Opinie

Dit algoritme herkent egoïstische automobilisten

Marc Hijink

Ben je een hork of een heer (m/v) in het verkeer? Onderzoekers van TU Delft en MIT hebben een algoritme ontwikkeld dat – in zekere mate – kan voorspellen of automobilisten zich sociaal of asociaal gedragen. Bij lastige situaties, zoals invoegen op een snelweg of linksaf slaan met tegemoetkomend verkeer, is het van levensbelang te weten wat voor type weggebruiker nadert. Is het iemand die je wat ruimte geeft of iemand die voorrang voor zichzelf op eist? In datataal: is je Social Value Orientation (SVO) pro-sociaal (coöperatief), altruïstisch of egoïstisch?

Voor de computer van een zelfrijdende auto is het lastig die bedoelingen snel in te schatten. De software beoordeelt snelheid en onderlinge afstand tussen auto’s. Mensen doen dat ook, maar wij hebben meer aanwijzingen. Op basis van ervaring (lees: een vat vol vooroordelen) weten we dat dat verlaagde Golfje echt geen vaart gaat minderen. We snappen dat een grootlicht-seintje betekent dat je ruimte krijgt. Zie je grootlicht in je achteruitkijkspiegel, dan moet je aan de kant. En vlot een beetje.

Als de robotauto intenties van anderen niet goed inschat, blijft hij een schuw konijn: niet vooruit te branden in de angst een ongeluk te veroorzaken. Een beetje doortastendheid hoort erbij in het verkeer, anders schiet het niet op.

Bij het invoegen op de snelweg wordt gedrag van andere auto’s „25 procent beter voorspelbaar”, meldt het persbericht van TU Delft. Hoe vaak intenties verkeerd worden ingeschat staat er niet bij. Maar het is fijn te weten dat er überhaupt sociale automobilisten bestaan – je zou dat bijna vergeten door het gejammer om het verlagen van de maximumsnelheid overdag.

Bedoelingen van fietsers en voetgangers inschatten is nog veel complexer, zegt Javier Alonso-Mora, een van de onderzoekers. Toch wil hij ook voor hen een algoritme voor hoffelijkheid ontwikkelen. Het zal me verbazen als alle non-verbale communicatie die we in het stadsverkeer gebruiken ooit in een betrouwbaar model gegoten kan worden.

Een verkeerspsycholoog legde me uit dat mensen zich van nature in anderen verplaatsen en daarom zelden tegen elkaar op botsen. Dat is het idee van de shared space-kruisingen: geen regels. Iedereen wordt aangesproken op zijn eigen verantwoordelijkheid en ‘normaal gedrag’. Als je het zo bekijkt is het verkeer een geslaagd sociaal experiment, met helaas meer en meer uitzonderingen: het aantal verkeersdoden stijgt weer.

Dit jaar leert mijn dochter alleen naar school te fietsen. Ze passeert dagelijks drie plekken waar je bent overgeleverd aan de compassie van automobilisten en nietsontziende e-bikes. Ze moet er haar eigen algoritmes trainen, om te beginnen met het aankijken van andere weggebruikers. Want het verkeer vergt vertrouwen in de mens: in een oogwenk contact maken met wildvreemden, proberen iemands bedoelingen te lezen en duidelijk te maken wat je zelf wilt. De bevestiging gaat subtiel, onbewust bijna. Een hoofdknik, een handgebaar of een wijsvinger die los komt van het stuur. Daarna vervolgt ieder zijn weg, in de prettige wetenschap dat er niets bijzonders is gebeurd. Voor een mens dan.

Marc Hijink schrijft over technologie

Reageren

Reageren op dit artikel kan alleen met een abonnement. Heeft u al een abonnement, log dan hieronder in.