Brieven

Brieven 23/11/2019

Criminaliteit

Wel goed, niet heilig

In het artikel Vergismoorden in een zwijgwijk (16/9) wordt geschreven over hoe drugscriminelen niet waren opgenomen in de Top 600-aanpak van Amsterdam. Inmiddels is dit beleid aangepast, kennelijk vanuit de verwachting dat dit succesvol zal zijn, omdat deze aanpak bij andere criminelen geleid heeft tot een spectaculaire daling van woninginbraken, straatroven en gewapende overvallen. Het programma geniet daarmee een ‘onaantastbare status’. Echter, de Top 600-benadering is vatbaar voor vraagtekens. Zo is het bepaald niet zeker dat er een direct verband is tussen die specifiek Amsterdamse benadering en de daling van de criminaliteit in de hoofdstad. De criminaliteit en het aantal verdachten daalt in Amsterdam niet sterker dan in de rest van Nederland of in de andere grote steden, eerder iets minder sterk. Ook de reductie van de recidive met meer dan de helft van de delinquenten die in Amsterdam in de Top-600 zaten, kan niet zonder meer aan dat programma worden toegeschreven. Opmerkelijk is dat, ondanks dat het programma bedoeld was voor jongeren, de gemiddelde leeftijd van degenen die onder de loep liggen, stelselmatig is opgekropen naar 28 jaar. En we weten dat ook veelplegers op een zeker moment ophouden met het plegen van delicten als ze de leeftijd van twintig jaar voorbij zijn. Dit leeftijdseffect zou de genoemde daling van de recidive geheel of grotendeels kunnen verklaren. De Top 600-aanpak is een bewonderenswaardige aanpak om versnippering in de benadering van probleemjongeren op te heffen. Maar die heilig verklaren, gaat toch te ver.


voormalig raadadviseur bij het ministerie van Justitie en Veiligheid

Bosbranden

Miljoenen doden

In het artikel ‘In Australië woedt een hysterisch debat over de bosbranden’ (15/11) valt te lezen dat er vier doden te betreuren zijn, maar het zijn er veel meer. Er zijn miljoenen doden te betreuren: bomen die tientallen of honderden jaren konden groeien, dieren als kangoeroes, koala’s, dingo’s, insecten, etc. Zij zijn in een oogwenk verzwolgen (net als bij branden elders ter wereld) en het einde van deze massale wegvaging is niet in zicht. Helaas worden dergelijke catastrofes vooral vanuit menselijk perspectief belicht. Dit zorgt voor een kokervisie; leed en dood van dieren en natuur worden te makkelijk opzij gezet. De schrik zit ‘m misschien vooral in de CO2-uitstoot van brandende bossen die verdere nadelige gevolgen hebben voor de opwarming van de aarde en de stijging van de zeespiegel. Toch zouden we het eigenbelang als mens moeten relativeren en ook alle natuur en dieren een plek in hart en hoofd moeten geven; de mens moet van haar voetstuk af!

Jeugdzorg

Slechts beetje geld?

Het kabinet denkt dat zij de huidige problemen in de jeugdzorg op kan lossen met een klein beetje geld (Kabinet erkent fouten in jeugdzorg en wijzigt stelsel, 9/11). De vermarkting van de jeugdzorg bracht hoge kosten met zich mee. De financiële afdelingen van alle jeugdzorginstellingen zijn na invoering van het nieuwe beleid in 2015 drie tot vier keer zo groot geworden. Deze extra investering is ten koste gegaan van het geld dat voor de begeleiding van de jeugd en hun opvoeders beschikbaar was. De vermarkting had daarmee direct een verslechtering van de kwaliteit van de zorg tot gevolg. Academisch geschoolde begeleidingsteams en hoog geschoolde jeugdzorgwerkers werden wegbezuinigd. Zij zijn ingeruild voor financiële medewerkers, managers en gemeenteambtenaren. Het werk wordt nu verricht door ‘protecollenvolgers’. Zij denken dat het hun wel lukt om de problemen onder controle te brengen, maar na lang en ondeskundig aanploeteren van deze goedkope krachten, verergeren de problemen van de jeugdigen alleen maar. De GGZ en justitie kunnen de vloedgolf van steeds ernstigere aanmeldingen niet meer aan. Vier jaar geleden werden er honderden miljoenen op de jeugdzorg bezuinigd. Hoe kan nu verwacht worden dat je dezelfde kwaliteit kan handhaven met minder geld? Of dat de toekomst met deze jeugdzorgkinderen kan worden opgebouwd? En dan steeds maar weer het beleid bijstellen met incidenteel een klein beetje geld, zonder serieus met alle betrokkenen te evalueren wat er fout gaat. Deze kinderen verdienen een beter beleid. Waar blijft de parlementaire enquête naar de jeugdzorg? Nederland, een van de welvarendste landen ter wereld, moet zich schamen.


voorheen werkzaam als gezinsvoogd, OR lid en supervisor in de jeugdzorg

Psychiatrie

Verkeerd ingeschat

In de politiek is opnieuw de roep ontstaan om in te grijpen in de GGZ om zware misdrijven door mensen met een ernstige psychiatrische stoornis te voorkomen. Dit naar aanleiding van de zaak van Thijs H., die drie mensen doodde en wiens ouders tevergeefs om opname vroegen (Ouders Thijs H. werkten onderzoek niet tegen, 6/11). Politici vinden dat risico’s in de GGZ te vaak niet goed worden ingeschat. Dat lijkt mij een terechte constatering. Waarom worden binnen de GGZ met regelmaat risico’s verkeerd ingeschat? Voor een adequaat risicobewustzijn dient in een vroegtijdig stadium gedrag te worden opgemerkt dat een risico (kan) inhouden. Risicosignalen opmerken is geen vanzelfsprekendheid. Een belangrijke factor die invloed heeft op het risicobewustzijn, is het dominante behandelmodel waarbinnen hulpverleners opereren. Het gaat hierbij om de zeer sterke nadruk binnen de GGZ op het belang van de autonomie van de patiënt. Generaties hulpverleners zijn doordrenkt van dit paradigma. Als een hulpverlener voortdurend denkt vanuit dit kader, kan dit op gespannen voet komen te staan met de noodzaak in te grijpen als de patiënt dit niet wil. Doordat er geen ruimte is om tegen de wens van de patiënt in te gaan, wordt het aanwezige risicosignaal door de hulpverlener bij zichzelf onderdrukt. Hierdoor wordt het gevaar niet goed ingeschat. De Onderzoeksraad voor Veiligheid formuleert het in een rapport in april 2019 als volgt: „De nadruk die binnen het stelsel op de autonomie van de patiënt wordt gelegd, kan verlammend werken op het handelend vermogen van hulpverleners”. Afgelopen jaren is de herstelbeweging binnen de GGZ dominant geworden. Het doel is de patiënt de regie over zijn leven te laten voeren. Nu is er met het respecteren van de autonomie van de patiënt en de herstelbeweging in principe niets mis, alleen is het binnen de GGZ verworden tot het enige perspectief. Deze eenzijdige benadering leidt tot risico’s. Naast de herstelbenadering dienen hulpverleners altijd te blijven denken vanuit het perspectief van het risicobewustzijn.


psychiater en emeritus hoogleraar forensische psychiatrie