De autonome sporter heeft geen ‘losersvlucht’ nodig

Olympische Spelen Olympiërs mogen in Tokio zelf beslissen of ze bij de openingsceremonie zijn. En het alternatief op de ‘losersvluchten’ is een hotel.

Chef de mission Pieter van den Hoogenband staat de pers te woord over de voorbereidingen van TeamNL op weg naar de Olympische Spelen in Tokio.
Chef de mission Pieter van den Hoogenband staat de pers te woord over de voorbereidingen van TeamNL op weg naar de Olympische Spelen in Tokio. Foto Robin van Lonkhuijsen/ANP

Geen ‘losersvluchten’ meer, met chagrijnige, zelfs vernederde sporters die na het beëindigen van hun olympisch toernooi in Rio (2016) naar huis moesten nadat ze hun droom uiteen hadden zien spatten. Zij die geen medaille wonnen, moesten de stad destijds binnen 48 uur verlaten omdat ze anders, kort gesteld, in de weg zouden kunnen lopen en invloed konden hebben op de sporters die nog in actie moesten komen. Daarover ontstond al tijdens de Spelen commotie. Er waren atleten die het door de vluchten niet konden opbrengen naar de huldiging in de Amsterdamse RAI te gaan. In het najaar van 2016 besloten ze bij sportkoepel NOC-NSF dat het anders moest.

Het TeamNL-hotel

Voor sporters die volgend jaar in Tokio klaar zijn, is een hotel geregeld, zegt chef de mission Pieter van den Hoogenband dinsdag tijdens een persbijeenkomst in Amsterdam. „In het TeamNL-hotel kunnen ze hun bedje opzoeken met behoud van accreditatie. Er blijft vervoer en eten voor ze beschikbaar. Zo worden ze supporters voor de mensen die nog moeten pieken en helpen ze met elkaars medaille.”

Ook is een einde gemaakt aan de regel die sinds de Spelen van 1996 bestaat en voorschrijft dat sporters die binnen 48 uur na de openingsceremonie in actie komen in het stadion niet mee mogen lopen. Daarover is elke vier jaar onenigheid. Bekend is het verhaal van tennisser Jean-Julien Rojer, die op de Spelen van Londen in 2012 de openingsceremonie miste en later vertelde dat dat het ergste is wat hem ooit was overkomen. Kiki Bertens stelde het meemaken van de openingsceremonie zelfs als voorwaarde om volgend jaar in Tokio mee te doen aan het tennistoernooi. „Vroeger was dat een beschermingsregel”, zegt Van den Hoogenband. „Maar dat is niet meer nodig. Atleten en coaches mogen zelf beslissen wat ze doen. Dat zorgt voor bewustwording, ze gaan nadenken of het goed voor ze is.”

De openingsceremonie

Maurits Hendriks, technisch directeur van de sportkoepel maar bij de vorige Spelen chef de mission, begon al aan de 48-uursregel te twijfelen toen zeiler Dorian van Rijsselberghe in Londen (2012) vijf uur van Weymouth naar Londen reed om bij de openingsceremonie te kunnen zijn. Veel sporters kijken jaren uit naar dat moment. „Je leert van alles, en we hebben continu gesprekken over wat nodig is”, zegt Hendriks. Kunnen sporters in deze tijd niet gewoon zelf kiezen? Ze maken dagelijks afwegingen, waarom deze dan niet?”

Mochten de nieuw verworven vrijheden van de olympische equipe tot excessen leiden, zoals de nachtelijke escapades waar turner Yuri van Gelder in Rio voor naar huis werd gestuurd, dan zegt Van den Hoogenband „per geval” te gaan kijken of er moet worden ingegrepen. Vooraf worden duidelijke afspraken gemaakt over wat wel en niet kan.

Judoka Roy Meyer, eind augustus winnaar van WK-brons in Tokio, zit dinsdag ook in het zaaltje van het Olympisch Stadion. Hij is blij met de soepelere regels: „Een goede coach laat zijn sporters ook zelfstandig opereren. Doet hij dat niet, dan kan een sporter niet groeien. Mijn ervaring is: hoe strenger de regels, hoe meer ik die wil breken.”