Personeelstekorten houden aan

Arbeidsmarkt Voor wie werk zoekt, is een economisch-adminstratieve mbo-opleiding geen goede keus. Banen zijn er in ict, techniek, zorg en onderwijs.

Hoogleraar arbeidseconomie Didier Fouarge: "Psychologen zeggen vaak: kies met je hart. Maar als econoom zeg ik: als er dan geen banen zijn, kom je met een gebroken hart de arbeidsmarkt op."
Hoogleraar arbeidseconomie Didier Fouarge: "Psychologen zeggen vaak: kies met je hart. Maar als econoom zeg ik: als er dan geen banen zijn, kom je met een gebroken hart de arbeidsmarkt op." Foto Robin Utrecht

De economische groei lijkt te matigen, maar de personeelstekorten blijven naar verwachting onverminderd groot. Vooral in de techniek, ict, zorg en onderwijs zullen de problemen de komende vijf jaar niet verdwijnen, rapporteert deze dinsdag het Researchcentrum voor Onderwijs en Arbeidsmarkt (ROA), verbonden aan de Universiteit Maastricht.

De oorzaken van de schaarste verschillen per sector. Het onderwijs heeft sterk vergrijsd personeel. Tot 2024 is voor 17 procent van hen vervanging nodig. Voor ict’ers ontstaan veel nieuwe functies. In de zorgsector zijn beide ontwikkelingen gaande: het aantal functies groeit door de stijgende zorgbehoefte én veel zittend personeel moet vervangen worden – ongeveer 14 procent.

In totaal ontstaan de komende vijf jaar zo’n 2 miljoen ‘baanopeningen’, voorziet het ROA. Daartegenover staan slechts 1,6 miljoen school- en studieverlaters die de arbeidsmarkt betreden.

Lees ook: Avonddienst bij de pomp, dat liever niet

Dat wil overigens niet zeggen dat ‘het personeelstekort’ met 400.000 mensen groeit, aldus ROA-onderzoeker en hoogleraar arbeidseconomie Didier Fouarge. De cijfers zijn volgens hem niet bedoeld om een precieze voorspelling te geven over toekomstige tekorten. De arbeidsmarkt kan namelijk ook baat hebben bij werklozen die een baan vinden en werknemers die meer uren gaan werken. Bovendien kunnen werkgevers zich aanpassen aan de prognoses, zegt Fouarge, „door hun arbeidsvoorwaarden te verbeteren en zo het werk aantrekkelijker te maken”.

Baankans

De meest „schrikbarende” conclusie uit zijn rapport vindt Fouarge dat veel scholieren blijven kiezen voor economisch-administratieve opleidingen. De baankans in die sector is slecht, vooral voor mbo’ers. Veel werk verdwijnt door automatisering, daarnaast ondervinden mbo’ers in die sector concurrentie van hoogopgeleiden.

Volgens Fouarge is op middelbare scholen meer aandacht nodig voor de baankans na verschillende opleidingen. Een student moet weten of er banen te krijgen zijn. Fouarge heeft kritiek op de loopbaanoriëntatiebegeleiding die scholieren nu krijgen. „Psychologen zeggen vaak: kies met je hart. Maar als econoom zeg ik: als er dan geen banen zijn, kom je met een gebroken hart de arbeidsmarkt op. Als je twee passies hebt, waarvan een meer perspectief biedt, moet je dat wel weten.”

Lees ook: Hoe de overheid de personeelstekorten heeft laten oplopen

Het kabinet besloot eerder dit jaar extra te investeren in bèta- en techniekopleidingen. Dat kan helpen die studies aantrekkelijker te maken, zegt Fouarge. Maar hij vindt het onbegrijpelijk dat het benodigde geld wordt weggehaald bij andere studierichtingen, zoals sociale wetenschappen. „Ik vind het een beetje cru als er gezegd wordt: bij opleidingen waar overaanbod is, kun je geld weghalen. Waarom zou je een student die culturele antropologie heel leuk vindt, ontmoedigen om dat te studeren?”

Bovenal moet de overheid „consequent” zijn, vindt Fouarge. „De afgelopen jaren werd eerst geïnvesteerd in de zorg, dan weer gekort. Dan geef je wisselende signalen aan studiekiezers.” Zo waren er in 2014 voor het eerst in jaren mínder eerstejaars studenten verpleegkunde. Mogelijke oorzaak: het kabinet-Rutte II ging bezuinigingen op de verpleeghuiszorg, maar later werden die alsnog afgeblazen. Fouarge: „Zulk jojo-beleid is funest.”