Perez roept overheden op de leiding te nemen in de duurzame transitie, en van klimaatverandering een kans te maken.

Foto Friedemann Vogel/EPA

Interview

‘Klimaatverandering kan een gouden tijdperk inluiden’

Interviewreeks | Klimaat & groei | Carlota Perez De markt heeft de samenleving op zijn kop gezet, met grote sociale problemen als gevolg. Nu moet de overheid ingrijpen, stelt econoom Carlota Perez.

We zijn economisch gezien in het equivalent beland van de jaren 30, stelt Carlota Perez. „In de afgelopen decennia zijn we door een gekke, wilde periode van technologische verandering gegaan, net als in de roaring twenties. Alle geweldige mogelijkheden hebben ook enorme problemen gecreëerd die nu zichtbaar worden: banen, vaardigheden, regio’s zijn vernietigd, de ordening van economieën is op zijn kop gezet. We zitten precies op dat moment waarop al die consequenties alive and kicking zijn. En de populisten zijn er weer, en de boosheid, en het geweld.”

De Brits-Venezolaanse Perez is een onstuitbare Engelse spraakwaterval met Spaanse tongval. De 80-jarige hoogleraar economie (ex-Cambridge, ex-London School of Economics) roept overheden op om de leiding te nemen in de duurzame transitie, en van klimaatverandering een kans te maken. „We zitten al tien jaar te wachten op een nieuwe richting die maar niet wil komen. De samenleving moet gegidst worden als het gaat om het enorme potentieel van de nieuwe technologieën.” De strijd tegen klimaatverandering kan die richting geven, en zelfs een nieuw ‘gouden tijdperk’ inluiden, volgens haar.

„De aard van de ICT-revolutie is het niet-tastbare van de diensten en producten, en de zogeheten dematerialisatie. De technologie zorgt ervoor dat steeds meer virtueel wordt, dat we steeds minder materialen gebruiken, dat er duurzame energiebronnen komen. Die kant gaat het duidelijk op. Maar de overheid moet nu instappen om de leiding te pakken, anders gaat het te langzaam.”

Perez beziet de economie op enorme tijdsschalen. Technologische revoluties, zoals degene waar we nu in zitten, voltrekken zich volgens haar in voorspelbare fases. Na de ontdekking van een revolutionaire technologie volgt een periode van enkele decennia van ‘installatie’ van die technologie, zoals we sinds de jaren tachtig met het internet hebben gehad. Zo’n fase wordt aangejaagd door de financiële sector. Aan het eind van die installatiefase volgt altijd een zeepbel die barst, soms zelfs twee, zoals in 2000 en 2008.

Pas na het knappen van de zeepbel kan de geïnstalleerde technologie zijn totale potentieel benutten en de rest van de economie transformeren. Dat noemt ze een gouden tijdperk. Die fase moet volgens Perez dan wel worden aangejaagd door de overheid.

„De geschiedenis van gouden tijdperken leert dat die alleen voorkomen als de overheid de leiding neemt. Nu is het moment aangebroken. Als dat goed gaat, leidt het tot een bloeitijd die twee tot drie decennia duurt.”

De vorige gouden periode was volgens Perez de decennia na de Tweede Wereldoorlog, toen technieken die in de oorlog werden ingevoerd voor massaproductie en vervoer een langdurige economische hausse inleidden. „Die was voorbij in de jaren 70 en daarna begon de installatiefase van computers.”

Hoe moet de overheid nu ingrijpen?

„Bij deze nieuwe technologische revolutie horen nieuwe, duurzame producten en nieuwe levensstijlen. Tien jaar na de laatste recessie zitten we nog steeds te wachten totdat er een einde komt aan de bezuinigingen. Te wachten totdat er eindelijk wat gebeurt om meer investeringen, banen en innovatie te krijgen. Een duidelijke richting.”

Wat bedoelt u precies met levensstijlen?

„Een nieuw concept van het ‘goede leven’, mogelijk gemaakt door nieuwe technologieën en gestimuleerd door slim overheidsbeleid. Elke technologische revolutie verwoest banen, maar de vraag die vloeit uit de nieuwe levensstijlen moet de níeuwe banen creëren.

„In de 19e eeuw was de nieuwe levensstijl het Victoriaanse leven. Kolen, stoommachines, treinen maakten een stedelijke levensstijl mogelijk. Het leven in steden zorgde voor vraag naar banen in productie, diensten, mode, cultuur.

