Reportage

‘We leren voetballers om erboven te staan’

Voetbal Ook amateurclubs vragen aandacht voor racisme. Er zijn te veel voorvallen „om op te noemen”, vooral buiten de stad.

De Amsterdamse voetbalclub Zeeburgia houdt, in navolging van het profvoetbal, zaterdag een minuut stilte om aandacht te vragen voor racisme.
De Amsterdamse voetbalclub Zeeburgia houdt, in navolging van het profvoetbal, zaterdag een minuut stilte om aandacht te vragen voor racisme.

„Hé, brilsmurf!” Even wordt het onvriendelijk op Sportpark Middenmeer in Amsterdam-Oost. Drie minuten later schudden de jeugdtrainers, net nog bekvechtend aan de zijlijn, elkaar de hand.

Ook hier, bij Zeeburgia Onder-13 tegen Go Ahead Eagles uit Deventer, hielden de teams voor de wedstrijd een minuut stilte, staand in een kring om de middencirkel. De antiracismeactie in het profvoetbal, naar aanleiding van de uitingen richting Excelsior-speler Ahmad Mendes Moreira bij FC Den Bosch vorige week zondag, is aangegrepen om ook aandacht te vragen voor racisme in het amateurvoetbal. Zeeburgia riep op tot landelijk navolging.

Lees ook dit interview met de spelers van FC Den Bosch: ‘Ik kon nauwelijks slapen van boosheid.’

Bij het opstellen van het persbericht donderdagmiddag had het bestuur wat racistische voorvallen opgesomd, meestal bij uitwedstrijden buiten de stad. „Te veel om op te noemen”, zegt vicevoorzitter Huub Wilbrink. „We zijn maar gestopt.” Afgelopen week nog, zegt voorzitter Marianne van Leeuwen, werd een meisjeselftal verwelkomd in de kantine van de tegenstander met kreten als ‘daar zijn onze Zwarte Pieten’. Een trainer kreeg eens te horen dat ‘ik apen de hand niet schud’. Of er was de moeder die, nadat haar zoons elftal was ingemaakt door een Zeeburgia-team, zei: ‘Nu hebben ze gewonnen. Later lappen ze onze ramen.’

Bij Zeeburgia loopt alles door elkaar. In de bestuurskamer hangt een teamfoto van het eerste elftal dat in 1979-1980 promotie naar de hoofdklasse afdwong; alle spelers zijn wit. Veertig jaar later stelt de seniorenafdeling nog weinig voor, maar is de jeugdafdeling een bastion van talent en een kleurrijke afspiegeling van de samenleving. Vanuit de verre omtrek – Amsterdam, Almere, het Gooi – komen de spelertjes. „Voetbal is hier bloedserieus”, zegt Van Leeuwen. De club „heeft niets met slachtofferschap”, zegt ze. „We leren ze om erboven te staan, te spreken met hun voeten.”

Ook de jongste teams maken voor hun partijtjes een kring, om een minuut lang niets te zeggen. „Mijn jongens snapten nog niet waarom dat was”, zegt jeugdtrainer Abdel El Gourari van de Onder-7. Wat bezielt iemand om iets kwetsends te roepen? Gourari is een type van het „glas half vol” – hij benadert het probleem haast holistisch. „Zo’n uitspraak is vaak het eindstation, zo iemand heeft al heel wat stationnetjes gepasseerd.” Ouders, omgeving, school, ervaringen, bedoelt hij. „Ergens onderweg moet ingegrepen worden.”

De KNVB laat weten dat vanaf dit seizoen is begonnen met het apart registeren van incidenten van racistische aard in het amateurvoetbal. Pas aan het eind van deze jaargang wil de bond daarmee naar buiten treden. „Dan hebben we een compleet beeld.Anders overheersen losse incidenten.”

Het incident bij Argon

Twintig kilometer verderop, in Mijdrecht, is Argon een club die een incident dit jaar zag escaleren. Bij een eerste verzoek om langs te komen reageert voorzitter Ton Goedemoed vrijdag afwijzend. „Voor ons is het boek gesloten.” Einde middag belt hij terug. „We beseffen dat we beter openheid kunnen geven. Dit gaat ons toch nog tien jaar achtervolgen.”

