Recensie

Recensie Muziek

Alpesh Chauhan dirigeert Strauss met lef

Klassiek Het Gelders Orkest en het Orkest van het Oosten toeren als fusieorkest door de provincie met de jonge Brit Alpesh Chauhan.

Wie zaterdag het Apeldoornse theater Orpheus binnenstapte, wreef zich even in de ogen. Aangekondigd was Het Gelders Orkest, maar op het podium zat toch echt het halve Orkest van het Oosten te spelen.

Sinds beide gezelschappen afgelopen zomer fuseerden, is het symfonische landschap er niet overzichtelijker op geworden in Oost-Nederland. Achter de schermen worden de burelen in Arnhem en Enschede bestierd door één organisatie. Vóór de schermen opereren twee orkestkernen onder hun vertrouwde vlag, als tenminste niet – zo nu en dan – de nieuwe naam Phion wordt gebezigd.

Ondertussen duurt de zoektocht naar een nieuwe chef voort. In dat licht baart het opzien dat Het Gelders Orkest van het Oosten deze weken door de provincie toert met dirigent Alpesh Chauhan. In Enschede was de jonge Brit al geen onbekende. Afgelopen maart nog leverde hij zijn visitekaartje af met een gedurfde uitvoering van Sjostakovitsj’ Eerste symfonie.

Zaterdag getuigde ook Chauhans lezing van Strauss’ Ein Heldenleben van lef. Het breed uitgemeten openingsthema werd met frisse branie ingezet. Lekker puntig klonken de taterende houtblazers waarmee de componist anno 1898 zijn critici op de hak nam. Concertmeester Carla Leurs portretteerde Strauss’ geliefde in knap gespeelde vioolsolo’s

Jammer dat in de militante climax van ‘Des Helden Walstatt’ tumult ten koste ging van transparantie.

Voor de pauze klonk Rachmaninovs Derde pianoconcert met het Russisch-Israëlische klavierfenomeen Boris Giltburg aan de toetsen. Giltburg is een Rachmaninov-interpreet van formaat en vertolkte diens aartsmoeilijke notencascades met duivelskunstig gemak.

In de coördinatie tussen solist en orkest ontbrak het aanvankelijk aan verfijning. Het openingsthema kende balansproblemen en zinderende vioollijnen kwamen maar niet boven de piano uit.

Lees ook: Laura van der Heijden trefzeker in vertolking van Dvořáks ‘Celloconcert’

Gaandeweg werden de antennes fijner op elkaar afgestemd. In het tweede deel klonk doorvoelde pianistiek op fraai bijgemengde strijkerswolkjes. In de finale beantwoordde het orkest Giltburgs puntige spel met een daverende ritmische slagkracht. Aan durf en kwaliteit geen gebrek in het oosten. Nu nog een helder profiel.