„Na de Tweede Wereldoorlog maakte de auto het leven mogelijk in suburbs: een goedkoop huis op goedkoop land met een goedkope auto voor de deur. De Amerikaanse levensstijl van massaproductie en massaconsumptie. Van veel diensten werden toen elektrische producten gemaakt. Dat was de droom die mensen nastreefden. Gouden tijdperken komen vanuit de vraagkant van de economie, uit de consumptie.

„Nu moeten we naar een ICT-gedreven manier van groen leven. Deeleconomie, circulair, duurzaam, digitaal: we moeten van producten weer diensten maken. Dat is een enorme kans voor Europa, waar mensen al die kant op bewegen. Vooral in Noord-Europa, waar de digitale, duurzame levensstijl al het meest zichtbaar is.”

En een idee zoals de Green New Deal kan een uitweg bieden, denkt u?

„Zeker. Maatregelen moeten win-win zijn voor bedrijven én burgers. Je krijgt geen gouden tijdperk zonder win-win-beleid.

Neem de collectieve werkloosheidsverzekeringen die in de 20e eeuw werden ingevoerd door overheden. Die zorgden ervoor dat mensen als ze hun baan verloren, ze niet meteen de sleutel van hun huis hoefden in te leveren, niet hun koelkast de deur uit hoefden te doen en gewoon auto konden blijven rijden. Dat was goed voor de burgers en voor de bouwers en verkopers van huizen, ijskasten en auto’s. Dat leidde een gouden tijdperk in. De Green New Deal moet investeringen in onderwijs en een basisinkomen bevatten. In de gig-economie die opkomt zou dat een noodzakelijk vangnet zijn. Daarmee zorg je voor stabiliteit en sociale zekerheid voor burgers, en tegelijkertijd voor vraag voor bedrijven.”

Dat klinkt als een enorme omslag die politiek nog niet haalbaar is: hoe realistisch is het dat die vreedzaam gemaakt zal worden? Uw vergelijking met de jaren 30 stemt in die zin niet echt gerust.

„Toen mensen in de gaarkeukens van de jaren 30 stonden, was het ook moeilijk om een gouden tijdperk voor te stellen met al zijn groei en sociale zekerheid. En na de oorlog kwam dat toch. Het kan nu twee kanten op. Als het politieke centrum de leiding neemt, kunnen we uit de huidige rotzooi geraken. Maar misschien moet er eerst iets ergs gebeuren. Misschien een milieucatastrofe, misschien een economische crash die nog erger is dan de vorige. Ik hoop het niet. De strijd tegen klimaatverandering kan misschien wel net zo stimulerend worden voor innovatie als de Koude Oorlog of de ruimtewedloop.”

Wat moet er nog meer gebeuren?

„Je moet belastingen verschuiven. Belastingen worden nu vooral geheven op salarissen en winsten. Dat moet verschuiven naar gebruik van grondstoffen, energie en transport. Dat zou een sterke prikkel zijn voor groene innovatie. Neem voedselproductie. Dat kan door moderne landbouwtechnieken veel beter dichtbij huis gebeuren dan vroeger. Waarom zou je je eten niet dichtbij de stad produceren? Als je transport van voedsel zwaarder belast, zal voedselproductie dichterbij plaatsvinden: al die vliegtuigen die nu voedsel heen en weer vliegen kunnen dan op de grond blijven.”

Tegenstanders van een Green New Deal vinden dat die teveel neigt naar het centraal plannen van de economie, met rampzalige gevolgen.

„Dat is simplistisch gedacht, dat centraal plannen moet je ook niet doen en dat stelt ook niemand voor. Markten werken goed in twee contexten: als er een nieuwe technologische revolutie te installeren valt, en als de maatschappij een duidelijke kant op beweegt. Dat is nu allebei niet zo. Markten brengen in hun eentje geen gouden tijdperk. Overheden moeten de private sector helpen bij de meest riskante projecten, of moeten zelf de vraag aanjagen naar de benodigde innovaties. Geen enkele innovatieve sector is meteen winstgevend, de meeste grote vernieuwingen zoals internet, computers, beginnen bij de overheid. Dat heeft [de Italiaans-Amerikaanse econoom] Mariana Mazzucato in haar werk aangetoond. Pas na een boost van de overheid komt het bedrijfsleven erin en maakt het groot.”

Bent u zelf hoopvol dat dit straks gaat gebeuren?

„Ik ben de meest pessimistische optimist die je ooit zult ontmoeten. Een wereldwijde duurzame gouden periode is technologisch haalbaar en economisch winstgevend. Het is alleen politiek niet haalbaar. Nog niet. Dat moet, en zal waarschijnlijk, veranderen. We staan op een belangrijk keerpunt.”

Reageren

Reageren op dit artikel kan alleen met een abonnement. Heeft u al een abonnement, log dan hieronder in.