Door Turkije teruggestuurde IS-vrouwen blijven langer vastzitten

Turkije stuurde eerder deze week twee IS-vrouwen terug. Vrijdag werd bekend dat zij tenminste veertien dagen langer vast blijven zitten.
Een vrouw in het Koerdische Al-Hol-kamp waar veel buitenlandse IS-strijders worden vasthouden.
Een vrouw in het Koerdische Al-Hol-kamp waar veel buitenlandse IS-strijders worden vasthouden. Foto Delil Souleiman/AFP

De twee IS-vrouwen die eerder deze week door Turkije werden teruggestuurd naar Nederland, blijven nog veertien dagen langer vastzitten. Dat bevestigt de rechtbank in Rotterdam vrijdag na berichtgeving door persbureau ANP. Volgens de rechtbank is een „redelijke verdenking” van terroristische feiten genoeg reden om de vrouwen langer vast te houden. Waarvan de vrouwen precies worden verdacht is vooralsnog onduidelijk, omdat de zaak achter gesloten deuren dient.

Xaviera S. en Fatima H.

Xaviera S. uit Apeldoorn (24) en Fatima H. uit Tilburg (23) kwamen dinsdag aan op Schiphol samen met de twee kinderen van H., van drie en vier jaar oud. De kinderen werden overgedragen aan de Raad voor de Kinderbescherming en de vrouwen werden aangehouden.

S. is in 2018 opgepakt in het zuiden van Turkije. H. was ontsnapt uit het detentiekamp Al-Hol en meldde zich eind oktober bij de Nederlandse ambassade in Ankara. Minister Ferdinand Grapperhaus (Justitie en Veiligheid, CDA) nam haar diezelfde dag de Nederlandse nationaliteit af. Ze behield haar Marokkaanse nationaliteit. Mogelijk wordt H. na vervolging en eventuele berechting uitgezet naar Marokko, zei Grapperhaus.

H. meldde zich samen met een andere Nederlandse IS-vrouw en drie kinderen bij de ambassade. Ook de andere vrouw had een tweede nationaliteit, maar welke is vooralsnog niet bekend. Haar Nederlanderschap werd niet afgenomen. De vrouw zit nog steeds vast in Turkije.

Lees ook: Turkije stuurt vrouwelijke Syriëganger zonder Nederlandse nationaliteit terug

‘Ongewenste beslissing’

Grapperhaus noemde de beslissing van Ankara om de vrouwen terug te sturen „ongewenst”. „Het kabinet betreurt dat Turkije ondanks alle inspanningen alsnog eigener beweging tot uitzetting is overgegaan”, schreef de minister in een brief aan de Tweede Kamer. Hij heeft in „verschillende telefoongesprekken” geprobeerd de Turkse minister van Binnenlandse Zaken Süleyman Soylu ervan te overtuigen Fatima H. niet naar Nederland te sturen.

Minister Soylu zei begin deze maand dat Turkije de Europese passiviteit hekelt wat betreft het terughalen van Syriëgangers. Daarop begon het land met het terugsturen van buitenlandse IS-strijders. Het Nederlandse kabinet houdt vol dat Nederland geen IS-aanhangers terughaalt, maar ze in de regio wil laten berechten.