Met ‘dit’ bedoelt hij trainer Ron van Niekerk die op 16 februari 2019 in een uitwedstrijd tegen het Amsterdamse WV-HEDW tekeer gaat tegen een donkere speler die één van zijn spelers voor ‘viezerik’ heeft uitgemaakt. „Ga je wassen, zwarte lul”, horen meerdere mensen Van Niekerk zeggen. Er volgt ook nog een belediging in de categorie je-moeder.

Niemand slaat er echt op aan. Tot de elftalbegeleider van Argon op de parkeerplaats tegen Van Niekerk zegt dat hij er per direct mee stopt. Er volgt een berisping voor de trainer omdat hij zich in ieder geval beledigend heeft uitgelaten. Daarmee lijkt het klaar. Maar nu bekend is wat er vermoedelijk geroepen is, en Van Niekerk in ontkenning volhardt, wil een aantal Argonauten niet met hem verder. Media pikken het tumult op, spelers worden geïnterviewd. Spandoeken – „Argon is verrot” – hangen op het sportcomplex.

Van Niekerk wordt op non-actief gesteld. Voetbalanalist Johan Derksen zegt dat hij het „moediger” gevonden had als het bestuur achter de trainer was blijven staan. „We stonden met onze rug tegen de muur”, zegt Goedemoed. „Maar de correcte weg was afwachten van het onderzoek.” Van de club zelf, maar ook van de KNVB.

De KNVB – de aanklager amateurvoetbal – veroordeelt drie weken later de trainer tot vijf maanden schorsing op basis van verklaringen van het bestuur en een speler van WV-HEDW en enkele stafleden en spelers van Argon zelf. Trainer en club waren toen al uit elkaar gegaan. „Een nachtmerrie eerste klas”, zegt voorzitter Goedemoed. „Ik walg van racisme”, zegt hij drie keer in twintig minuten. „Wat Ron zei, kon niet door de beugel en was Argon-onwaardig. Maar hij is geen racist.”

Lees ook: het interview met oud-profvoetballer Andwelé Slory en zijn moeder Marjorie Esajas. 'We groeien op met racisme'

Persona non grata

Hij lijkt kwader op de elftalbegeleider. Die wordt gezien als degene die publiciteit heeft gezocht en is „persona non grata” bij de club. De voorzitter had het binnenskamers willen oplossen. „Door de publiciteit te zoeken, heeft hij de trainer gepakt. Uit rancune.”

Deze zaterdag is het weer Argon tegen WV-HEDW, nu in Mijdrecht. Een wedstrijd in de eerste klasse KNVB, net onder landelijk amateurvoetbal. Nadat de pupil van de week vanaf de middenstip naar het doel is gedribbeld, volgt de echte aftrap. De eerste minuut houdt een speler de bal roerloos bij zich. „Een statement tegen racisme”, zegt de wedstrijdspeaker afgemeten. In de straffe wind worden lichamen warm gehouden met armzwaaien en sprongen op de plaats. Na afloop, Argon heeft met 4-0 verloren, staat invaller Epi Kraemer in de kantine in de rij voor een warme hap. Hij is een van de spelers die niet meer met Van Niekerk verder wilden. „Ik kan hem de hand schudden, prima met hem door één deur. Maar ik voetbal niet meer onder hem.” Hij heeft de gewraakte uitspraak niet zelf gehoord, maar er is bij hem geen twijfel: „Hij heeft het gezegd.”

Van Niekerk wil desgevraagd niet op de kwestie ingaan. Eerder heeft hij verklaard dat hij „zwarte” nooit heeft gezegd, wel „lul”. Op zijn website beschrijft hij hoe hij „als slecht mens” is weggezet. En slachtoffer is van een opzetje tussen de teamleider en een Argon-speler. Zijn vriendschap met Ruud Gullit bracht hem ooit als assistent-trainer in Tsjetsjenië. Hij heeft wereldwijd met alle culturen gewerkt, schrijft hij.

„Ron is geen racist”, zegt Goedemoed. „Maar dit kon niet.”