijn de prijsverschillen extra groot: het verschil tussen de goedkoopste en duurste is in totaal 492 euro. De juiste verzekering kiezen kan het verschil betekenen tussen wel of niet alle zorg vergoed krijgen bij een ziekenhuis. Of zelf een psycholoog kunnen kiezen. Vier vragen die helpen om bij een geschikte verzekering uit te komen.

1 Hoe belangrijk is keuzevrijheid?

Verzekeraars zijn verplicht om altijd genoeg zorg in te kopen. Maar er bestaan grote verschillen in de keuzevrijheid van de consument. Vorig jaar koos driekwart van de mensen een naturapolis. Bij zo’n verzekering moet de verzekeraar alle benodigde zorg vergoeden. Maar als verzekerden zorg willen van een aanbieder waar de verzekeraar geen contract mee heeft, moeten ze een deel zelf betalen.

In de praktijk wordt bij naturapolissen meestal met alle ziekenhuizen een contract afgesloten. Zelf bijbetalen gaat eerder om niet-gecontracteerde behandelklinieken, fysiotherapie, wijkverpleging, logopedie of psychologen.

Dat is niet zo bij de budgetpolis (in verzekeraarsjargon de ‘naturapolis met beperkende voorwaarden’). Daarbij wordt maar een deel van de ziekenhuizen gecontracteerd. De goedkoopste verzekering van volgend jaar is er zo een: Zekur van Univé, voor 101,95 euro per maand. In de 177 pagina’s aan algemene voorwaarden staat dat zo’n 80 procent van de zorg van niet-gecontracteerde zorgverleners wordt vergoed. Zorgverzekeraars moeten goed communiceren, maar het blijft aan de verzekerde om te voorkomen dat er een torenhoge ziekenhuisrekening op de mat valt. Goedkoop kan duurkoop blijken.

Lees ook: De gescheurde kniebanden kostten ineens 1.500 euro

Bij naturapolissen is er nog een potentiële valkuil. Het kan dat een verzekeraar een beperkte hoeveelheid zorg heeft ingekocht en het ziekenhuis verzekerden mag weigeren als dat plafond is bereikt. Dan is er geen zogeheten doorleverplicht afgesproken. Zulke omzetplafonds gelden niet voor spoedzorg.

Deze plafonds worden steeds populairder onder verzekeraars om scherpe afspraken te maken. De gevolgen kunnen groot zijn. Dit jaar worden VGZ-verzekerden bijvoorbeeld al sinds de zomer weggehouden bij het Ikaziaziekenhuis in Rotterdam, omdat er te weinig zorg is ingekocht.

Wie echt keuzevrijheid wil, doet er goed aan om een zogenoemde restitutiepolis af te sluiten. Daarbij wordt in principe de zorg van elke aanbieder vergoed – mits het natuurlijk onder basisverzekering valt. In de praktijk duiken omzetplafonds soms ook op in de voorwaarden van restitutiepolissen.

In de polisvoorwaarden van de Zorg Vrij Polis van verzekeraar Zorg en Zekerheid voor volgend jaar staat bijvoorbeeld een verwijzing naar omzetplafonds. „Het kan voorkomen dat u in dat jaar niet meer bij deze zorgaanbieder terecht kunt”. In de polisvoorwaarden zijn deze afspraken meestal te vinden als omzetplafond, zorgplafond of budgetplafond. Verzekeraars zijn daarnaast sinds kort verplicht om op hun site te melden met welke partijen ze allemaal een omzetplafond zonder doorleverplicht hebben afgesproken. Alleen nu zijn de onderhandelingen met ziekenhuizennog volop aan de gang.

2 Welke extra zorg is nodig?

Het is mogelijk om je aanvullend te verzekeren, bijvoorbeeld voor de fysiotherapeut of tandarts. „De trend is dat mensen de verzekering steeds beter afstemmen op de zorg die ze echt nodig hebben”, zegt Koen Kuijper van vergelijkingssite Zorgwijzer.nl. „Daardoor zijn de premies voor extra fysiotherapie verhoogd en is het maximum aantal behandelingen teruggeschroefd. Enkele verzekeraars bieden nog wel onbeperkt fysiotherapie aan, zoals ONVZ, maar die mogen met gezondheidsvragen selecteren wie ze verzekeren.”

