Reportage

De ijskastmagneet wordt via de lucht bezorgd

Robotisering In een woonwijk voor ouderen test het Amerikaanse bedrijf Wing pakketbezorging door drones. „De grootste vraag: accepteren mensen deze manier van bezorgen?”

De bezorging per drone heeft in Christiansburg veel bekijks. Op deze foto krijgt een echtpaar uit de buurt medicijnen geleverd.
De bezorging per drone heeft in Christiansburg veel bekijks. Op deze foto krijgt een echtpaar uit de buurt medicijnen geleverd. Foto Logan Cyrus/Bloomberg

„Drie minuut veertig!” Susie Sensmeier (81) staat voor haar huis, smartphone in de hand. Ze heeft een ijskastmagneet besteld en een notitieboekje, en ze tuurt naar de hemel boven het huis aan de overkant van de straat. Daar moet haar bestelling zo aan komen vliegen. Over drie minuten en dertig seconden nu.

Paul en Susie Sensmeier waren vorige maand de eerste Amerikaanse burgers die een pakketje per drone lieten bezorgen. Daarin zat de paarse bodywarmer die Susie Sensmeier nu draagt, in haar voortuin in Christiansburg, Virginia. Het is fris – zeven graden, zo heeft haar Google Assistant net medegedeeld – maar helder en vrijwel windstil. Gelukkig maar, want de drone van Wing vliegt niet in regen of bij harde wind – nóg niet, haast Wing-woordvoerder Jacob Demmitt zich te zeggen.

De Sensmeiers, hij is 79, stonden vooraan tijdens de informatiebijeenkomst die Wing, een zusterbedrijf van Google, in september organiseerde. „Wij waren zowat de enige aanwezigen die geen politici waren”, zegt oud-verpleegster Susie Sensmeier. Ze tekenden meteen in voor de test die Wing in Christiansburg uitvoert, in een gebied met een straal van zo’n vijf kilometer ten westen van het lokale Wing-kantoor. De hoog aangeschreven technische universiteit Virginia Tech ligt even verderop. „De bewoners zijn gewend aan experimenten”, zegt Demmitt. „Hier worden ook zelfrijdende auto’s getest.”

De eerste bezorging was één grote reclamestunt, volgens Demmitt. De hele straat kwam kijken hoe de drone eerst zo’n 45 meter boven de tuin van de Sensmeiers bleef hangen, daarna zoemend zakte tot zeven meter boven de grond en vandaar het pakje liet zakken aan de draad met kenmerkende gele haak. „We kregen meteen een zwik nieuwe aanmeldingen uit de buurt”, zegt Demmitt.

Lees ook het achtergrondverhaal: Bezorging per drone is geen sciencefiction meer

Elke dag bestellen

„Twee minuut zevenendertig.” Bijna elke dag bestellen de Sensmeiers wel wat. Ook gewoon omdat het er zo gaaf uitziet, zeggen ze. Toen de UPS-man met zijn bus een ouderwetse bestelling kwam afleveren, hebben ze hem laten wachten tot hun drone kwam. „Hij maakte foto’s. Ja, hij legde het apparaat vast dat hem zijn baan kan kosten.” En ze plaatsten een nieuwe bestelling om de drone aan de werkster te kunnen laten zien. IJskastmagneet en notitieboekje komen van Sugar Magnolia, een snoep- en cadeauwinkel op een kwartiertje rijden van hun huis. „Elke kilometer die ik niet met die stomme auto rijd, maak ik het minder druk op de wegen”, zegt Paul Sensmeier, gepensioneerd ingenieur van ruimtevaartorganisatie NASA.

Na klachten klinkt de drone nu naar iets wat beter past bij een woonwijk: een auto, een grasmaaier

Op het ‘vliegveld’ van Wing, in een rustig stukje Christiansburg bij een winkelcentrum, had Demmitt eerder die middag speciaal voor de krant gedemonstreerd hoe de bezorging verloopt. Hij had een bestelling ingevoerd in de app, in een zeecontainer klonk vrijwel tegelijkertijd het signaal van een inkomende order. De twee mannen in container nummer vijf vulden het pakketje. Een van hen liep naar de oranje stip die de afhaalplek markeert. Van zijn laadstation op het ‘vliegveld’ steeg een van de drones – voornamelijk piepschuim, een meter spanwijdte, twaalf propellers voor stijgen en dalen en twee voor de voortstuwing – naar zo’n zeven meter. Hij vloog tot boven de stip en liet daar de draad zakken. Het toestel is voorgeprogrammeerd, er komt geen piloot aan te pas – tenzij moet worden ingegrepen, zegt Demmitt. Hij verzekert dat er altijd een piloot stand-by is die de besturing kan overnemen in noodgevallen.

