Uitstoot broeikasgassen naar nieuw record, ondanks ‘Parijs’

Klimaatverandering Uit een nieuw rapport van de VN blijkt dat landen veel meer broeikasgassen uitstoten dan ze in 2015 in Parijs hebben beloofd.

Kolencentrale bij Sasolburg in Zuid-Afrika.
Kolencentrale bij Sasolburg in Zuid-Afrika. Foto Siphiwe Sibeko/Reuters

De concentratie van broeikasgassen in de atmosfeer heeft een nieuw record bereikt. Volgens de Wereld Meteorologische Organisatie (WMO) bedroeg de concentratie van kooldioxide in 2018 407,8 ppm (delen per miljoen). Een jaar daarvoor was dat nog 405,5 ppm. Ook de concentratie van andere broeikasgassen, zoals methaan en lachgas, is het afgelopen jaar fors toegenomen.

„Er is geen enkel teken van een vertraging, laat staan van een daling van de uitstoot van broeikasgassen, ondanks alle beloftes van het klimaatakkoord van Parijs”, aldus WMO-chef Petteri Taalas. „De laatste keer dat de aarde te maken had met een vergelijkbare CO2-concentratie was 3 tot 5 miljoen jaar geleden. Toen was het 2 tot 3 graden warmer en stond de zeespiegel 10 tot 20 meter hoger dan nu.”

Ook het Emissions Gap Report, dat deze dinsdagochtend is gepubliceerd door de milieuorganisatie van de Verenigde Naties, concludeert dat de kloof tussen wat nodig is om ernstige klimaatontwrichting te voorkomen en wat landen in 2015 op de klimaattop in Parijs hebben afgesproken nog steeds groeit. Alle goede bedoelingen ten spijt is de uitstoot van broeikasgassen volgens het rapport in 2018 voor de twee belangrijkste sectoren, energie en industrie, wereldwijd met ongeveer 2 procent gestegen.

De snelle groei van duurzame energie en het steeds efficiëntere gebruik van energie waren de afgelopen jaren niet in staat om de economische groei en de groei van de wereldbevolking – vooral in ontwikkelingslanden – bij te benen.

Volgens het rapport zijn de landen van de G20 verantwoordelijk voor het grootste deel van de uitstoot van broeikasgassen (ongeveer 78 procent). Zij zullen dus ook de meeste inspanning moeten leveren om klimaatverandering voldoende te bestrijden. Veel landen slagen daar niet goed in, concludeert het rapport. Onder andere Canada, Indonesië en de VS maken niet waar wat ze beloofd hebben. Landen als Argentinië en Saoedi-Arabië hebben voor de korte termijn helemaal geen beloftes gedaan. En Rusland en India hebben zulke bescheiden doelstellingen geformuleerd, dat ze die onmogelijk konden missen.

Lees ook: Waarom het halen van ‘Parijs’ bijna niet mogelijk is

Niets wijst erop dat de broeikasgasemissies heel binnenkort hun piek bereiken, aldus het rapport. Dat betekent dat de reductie van de uitstoot nadat de piek eenmaal bereikt is, alleen maar sneller moet gaan om te voorkomen dat de gemiddelde temperatuur op aarde meer dan 1,5 tot 2 graden Celsius stijgt, zoals is afgesproken.

Op basis van de emissies in 2018 zou tot 2030 een reductie nodig zijn van zeker 25 procent om onder de 2 graden opwarming te blijven, en zelfs van 55 procent om onder de 1,5 graden te blijven. Dat zou betekenen dat tot 2030 de uitstoot wereldwijd jaarlijks met 7,6 procent zou moeten dalen.

Het rapport brengt enkele opvallende trends in kaart. Zo is de uitstoot in China, al bijna vijftien jaar de grootste klimaatvervuiler, per hoofd van de bevolking inmiddels gestegen tot het niveau van de Europese Unie (net iets onder de tien ton CO2 per persoon). Van de grote landen blijft de VS met ongeveer 20 ton per hoofd van de bevolking veruit de grootste vervuiler.

De uitstoot per hoofd van de bevolking geeft een enigszins vertekend beeld. De meeste Chinezen stoten zelf niet zoveel uit, omdat de consumptie in het land op een veel lager niveau ligt dan in de westerse landen. Veel van de uitstoot in China is afkomstig van productie voor de westerse markt. Dat de uitstoot in rijke landen ondanks de economische groei is gedaald komt mede doordat ze hun consumptiegoederen in China laten maken. Het illustreert hoe moeilijk het is om broeikasgassen daadwerkelijk te reduceren zonder een verandering van levensstijl.