‘Frozen’ nasynchroniseren: rennen, springen, zingen en toveren met je stem

Nasynchronisatie De Nederlandstalige versies van grote animatiefilms moeten al worden nagesynchroniseerd voordat de film af is – op voorhand repeteren gebeurt nooit. Voor de stemacteurs, zoals Willemijn Verkaik die Elsa inspreekt en -zingt in ‘Frozen II’, een grote uitdaging.

De Nederlandse acteurs die de stem van Elsa (links) en haar zus Anna (midden) inspreken, staan nooit samen in de opnamestudio.
De Nederlandse acteurs die de stem van Elsa (links) en haar zus Anna (midden) inspreken, staan nooit samen in de opnamestudio.

In Frozen II rent, springt en valt de statige koningin Elsa bij momenten als een actieheldin terwijl ze de ene na de andere ijsstraal tevoorschijn tovert. Het waren voor musicalactrice en de Nederlandse stem van de ijskoningin, Willemijn Verkaik, de meest uitdagende momenten. In een opnamestudio moet je stilstaan achter de enorm gevoelige microfoon; bewegingen en geritsel belanden op de opnametrack. „Maar je moet wel dezelfde kracht in je stem leggen als zo’n scène in het echte leven, bovendien moet het kloppen met Elsa’s mondbewegingen, uitdrukkingen én ademhaling.” Bij actie hoort een op en neer gaande borstkas.

Midden september werd de eerste ruwe versie van Frozen II naar Nederland gestuurd. Omdat Nederlandstalige versies van grote animatiefilms vaak gelijktijdig met het origineel in de bioscoop komen, wordt er begonnen met de nasynchronisatie voordat de film af is, vertelt Hilde de Mildt. Zij regisseerde talloze Nederlandse versies van grote films, zoals de recente liveactionversie van The Lion King of Frozen en Frozen II. „Met opnames waarvan het beeldmateriaal meestal nog niet klopt, maar een groot deel van de stemmen zijn ingesproken, gaat een vertaler aan de slag. De regisseur begint ondertussen acteurs te zoeken aan de hand van de richtlijnen van de makers.” Bij een vervolgfilm als Frozen II liggen veel rollen al vast.

Lees ook: Voor ouders is er geen ontkomen aan: elk meisje wil Elsa zijn

Vervolgens komen de acteurs één voor één langs in de opnamestudio. Waar ze met een koptelefoon op en een scherm met filmfragmenten voor zich, zinnetje voor zinnetje, het Nederlandse equivalent inspreken van het origineel. Het script onder hun neus doet denken aan de ondertiteling voor slechthorenden op televisie, met behalve tekst ook opmerkingen als „inspanning” als een personage van een huifkar springt terwijl hij iets zegt. Langs de andere kant van de glazen studiowand luisteren De Mildt en een technicus intensief mee en geven bij bijna iedere zin regie-aanwijzingen als „dit iets vriendelijker; het meisje tegen wie hij praat heeft niets misdaan” of „daar hoor ik een spatje (speeksel van een slikkende acteur)”.

Ondanks dat de band tussen Elsa en haar zus Anna in Frozen II opnieuw een belangrijke rol heeft, staat Verkaik op geen enkel moment tijdens het opnameproces naast Noortje Herlaar die Anna’s stem inspreekt. De Mildt: „Dat zou niet werken. Acteurs zouden stress krijgen omdat iemand anders op hen moet wachten: ze krijgen bij iedere zin wel een verzoek om hun spel aan te passen, proberen talloze variaties of timen een uitspraak iedere keer juist iets anders zodat het synchroon loopt met het beeldmateriaal.”

Verkaik, die vooral werkt in musicals, is gewend in te spelen op haar medeacteurs. Ze mist dat soms, maar de individuele, intensieve aandacht hier vindt ze aangenaam. „Soms denk je dat je de juiste emotie in je stem hebt gelegd, maar vraagt een regisseur het toch anders te doen. Dan blijkt achteraf dat je je dat gevoel had ingebeeld omdat de figuur op het scherm het al uitbeeldde.” Vaak helpt het Verkaik op zulke momenten even van de microfoon weg te gaan, een scène zelf na te spelen, te onthouden hoe ze haar stem daar gebruikt en dat te herhalen bij het opnemen. Zo kreeg ze de actiemomenten in Frozen II goed.

Willemijn Verkaik (Elsa) tijdens de opnames van de Nederlandstalige versie van ‘Frozen II’.

Beeld Disney

Op voorhand repeteren gebeurt nooit bij nasynchronisaties, zelfs niet voor de zangnummers in enorme Disneyproducties. Uit angst dat iets wordt gelekt, delen de makers niets op voorhand. Alleen een regisseur als De Mildt krijgt het originele materiaal vroeg te zien en moet inschatten hoe lang een stemacteur nodig zal hebben voor een scène of zangnummer. Het tegenwoordig op YouTube meer dan negen miljoen keer bekeken nummer ‘Laat het Los’ zag Verkaik tijdens de opnames van Frozen dus voor het eerst in de opnamestudio. