Netanyahu wordt vervolgd - en dat maakt de politieke chaos in Israël nog groter

Israël Premier Benjamin Netanyahu van Israël wordt vervolgd in drie zaken, voor fraude en omkoping. Al hoeft hij niet af te treden, het ondergraaft zijn positie wel verder.

Foto Oded Balilty / AP

Een zittende premier die is aangeklaagd wegens omkoping, bijna een jaar geen functionerend parlement, twee falende informateurs, uitzicht op de derde verkiezingen in korte tijd: Israël verkeert in een ongekende politieke chaos. Een snelle uitweg is er niet.

Benjamin Netanyahu wordt aangeklaagd in drie corruptiezaken, zo maakte procureur-generaal Avichai Mandelblit donderdagavond bekend. Het is nooit eerder gebeurd dat een zittende premier in Israël strafrechtelijk wordt vervolgd.

De politieke crisis en Netanyahu’s vervolging hangen nauw met elkaar samen. De strafzaken hangen ‘Bibi’ al drie jaar boven het hoofd; Mandelblit kondigde in februari aan, voor de eerste verkiezingsronde, Netanyahu te willen vervolgen. ‘Bibi’ kreeg in oktober nog de kans zich te verweren voordat het definitieve besluit zou vallen.

De ernstigste zaak is zaak 4000, de zogenoemde Bezeq-Walla-zaak. Hierin zou Netanyahu in zijn tijd als minister van Communicatie volgens de aanklacht positieve berichtgeving op de populaire nieuwswebsite Walla News hebben geëist in ruil voor gunstige regelgeving.

In zaak -1000 gaat het om het aannemen van dure cadeaus en het verlenen van gunsten, en in zaak-2000 draait het ook om berichtgeving, maar dan bij een krant ten koste van een andere krant. In alle drie de zaken luidt de aanklacht fraude en misbruik van vertrouwen, in zaak-4000 komt daar omkoping bij.

Netanyahu heeft kort na de bekendmaking hard uitgehaald naar de „valse aantijgingen met politieke motieven”. De Israëlische leider noemde zijn vervolging in een televisietoespraak een „couppoging”.

Mandelblit komt met zijn besluit een dag nadat Benny Gantz, leider van de partij die bij de verkiezingen in september als grootste uit de bus kwam, zijn pogingen opgaf om een kabinet te vormen. Eerder was dat premier Netanyahu al niet gelukt. Nu is voor het eerst in de Israëlische geschiedenis een periode van 21 dagen ingegaan waarin elk Knessetlid dat een meerderheid van 61 leden bij elkaar kan krijgen, een formatiepoging mag doen.

Er is geen reden om aan te nemen dat het in deze periode ineens wél gaat lukken een kabinet te vormen. Na afloop van de drie weken moeten er nieuwe verkiezingen worden uitgeschreven. Die zullen dan volgend voorjaar plaatsvinden.

Coalitie hangt samen met strafzaken

Dat de onderhandelingen over een eenheidscoalitie mislukten, heeft alles te maken met deze strafzaken. Het eenheidskabinet werd stevig gepusht door president Reuven Rivlin en door oud-defensieminister Avigdor Lieberman, die de onderhandelingen na de eerste verkiezingsronde in april deed klappen en die nu met zijn partij een sleutelpositie vervult.

Netanyahu wilde echter koste wat het kost het juridische traject als premier ingaan en hoopte met zijn politieke blok vervolging te voorkomen. Vlak na de verkiezingen liet hij de leiders van andere rechtse partijen tekenen dat ze alleen als eenheid de onderhandelingen in zouden gaan. Zijn rivaal Gantz had er in zijn campagne juist een punt van gemaakt niet te zullen regeren met een premier die vervolgd wordt voor corruptie.

De twee konden niet tot een overeenkomst komen over rotatie van het premierschap. Beide politieke blokken hoopten tevergeefs op muiterij binnen het andere blok.

Hoewel Netanyahu juridisch niet verplicht is af te treden zolang hij niet veroordeeld is, wordt zijn positie steeds moeilijker te handhaven. Nu de procureur-generaal de zwaarste aanklacht uit de voorlopige beslissing heeft gehandhaafd, nemen zijn kansen om een derde verkiezingsronde te winnen verder af.

Kahol Lavan (Blauw-Wit), de partij van Gantz, zal wederom hopen dat Likudleden hun trouw aan Netanyahu afzweren, of dat de steun voor Likud door de vervolging genoeg zal afbrokkelen om het rechtse blok nog verder van een Knesset-meerderheid te verwijderen.

Update (20.00 uur): Dit bericht is aangevuld met een reactie van Benjamin Netanyahu.