In Penoza doet Carmen het niet voor het geld, maar voor haar gezin

10 jaar Penoza De bioscoopfilm ‘Penoza: The Final Chapter’ vormt na vijf seizoenen de apotheose voor deze NPO-hitserie. De scenarist raakte ooit gefascineerd door de vrouwen van criminelen die hij tijdens rechtszaken op de publieke tribune zag zitten.

Monic Hendrickx als drugskoningin Carmen van Walraven in 'Penoza: The Final Chapter'. Vanaf donderdag 28 november in de bioscoop.
Monic Hendrickx als drugskoningin Carmen van Walraven in 'Penoza: The Final Chapter'. Vanaf donderdag 28 november in de bioscoop. Foto Boris Suyderhoud

Toen John de Mol vijftien jaar geleden zijn sterrenzender Talpa lanceerde, zocht hij veel nieuwe programma’s. Ook op het gebied van drama. Dit kwam ter sprake tijdens een kroegavondje van producent Johan Nijenhuis en scenarist Pieter Bart Korthuis, goede vrienden sinds hun samenwerking aan Costa! een paar jaar eerder.

Korthuis deed op dat moment research voor de serie Keyzer & De Boer Advocaten en was gefascineerd geraakt door de vrouwen van criminelen die hij tijdens rechtszaken vaak op de publieke tribune zag zitten. „Je werkt niet zelf mee aan de misdrijven, maar je weet natuurlijk heel goed wat je man uitspookt”, legt de scenarist uit. „De vrouw op de achtergrond die alle praktijken gedoogt – ik zag plottechnisch opeens een zee van mogelijkheden.”

Korthuis was meteen enthousiast en belde nog diezelfde avond het hoofd drama van Talpa; ook de titel ‘penoza’, als vrouwelijke vorm van ‘penose’, werd in de kroeg al bedacht. Korthuis mocht aan de slag en schreef binnen een paar maanden drie proefafleveringen. De pitch: de Nederlandse variant van Tony Soprano gaat plotseling dood en zijn Carmela moet de zaak overnemen. In die vroege fase werd ook al Keyzer & De Boer-regisseur Diederik van Rooijen benaderd, die uiteindelijk met zijn guerrillamanier van draaien en zijn snelle montage de visuele toon van de serie bepaalde.

Ondertussen was het medio 2007 en John de Mol trok de stekker uit het kwakkelende Talpa (dat inmiddels Tien heette). NL Film, destijds het productiehuis van Nijenhuis, vond het echter doodzonde om het Penoza-plan af te schieten en stapte naar de KRO, die meteen toehapte. Na een aantal brainstormsessies werd de toon van de serie harder, tot grote tevredenheid van de twee bedenkers. „Het project werd in de Talpa-wandelgangen Gooische vrouwen bij de maffia genoemd”, herinnert Korthuis zich. „De KRO wilde echter meer psychologische diepgang: Carmen kiest niet voor het criminele leven omdat ze het wil, maar om haar kinderen te beschermen. Dat motief bleek een schot in de roos.” De focus kwam op verse weduwe Van Walraven te liggen; haar beste vriendinnen Sandrina en Hanneke, die in de Talpa-variant een grotere rol hadden, verdwenen naar de achtergrond.

Johan Nijenhuis vertrok in die periode bij NL Film en droeg het project over aan zijn rechterhand Sabine Brian. Het creatieve team bestond vooral uit mannen; Brian en KRO-dramaturg Brigitte Baake hielden tijdens de scriptmeetings vooral de ‘vrouwelijkheid’ van het verhaal in de gaten. „Het ging vaak om de manier waarop Carmen tegen haar kinderen praatte”, noemt Brian als voorbeeld. „De toon van dat soort scènes was soms echt te masculien. Het heeft uiteindelijk ook heel lang geduurd voordat Carmen een wapen ter hand neemt en zelf gaat schieten. Ze doet het echt alleen maar als haar gezin direct wordt bedreigd; dat moest altijd de rode draad blijven.”

Godsgeschenk Hendrickx

Een andere gouden regel van het productieteam was sowieso dat het geweld binnen de perken moest blijven. „Het verhaal moest in dat opzicht realistisch blijven, al hebben we daar in de laatste twee seizoenen wel meer de grenzen in opgezocht”, erkent Sabine Brian achteraf. „En de KRO wilde de serie prime-time kunnen uitzenden, dus de Kijkwijzer moest te allen tijde 12 jaar en ouder blijven. Veel geweld wordt alleen maar gesuggereerd; in de eindmontage sneden we altijd weg voordat je daadwerkelijk een vinger afgehakt zag worden.” Een van de belangrijkste troeven van de serie bleek Monic Hendrickx. De meervoudig Gouden Kalf-winnares was toen bij het grote publiek niet heel bekend en dus geen vanzelfsprekende keuze voor de hoofdrol. Maar het creatieve team onder leiding van regisseur Diederik van Rooijen hield haar consequent boven aan het wensenlijstje. „Een godsgeschenk voor de serie”, noemt scenarist Korthuis haar. „We konden hele dialogen schrappen omdat Monic dingen die werden uitgesproken met één blik duidelijk kon maken.”

Lees ook over het maakproces van de Nederlands-Vlaamse misdaadserie Undercover:meer geld, meer draaidagen

Haar eerste auditiefoto’s maakte de actrice in Zuid-Afrika, waar zij begin 2007 de serie Stellenbosch draaide. „Stond ik daar in de hitte in een zwart jurkje enorm ‘glamourous’ te wezen”, lacht ze. In het eerste seizoen droeg haar Carmen ook nog een blond haarstukje, een relikwie uit de eerste ontwikkelingsfase van de serie. „Toen we een tweede seizoen mochten maken, ben ik mijn haar veel platter gaan dragen. Toen zat Carmen zo diep in de criminele wereld dat ze geen tijd meer had om zich op te tutten en elke week naar de kapper te gaan.”

Dat maffiagevoel

Ook voor Hendrickx was The Sopranos een dankbare inspiratiebron die zij naar eigen zeggen „grijs gekeken heeft, om dat maffiagevoel onder de knie te krijgen. Misdaadseries zijn volgens mij zo populair omdat ze een verboden wereld tonen die veel kijkers fascineert en waarin mensen graag willen meekijken zonder dat ze écht in de problemen kunnen komen.”

Regisseur Diederik van Rooijen liep in de eerste draaiweek heel erg naar de juiste toon te zoeken, bekent hij. „We hebben zeker in het begin bijna improviserend heel veel details en extra lijntjes ontwikkeld met de acteurs.” Hij noemt als voorbeeld de rol van Hubert Fermin, de onderkoelde advocaat van het Mexicaanse drugskartel waar Carmen het mee aan de stok krijgt. „We bedachten ons op de set opeens dat die drugsbazen natuurlijk niet zelf langskwamen om zaken te doen; daar hadden ze hun mannetje voor nodig.”

Een deel van de kracht van de serie was ook de meedogenloosheid waarmee sommige personages plotseling werden afgemaakt, stelt Diederik van Rooijen. „Al kwamen we daar soms ook weer op terug. We hebben meerdere malen een sterfscène opgenomen met moordenaar Luther (Raymond Thiry). Maar het voelde uiteindelijk nooit goed om hem écht weg te sturen; we konden nog te veel kanten met hem op.” Voor sommige personages kenden de makers overigens geen genade; belangrijke acteurs als Marcel Hensema, Fedja van Huet of Eric Corton moesten het veld ruimen ten faveure van het plot. „Vrijwel iedereen informeerde achteraf nog wel eens gekscherend of hun personage niet ergens een tweelingbroer had rondlopen die opeens ten tonele kon verschijnen”, lacht Van Rooijen.

De penibele situatie

De serie veranderde het leven van hoofdrolspeelster Monic Hendrickx; ze werd opeens een bekende Nederlander, een bijeffect dat alleen maar erger werd naarmate Penoza vaker werd verlengd. „Ik heb nog nooit een rol gespeeld die zo breed door de hele samenleving is omarmd”, constateert ze. „Van volksbuurt tot notaris, iedereen snapt de penibele situatie waarin Carmen belandt. Bovendien heeft iedere generatie in het verhaal een eigen personage om mee te connecten. De jongeren leven mee met mijn drie kinderen, terwijl oudere fans vaak zeggen dat ze zich zo goed in mijn moeder Fiep kunnen herkennen.”

De gelaagdheid van het verhaal verklaart ook een deel van het succes van Penoza, denkt regisseur Diederik van Rooijen. „Carmen worstelt vanaf de eerste minuut met haar dubbele agenda. Maar onder dat spanningsveld zit natuurlijk het actuele thema dat er heel veel sectoren zijn waarin vrouwen veel harder moeten vechten dan mannen om zich te bewijzen. Ik denk dat de kijkers, al dan niet bewust, ook die onrechtvaardigheid doorlopend voelen.”