Neanderthalers stierven misschien bij toeval uit

Paleontologie Niet de moderne mens, maar demografisch toeval veroorzaakte mogelijk de verdwijning van de neanderthalers.

Reconstructie van een vrouwelijke (rechts) en mannelijke (links) neanderthaler.
Reconstructie van een vrouwelijke (rechts) en mannelijke (links) neanderthaler. Foto EPA/Federico Gambarini

De neanderthalers zouden best kunnen zijn uitgestorven door toevallige effecten die horen bij de demografie van een kleine bevolking. Dat schrijven vier Nederlandse onderzoekers woensdag in een studie in PLOS ONE. Het was al langer bekend dat neanderthalers, die tussen 250.000 en 40.000 jaar geleden Europa en West-Azië bevolkten, niet in groten getale voorkwamen. De meeste schattingen lopen uiteen tussen de 5.000 en 70.000 neanderthalers totaal op één moment. Uit verschillende genetische studies blijkt ook dat de genetische diversiteit van neanderthalers kleiner was dan van de nauw verwante moderne mensen. Daarbij komt dat de neanderthalers in de koudste periode van de ijstijden waarschijnlijk in grote delen van hun territorium uitstierven. Alleen in relatief warme dalen in Zuid-Europa (‘refugia’) konden dan populaties blijven voortbestaan.

Volgens het onderzoeksteam, onder leiding van Krist Vaesen van de Technische Universiteit Eindhoven, is die genetische diversiteit bij neanderthalers altijd zo klein geweest en hadden deze nauwe verwanten van de moderne mensen ook best op een ánder tijdstip kunnen uitsterven, eerder of later. Want de gevaren van de demografie en de externe omstandigheden (zoals klimaat) werkten vrijwel nooit allemaal tegelijk in op álle deelpopulaties tegelijk. „Maar op de erg lange termijn zal zo’n ongunstig scenario zich toch een keer afspelen.” Het kan best dat de komst van moderne mensen naar Europa, vlak voor het uitsterven, heeft bijgedragen aan de verdwijning van de neanderthaler, zo schrijft Vaesen c.s., bijvoorbeeld door beperking van de beste jachtplekken. Maar dan is die komst niet de oorzaak, maar de versnélling van het uitsterven geweest.

Goudvissen

Het is niet de eerste keer dat het uitsterven van de neanderthalers met demografische modellen aannemelijk is gemaakt, maar in het nieuwe onderzoek worden meerdere effecten tegelijk gemodelleerd: het klassieke effect van inteelt, maar ook het effect van toevallige variaties (‘stochasticiteit’) en het Allee-effect. Dat laatste effect is een ooit bij goudvissen ontdekt gegeven uit de populatiebiologie dat er op neer komt dat organismen slechter groeien als er niet genoeg van dezelfde soort bij elkaar wonen. Waarschijnlijk spelen onderlinge hulp en bescherming daarbij een rol. De computermodellen van de de neanderthalpopulaties waren onder meer gebaseerd op voorplantingscijfers van moderne jagers-verzamelaars. Het Allee-effect bleek de belangrijkste factor. Inteelt was vooral belangrijk in het uitsterven van kleine deelpopulaties, hetgeen in de optelsom overigens ook net de genadeklap heeft kunnen vormen.

Lees ook: Neanderthaler kon heus wel wat

Lange tijd werd in de wetenschap het uitsterven van de neanderthaler na het verschijnen van de moderne mens in Europa gezien als een bewijs voor de betere technische en sociale vaardigheden van Homo sapiens, maar tegenwoordig worden die verschillen sterk gerelativeerd. De laatste jaren wordt ook steeds vaker verdedigd dat de periode dat moderne mensen en neanderthalers tegelijkertijd in Europa leefden waarschijnlijk niet veel langer duurde dan twee- tot vijfduizend jaar.