Reportage

Iraans regime geeft geen krimp onder protest

Iran De felle protesten in Iran zijn neergeslagen. De sancties lijken de repressie door het regime te versterken.

In de stad Shahriar kijken Iraanse vrouwen naar een vestiging van de Melat Bank die uitbrandde tijdens de protesten.
In de stad Shahriar kijken Iraanse vrouwen naar een vestiging van de Melat Bank die uitbrandde tijdens de protesten. Foto EPA/ABEDIN TAHERKENAREH

„Het leek wel oorlog”, vertelt een inwoner van Teheran door de telefoon. De Iraniër, die anoniem wil blijven uit angst voor het regime, doorkruiste afgelopen dagen in zijn auto de hoofdstad, waar net als elders in Iran massaal en fel werd betoogd na een verhoging van de brandstofprijzen afgelopen vrijdag.

„Ik zag hoe de veiligheidstroepen van het regime groepen demonstranten aanvielen, die weer met stenen teruggooiden. Er zijn ook doden gevallen, vooral in de armere zuidelijke buitenwijken. Artsen in ziekenhuizen vertelden dat er in Teheran alleen al vijftig doden vielen.”

Inmiddels is het weer kalm. Donderdagmiddag voelden de autoriteiten zich zeker genoeg van hun zaak om het internetverkeer dat ze vijf dagen achtereen hadden afgesloten weer vrij te geven. Met grof geweld heeft het regime de protesten de kop weten in te drukken. In veel gevallen schoten de militairen met scherp. Volgens Amnesty International vielen er 106 doden in 21 steden, mogelijk nog aanzienlijk meer.

Slechts incidenteel slaagden mensen er de laatste dagen in via omwegen beelden van brandende auto’s of met bloed besmeurde straten door te geven naar buiten. Alleen al in het Koerdische grensplaatsje Mariwan vielen volgens een bewoner tien doden. De straten boden de aanblik van een slagveld. Uit Teheran kwamen berichten over veel in brand gestoken bankgebouwen. „Dat gebeurde volgens mij niet zozeer door betogers als wel door provocateurs van het regime”, zegt de anonieme inwoner van Teheran door de telefoon.

Een tankstation in Teheran dat in brand werd gestoken bij betogingen na verhoging van de brandstofprijzen. Foto Abdolvahed Mirzazadeh/ISNA via AP

Confrontaties

De confrontaties namen op veel plaatsen al snel een politiek karakter aan. Er werden leuzen tegen opperste leider Ali Khamenei en president Hassan Rohani aangeheven. Ooggetuigen zagen hoe bij de Universiteit van Teheran enige tientallen studenten werden opgepakt, nadat sommigen hadden geroepen ‘Weg met de dictator’. Het regime zelf maakte al enkele dagen geleden melding van duizend arrestaties. Ook organiseerde het ‘spontane’ tegenbetogingen van aanhangers van het bewind. Een 35-jarige vrouw uit Teheran zei in het Franse dagblad Le Monde: „Ik ben bang voor een burgeroorlog.”

Zowel Khamenei als Rohani zinspeelde er op dat de rellen het gevolg waren van een samenzwering van ’vijanden van het volk´, vermoedelijk uit het buitenland. Bewijs voor deze beschuldigingen voerden ze niet aan. Het werd de leiders makkelijker gemaakt door de enthousiaste twitterberichten over de onrust uit Washington van zowel president Trump als minister van Buitenlandse Zaken Pompeo.

Ze doen hier met hun onderdanen wat ze willen

Anonieme waarnemer in Teheran

Dat het regime keihard reageerde op de onrust, komt niet als een verrassing. Het past in een beeld van toenemende repressie, dat zich al aftekent sinds de verscherping van de Amerikaanse sancties na de eenzijdige terugtrekking in 2018 door president Trump uit het internationale nucleaire verdrag van 2015. Dit voorzag in een beperking van Irans nucleaire programma in ruil voor opheffing van sancties.

