Hoger onderwijs rekent nu op miljard

Onderwijsbeleid Actievoerders en universiteiten juichen voorzichtig: minister Van Engelshoven erkent dat meer geld nodig is.

Protest van het universitair onderwijs in 2018. Het rode vierkantje is een symbool van het verzet.
Protest van het universitair onderwijs in 2018. Het rode vierkantje is een symbool van het verzet. Foto Remko de Waal/ANP

Er moet een miljard euro extra naar de universiteiten. Met die oproep van minister Ingrid van Engelshoven (Onderwijs, D66), maandag in NRC, kwam de erkenning waar studenten, docenten en wetenschappelijk personeel in het hoger onderwijs al twee jaar op wachten.

Wetenschappers, verenigd in WOinActie, roepen al maanden om structureel meer geld. Nu klinkt er voorzichtig gejuich. „Dit is een belangrijk moment voor ons”, zegt UvA-hoogleraar en WOinActie-voorman Rens Bod. „De minister heeft voor het eerst toegegeven dat er een miljard bij moet in het hoger onderwijs. Dat kan niet meer worden teruggedraaid.”

„Blij dat de minister eindelijk zegt dat er geld bij moet”, zegt ook Alex Tess Rutten van studentenvakbond LSVb. „De bal ligt nu bij de regering om echt iets te doen.”

Pieter Duisenberg, voorzitter van de Vereniging van Universiteiten (VNSU): „Extra geld is nodig als we leidend willen blijven in onderwijs en onderzoek. De kwaliteit van ons hoger onderwijs is heel hoog, maar het staat zwaar onder druk. De gevolgen daarvan gaan we terugzien in de resultaten als er niet extra wordt geïnvesteerd.”

De oproep van Van Engelshoven om meer geld staat niet in de strategische agenda hoger onderwijs en onderzoek die zij maandag presenteerde. Sterker nog: de plannen moeten „binnen het huidige budget van het hoger onderwijs worden ingepast”. Van Engelshoven moet over het geld nog onderhandelen met de minister van Financiën. „We zullen opnieuw de discussie moeten openen over extra investeringen”, zei Van Engelshoven.

Lees ook het interview met minister Ingrid van Engelshoven: ‘Studie mag best langer duren’

Strenge selectie-eisen

Het document, met de richtlijnen voor het beleid van de komende vier jaar, laat zich vooral lezen als een analyse van de problemen in het hoger onderwijs. En problemen zijn er veel. De druk is voor zowel studenten als wetenschappelijk personeel de afgelopen jaren hoog opgelopen. Studenten moeten meer lenen en hebben te maken met strenge selectie-eisen, wetenschappers moeten concurreren om onderzoeksgeld en jonge wetenschappers krijgen meerdere tijdelijke contracten zonder veel kans op een vaste baan.

Dat alles moest met minder geld: de studentenaantallen zijn de afgelopen decennia razendsnel gegroeid, terwijl het budget per student is gedaald.

Vorige week schaarde ook de Sociaal Economische Raad (SER) zich aan de zijde van de actievoerders met een dringend advies aan de minister: investeer in het hoger onderwijs en doe dat nú.

Blij dat de minister eindelijk zegt dat er geld bij moet

Alex Tess Rutten Studentenvakbond

In de strategische agenda ziet Van Engelshoven oplossingen voor de hoge druk vooral in een andere manier van financiering. Door geld voor universiteiten minder afhankelijk te maken van studentenaantallen en externe financiers als NWO, krijgen universiteiten meer ruimte om personeel in vaste dienst te nemen. Ook wil ze „meer waardering en erkenning” voor het geven van onderwijs. Om dat idee te stimuleren lanceerde ze maandag een nieuwe jaarlijkse onderwijsprijs: twee keer 2,5 miljoen voor „excellente onderwijsteams”. Dat initiatief komt haar op veel kritiek te staan. „Wat moeten we met zo’n malle prijs”, schampert Rens Bod van WOinActie. „Hiermee stimuleer je de ratrace waar we juist van af willen."

Lees ook: Stijf van de stress onder een fleecedeken

Om de druk en stress onder studenten te verminderen stapt Van Engelshoven af van het rendementsdenken: in plaats van studenten zo snel mogelijk door hun studie te jagen, mogen ze er voortaan best wat langer over doen. Van Engelshoven: „In het verleden ging het veel te veel over rendement . Wij willen iedere student een eerlijke kans geven om een diploma te halen, ook als het langer duurt.”

Voor die gedachte krijgt de minister de handen wél op elkaar. Kees Gillesse van studentenorganisatie ISO: „We zijn blij dat in dit plan de student meer centraal komt te staan. Daar pleiten wij al jaren voor.”

De studenten zijn niet van plan om nu „achterover te hangen”, zegt Alex Tess Rutten van de studentenvakbond. „We houden druk op de ketel. We moeten zorgen dat het niet blijft bij mooie woorden.”

Ook WOin Actie gaat voorlopig door met actievoeren. Deze maand gaan de wetenschappers „massaal” aangifte doen bij de arbeidsinspectie. Bod: „Er wordt structureel en veel overgewerkt, dat gaan we nu officieel melden.”