Iets om ook rekening mee te houden is een mogelijke beugel. Orthodontie wordt niet vergoed vanuit de basisverzekering. Het jaar dat de beugel wordt geplaatst, kost dat snel een paar duizend euro. Voor een paar tientjes extra in de maand kunnen consumenten zichzelf en hun kinderen hiertegen verzekeren. Sommige verzekeraars hanteren wel een wachttijd van een jaar voordat de beugel wordt vergoed. Bij kinderen geldt meer in z’n algemeenheid: schrijf ze in bij de zorgverzekering met de meest uitgebreide dekking.

Tandartskosten voor kinderen worden vergoed. Voor volwassenen niet, maar de Consumentenbond adviseert om tandartskosten niet apart te verzekeren, omdat mensen met een gezond gebit meestal meer premie betalen dan de vergoeding die ze krijgen. Vaak worden zeer ernstige problemen aan de tanden of kaken vergoed binnen de basisverzekering.

3 Is er een korting mogelijk?

Er zijn vier manieren om een extra korting te krijgen. Het maximeren van het eigen risico, het in één keer betalen van de premie, de collectiviteitskorting en overstappen via een vergelijkingssite.

Een riskante optie is het verhogen van het eigen risico. Dat kan volgend jaar tot 885 euro. Verzekeraars geven dan een korting. ZieZo van Zilveren Kruis heeft in dat geval de meest voordelige premie van 83,25 euro per maand. „Het is een optie als je bijvoorbeeld student bent en weinig zorg verwacht nodig te hebben”, zegt Kuijper. „Je moet het geld voor het maximale eigen risico wel hebben, voor het geval dat.”

Een aantrekkelijke optie in een tijd van lage rentes op spaargeld, is het vooruitbetalen van de gehele jaarpremie. Zorgverzekeraars geven ook hier een korting voor, vaak rond de 2 procent. In de praktijk een paar tientjes.

Dan is er nog de collectiviteitskorting, die volgend jaar maximaal 5 procent bedraagt. Verzekeren via een werkgever of gemeente (een collectief) kan lucratief zijn, maar dat hoeft niet. Verzekeraars hogen polissen eerst op voordat er een collectiviteitskorting over wordt geheven. „Als je een verzekering neemt waar ook collectiviteiten mogelijk zijn, dan betaal je een opslag”, zegt Erik Bloem van de Nederlandse Zorgautoriteit. „Ook als je de collectiviteit niet hebt. Vaak zijn de voordeligste verzekeringen de polissen waar geen collectiviteit op af te sluiten is.”

Tot slot kunnen vergelijkingssites – zoals Zorgwijzer.nl, Zorgkiezer.nl of Geld.nl – soms nog een extra korting bieden. Verzekeraars betalen hen namelijk voor de doorverwijzingen.

4 Wat staat er in de kleine lettertjes?

Als er eenmaal een potentiële verzekering is komen bovendrijven is het geen welkome klus om ook nog de polisvoorwaarden door te nemen. „Die zijn meestal niet in normale mensentaal geschreven”, zegt Daniël Post, advocaat bij Eldermans Geerts en gespecialiseerd in zorg. „Het zijn juridische documenten, zelfs zorgaanbieders hebben soms moeite ze te begrijpen. Ze zijn lang: vaak meer dan 100 pagina’s, terwijl ook nog continu wordt doorverwezen naar uitleg op de website. Op die manier zorgverzekeringen vergelijken, kan eigenlijk niet van consumenten worden gevraagd.”

Toch kunnen de kleine lettertjes de moeite waard zijn. Zo vond Post in de voorwaarden van polis Just van CZ (107,95 euro per maand) dat bij zorgaanbieders waar geen contract mee is afgesloten slechts 60 procent wordt vergoed van het gemiddeld tarief van wel gecontracteerde aanbieders. In de Zorgverzekeringswet staat dat de vergoeding van een verzekeraar niet zo laag mag zijn dat daardoor een ‘feitelijke hinderpaal’ ontstaat om naar een aanbieder te gaan. Volgens de NZA is een vergoeding onder de 75 procent al zo’n hinderpaal, behalve als de verzekeraar goed kan uitleggen waarom niet (bijvoorbeeld als het lage percentage alleen voor goedkope behandelingen geldt). De toezichthouder gaat dan ook met CZ in gesprek.