Nederlanders wekken samen steeds meer stroom op

Het aantal initiatieven van Nederlandse burgers die samenwerken om duurzame energie op te wekken is in vier jaar tijd meer dan verdubbeld.
Een buurtbatterij in het Noord-Hollandse Rijsenhout waarin zonne-energie uit de wijk wordt opgeslagen.
Een buurtbatterij in het Noord-Hollandse Rijsenhout waarin zonne-energie uit de wijk wordt opgeslagen. Foto Olivier Middendorp

De productie van duurzame energie door projecten van burgers in Nederland neemt de laatste jaren in rap tempo verder toe. Dat blijkt uit de vrijdag gepubliceerde jaarlijkse Lokale Energie Monitor van de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland. Lokale energieprojecten in Nederland produceren nu zeventien keer meer zonne-energie en bijna drie keer meer windenergie dan in 2015.

Het aantal initiatieven is in vier jaar tijd meer dan verdubbeld: van 248 in 2015 naar 582 in 2019, blijkt uit het rapport. 80 procent van de corporaties wekt zonne-energie op. Ongeveer de helft van de totale productie zonne-energie is afkomstig van zonnepanelen op daken van woningen. Verder wekt 24 procent van de corporaties windenergie op, waarmee nu 200.000 huishoudens van elektriciteit kunnen worden voorzien.

De coöperaties zitten in alle provincies en in 80 procent van alle gemeenten. Het aantal leden en deelnemers aan de projecten wordt geschat op ongeveer 85.000. Zij wekken ook energie op uit bijvoorbeeld oppervlaktewater of riool- en afvalwater, houtafval en gft-afval.