„De grotere druk van buiten leidt juist tot meer repressie binnen Iran”, zei een buitenlandse waarnemer in Teheran, die anoniem wil blijven, al vorige maand tegen NRC. „De sancties hebben een perverse invloed. Ze versterken de Revolutionaire Garde en het militaire complex. De controle van het regime is vrijwel compleet. Ze doen hier met hun onderdanen wat ze willen. Niemand die daarop kritiek laat horen.”

Vrouwenactivisten

Hoe gevaarlijk dat is, ondervonden veertien Iraanse vrouwenactivisten die Khamenei deze zomer in een petitie opriepen om af te treden. Prompt verdwenen ze achter slot en grendel. „Waren er ook maar enige demonstraties om die vrouwen te steunen? Nee”, zegt Ramin Mostaghim, een Iraanse journalist die voor The Los Angeles Times schrijft.

In september pakte de politie ook enkele familieleden op van Masih Alinejad, de vrouw die vanuit haar ballingschap in de VS de online-beweging ‘#whitewednesdays’ oprichtte. Daarbij droegen vrouwen uit protest tegen de strikte kledingvoorschriften op woensdag een witte sluier om of deden die sluier zelfs af en plaatsten daarvan beelden online.

Woensdag werden zes milieuactivisten tot celstraffen van zes tot tien jaar veroordeeld, op beschuldiging van spionage. Ze waren 22 maanden geleden opgepakt door de inlichtingendienst van de Revolutionaire Garde, die een schimmig bestaan leidt naast de officiële Iraanse inlichtingendienst.

Nog sterker dan voorheen lijkt het bewind van de ayatollahs te leunen op deze elite van de Iraanse strijdkrachten. „De Garde controleert het land gewoon”, zegt een Iraniër uit de bovenlaag, die anoniem wil blijven. „Verscheidene vrienden van me, onder wie een oude, blinde man, zijn door hen opgepakt en in de gevangenis gegooid.”

Ook economisch gezien wordt de Garde steeds machtiger. Schattingen over haar aandeel in de economie variëren van 10 tot 30 procent. „Ze controleren het bankenstelsel, de telecomsector en de petrochemische industrie”, zegt econoom Said Leylaz in zijn appartement in Teheran.

Hoewel de autoriteiten de toestand nu meester lijken, rijst de vraag: hoe lang zingen de ayatollahs met hun conservatieve uitleg van de islam in een zich snel moderniserende samenleving (31 miljoen van de 80 miljoen Iraniërs zijn tegenwoordig online) het nog uit? Zeker nu het economisch beroerd gaat?

Rouwenden bij de begrafenis van een commandant van de Revolutionaire Garde die werd gedood tijdens onlusten in Shahriar. Foto Atta Kenare/AFP

Mentaal bikkelhard

De leiders zijn ervaren in het onderdrukken van protesten en raken niet snel van de kook. Twee jaar geleden was het ook al onrustig in het land. Ditmaal handelde het bewind sneller en gewelddadiger. „De Iraanse leiders zijn mentaal echt bikkelhard”, aldus een buitenlandse waarnemer in Teheran.

Het regime staat ook niet alleen. Vooral op het platteland zijn velen nog altijd heel vroom. In het dorp Nashdaj zijn de vrouwen én de mannen allen in het zwart gekleed omdat het voor sjiieten belangrijke Ashura-feest aanstaande is. Voor de politici in Teheran heeft een groepje vrouwen weinig achting. „Er zijn problemen omdat de politici en de bevolking niet luisteren naar onze opperste leider ayatollah Khamenei”, zei Fatima (26) in oktober. „De leider heeft bij voorbeeld gezegd dat we alleen nog Iraanse producten moeten kopen, omdat dat goed is voor onze economie. Dat doe ik nu. Laatst heb ik een Iraanse wasmachine gekocht.”

Een keerpunt zou de machtswisseling kunnen zijn wanneer Khamenei (80) overlijdt. „Het einde van het regime is vast al begonnen”, zegt journalist Mostaghim, „Maar het kan nog jaren duren voor het echt weg is.”

Lees ook deze reportage over het effect van de sancties op de Iraanse samenleving