‘Onderzoeksrechter moet geheime archief kunnen inzien in zaak corrupte douanier’

Gerrit G. Douanier Gerrit G. is in beeld gekomen bij een serie onderzoeken naar cocaïnesmokkel en liquidaties in het criminele milieu in Rotterdam.

De onderzoeksrechter moet geheime archieven kunnen inzien in de rechtszaak tegen Gerrit G., heeft het gerechtshof dinsdag bepaald.
De onderzoeksrechter moet geheime archieven kunnen inzien in de rechtszaak tegen Gerrit G., heeft het gerechtshof dinsdag bepaald. Foto Victor WollaertI/ANP

Het gerechtshof in Den Haag wil dat de onderzoeksrechter in de strafzaak tegen de corruptie douanier Gerrit G. inzage krijgt in het geheime archief van het Team Criminele Inlichtingen (TCI). Het gaat dan om alle informatie die betrekking heeft op René F., die in eerste aanleg is veroordeeld voor omkoping van de douanier. Dat bleek dinsdag tijdens de strafzaak tegen Gerrit G..

Advocaten in deze strafzaak willen al vanaf de start van het onderzoek meer informatie over het contact dat René F. heeft gehad met TCI-rechercheurs, maar de rechtbank heeft verzoeken hiertoe meerdere keren afgewezen. Gezien de gevoeligheid van de wijze waarop TCI informatie verzamelt in de onderwereld, is het opmerkelijk dat de hof deze stap heeft gezet.

Cocaïnesmokkel en liquidaties

Douanier Gerrit G. is in beeld gekomen bij een serie onderzoeken naar cocaïnesmokkel en liquidaties in het criminele milieu in Rotterdam.

Lees ook: Onderzoek rond douanier Gerrit G. leidt naar bekende misdaadfamilies

Dat gaat allemaal terug naar de vergismoord op Rob Zweekhorst, een onschuldige burger uit Berkel en Rodenrijs die op 1 januari 2014 is vermoord terwijl hij zijn honden uitliet. Al snel na zijn dood vermoedde de recherche dat Zweekhorst is aangezien voor zijn buurtgenoot Dennis van den Berg, die geen bezwaar heeft tegen het noemen van zijn volledige naam.

De aanslag op Van den Berg zou hebben samengehangen met de onderschepping van driehonderd kilo cocaïne in de Rotterdamse haven, begin december 2013. Bij het onderzoek naar deze feiten kwamen in het voorjaar van 2014 in eerste instantie douanier Gerrit G. en Dennis van den Berg in beeld als verdachten. In een afzonderlijk onderzoek naar cocaïnesmokkel kwam in het najaar van 2014 dat jaar nog een groep mannen in beeld, die ook contact hadden met de douanier.

Aanslag op René F.

Enkele weken voordat de verdachten in deze afzonderlijke onderzoeken zouden worden aangehouden, werd een aanslag gepleegd op René F. Hij meldde zich zwaargewond bij de politie en werd tot zijn verrassing aangehouden. Tijdens een serie verhoren begon René F. toen te praten over de gebeurtenissen in de Rotterdamse onderwereld in relatie tot de aanslag op zijn leven, cocaïnesmokkel en douanier Gerrit G. Daarna werd hij ook benaderd door TCI rechercheurs.

Lees ook: Hoe de Schiedamse cocaïnemaffia te werk gaat

Vlak voor de arrestatie van Gerrit G. werd René F. vrijgelaten en vertrok hij met medeweten van de recherche naar het buitenland. Hij kreeg van TCI een telefoon mee om te voorkomen dat eventuele gesprekken tussen TCI en René F. zouden worden afgeluisterd. Terwijl René F. in het buitenland verbleef, heeft hij meerdere keren contact gehad met TCI en naar eigen zeggen informatie doorgegeven over een van de mannen die werd verdacht van cocaïnesmokkel.

Op dat punt zit de pijn. De advocaten van de verdachten stellen dat hier sprake is geweest van een overtreding van de regels omdat verdachten in hun eigen strafzaak nooit als informant kunnen dienen. Het Openbaar Ministerie heeft altijd gesteld dat René F. op het moment dat hij werd benaderd door TCI nog niet in beeld was als verdachte. Bovendien is René F. volgens het OM nooit als informant ingeschreven.

Ook verdacht van moord

De rechtbank heeft genoegen genomen met die verklaring, maar het hof acht het nu toch nodig dat er onderzoek wordt gedaan naar het contact tussen TCI en René F. Dat heeft alles te maken met het feit dat René F. inmiddels ook wordt beschuldigd van de moord op Rob Zweekhorst. Informatie uit dat dossier heeft tot nieuwe vragen geleid over het contact tussen TCI en René F. Het hof wil nu dat precies wordt vastgesteld wanneer TCI precies wist dat René F. een rol speelde in de zaak rond douanier Gerrit G. Daarnaast zal de onderzoeksrechter in opdracht van het hof inzage krijgen in alle verslagen van gesprekken die medewerkers van TCI hebben gevoerd met René F. Het gaat daarbij om ruwe gespreksverslagen en formele TCI-verbalen die op basis daarvan zijn opgemaakt.

René F. zal bij diezelfde onderzoeksrechter vragen beantwoorden over zijn contacten met TCI. Al dit materiaal zal het hof betrekken bij de inhoudelijke behandeling van het hoger beroep, dat in het voorjaar van 2019 zal starten.