Publiciteit

Wing werkt vooralsnog samen met bezorgbedrijf FedEx, de grote apothekersketen Walgreens én middenstander Sugar Magnolia. Tom Raub, eigenaar van die snoepwinkel, komt net zijn voorraad aanvullen op het dronevliegveld. Hij wandelt met een papieren tas met een paar zakken popcorn, snoepgoed en kaarten voor de feestdagen naar de container. Loopt het storm door de lucht? „Nee, maar daar gaat het in deze fase ook niet om”, zegt Raub. „Wij zijn de eerste kleine middenstander die per drone bezorgt en wij zullen altijd de eerste blijven. Dit heeft ons landelijke publiciteit bezorgd. En wij bouwen aan onze relatie met Wing voor de volgende fase.”

„Een minuut, veertien seconden.” Voor de Sensmeiers is het voordeel van de dronebezorging gauw uitgelegd. „We worden er niet jonger op en we worden er niet gezonder op”, zegt Paul Sensmeier. Hij brak in juni zijn been. „Hadden we toen maar spullen per drone kunnen laten komen”, zegt zijn vrouw. Ze wijst naar de identieke vrijstaande huizen om haar heen. Deze buurt is speciaal opgezet voor ouderen. „Je wil dat mensen hier zo lang mogelijk kunnen wonen, ook als ze minder mobiel worden.”

Jammer dus dat Walgreens nog geen medicijnen-op-recept per drone bezorgt, vindt Paul Sensmeier. Hij kan de streepjescode op zijn medicijnenflesje al scannen met zijn smartphone en dan wordt het recept bij de apotheek verlengd. Maar door de lucht bezorgen, dat doet Wing niet met pillen van de apotheek. „We willen het graag”, zegt Demmitt. „Maar er liggen juridische bezwaren in de weg.” Wing wil niet aansprakelijk zijn als een medicijn in verkeerde handen komt.

Foto Logan Cyrus/Bloomberg

Hete koffie

Andere wensen die nog niet te vervullen zijn in deze proeffase? „Koffie, etenswaren, ijs”, zegt Susie Sensmeier direct. In Australië, waar Wing net als in het Finse Helsinki en hier in Christiansburg experimenteert, komen de drones met hete koffie aan.

„Achttien seconden, zeventien.” Ze stopt met tellen, want daar klinkt het gezoem van de drone. Een van de belangrijkste aanpassingen na de eerste vluchten in Australië, zegt Demmitt, is de aanpassing van de propellers geweest. „Mensen klaagden over het geluid.” Nu klinkt het toestel niet langer als een groot insect (drone betekent dar: een mannelijke bij), maar als „iets wat je in een woonbuurt kan verwachten”, zoals Demmitt het omschrijft: „Een auto, een grasmaaier.”

Als marketingman houdt Demmitt zich bezig met de reacties van het publiek. „Dat is misschien nog wel belangrijker dan de techniek en logistiek in deze fase: accepteren mensen deze manier van bezorgen?” Tot dusver, zegt hij, zijn de mensen enthousiast en is de enige constante in de reacties dat mensen vragen hoe zij zich kunnen aanmelden.

Twee, één, nul. De drone is tot zeven meter boven het gazon van de Sensmeiers gedaald en laat zijn lading neer. Het pakje voor de Sensmeiers weegt ruim 800 gram, keurig onder het maximum van zo’n 1.350 gram dat tijdens de testfase geldt. Susie Sensmeier had niet verwacht dat ze dit staaltje techniek ooit zou meemaken zegt ze, en nu kan ze haast niet wachten op de volgende fase: zwaardere ladingen. Dat zij kan laten invliegen wat zij het liefst zou hebben: een Canta LX. Ze heeft erover gelezen in de vertaling van het Nederlandse boek Het geheime dagboek van Hendrik Groen. „Je rijdt gewoon met rolstoel en al dat autootje binnen, Jacob”, zegt ze tegen Demmitt. „Je moet me er een bezorgen voor ik in een rolstoel zit.”