Opinie

Betaalbare rechtshulp, als dat eens zou kunnen

De Rechtsstaat

Enfin, de sociale advocatuur is weer even uit de brand, met een noodfonds van tweemaal 36 miljoen voor twee jaar. Het probleem is over dit kabinet heen getild, uit het zicht. Intussen blijven andere, reële problemen buiten beeld.

Onlangs kwam het WODC met een rapport over de toegang tot het recht voor het midden- en kleinbedrijf met weinig personeel. Het bekende treurige beeld kwam weer boven. Van de bedrijven die ervaring met procederen hebben, vindt driekwart juridisch advies erg duur. Meer dan de helft vindt het moeilijk om z’n recht te halen, bijna driekwart vindt het tijdrovend en ruim de helft niet eenvoudig. Ofwel, recht – het duurt te lang, kost te veel en is te moeilijk.

Het deed mij denken aan het HiiL rapport uit 2017 waarin werd geconstateerd dat de toegang tot het recht netto afneemt. Ofwel, er blijven ieder jaar meer rechtsproblemen onopgelost dan het jaar ervoor. In 2009 werd zo’n 60 procent opgelost, in 2014 51 procent. Heeft die trend zich voortgezet, dan nam het conflictoplossend vermogen van het recht tot 2019 dus weer met tien procent af.

Tegelijk constateerde HiiL dat de branche achterloopt met de technologische revolutie en met innovatie. De advocatuur is „zo dichtgeregeld dat er geen gestandaardiseerde diensten voor gewone mensen kunnen ontstaan”.

Toch bloeien er inmiddels kleine bloempjes, tussen de betontegels van het establishment. In april moest de Autoriteit Consument en Markt eraan te pas komen om de Orde van Advocaten het provisieverbod voor advocaten te laten schrappen. Daarmee werd een online matching platform mogelijk waarmee je advocaten kunt vergelijken op tarief, specialisatie en locatie. Legal Dutch belooft vaste prijzen. Heeft u per ongeluk gedreigd ‘iemand voor de rechter te slepen’? Voor 95 euro kijkt een jurist na of een kort geding haalbaar is. Het analyseren van uw nieuwe arbeidscontract: 250 euro. Advocaten die om de opdrachten werven, betalen provisie. De Orde ging ermee akkoord zolang de klant maar weet wat die provisie is. Voor de burger is het verschil dat hij tevoren weet wat het gaat kosten en meer keuze in geselecteerde aanbieders heeft.

Ook nieuw, en meteen omstreden, is een bedrijf dat met opzet de loondienstregel van de Orde overtreedt. Advocatenkantoren moeten worden gerund door advocaten, om zo de onafhankelijkheid van de individuele advocaat te garanderen. Daarop zijn uitzonderingen, zoals rechtsbijstandverzekeraars die wel eigen advocaten in dienst mogen hebben. Dit bedrijf, dat zich ‘BrandMr’ noemt, mikt op burgers die geen gesubsidieerde rechtshulp krijgen, geen rechtsbijstandverzekering afsloten en advocaten te duur vinden. Uit eigen onderzoek schat het deze groep onvrijwillige ‘rechtmijders’ op een kwart van Nederland. Het gemiddelde uurtarief in de vrije sector is ongeveer 200 euro. Maar van 600 euro kijkt niemand op. De top vraagt twee, drie keer zoveel.

De dienstverlening bij prijsvechter ‘Brandmeester’ is online, telefonisch of per skype en gebaseerd op vaste prijzen. Wie de antwoorden op de gretige Kamervragen van VVD-lid Van Wijngaarden leest, proeft dat dit helemaal op maat is voor de liberaal Sander Dekker. Sterker, tijdens een recent Kameroverleg zei hij dat wat Brandmeester doet voor de ‘rechtmijders’ precies is wat hij voor de sociale rechtshulp wil. Standaard pakketten, vaste prijzen, vrijere markt. In de sociale rechtshulp nu is het immers ook ‘uurtje factuurtje’, maar dan in de vorm van een complex en inmiddels uitgemergeld punten-systeem. Wat leidt tot klagende advocaten over niet te declareren reiskosten, wachttijden en totaal onrendabele inspanningen die ze toch maar leveren. Dekker vindt dat de Orde zo’n Brandmeester juist moet helpen.

Kortom, als er nu eens meer aanbieders van juridische hulp zouden worden toegelaten, zouden de prijzen dan niet dalen? Zou dat de toegang tot het recht niet verbeteren? Zou er dan niet meer standaardisatie, digitalisering en specialisatie mogelijk worden tegen een lager tarief? En zou dat niet ook de sociale rechtshulp perspectief bieden? Als Dekker erin zou slagen de markt voor rechtshulp voor iedereen te moderniseren, kan zijn ministerschap toch nog positief eindigen.

Folkert Jensma is juridisch commentator. Facebook: nrcrecht

Correctie (25 november 2019): in een eerdere versie van deze column is het Kamerlid Van Wijngaarden (VVD) abusievelijk aangeduid als ‘Van Werkhoven’.

Reageren

Reageren op dit artikel kan alleen met een abonnement. Heeft u al een abonnement, log dan hieronder in.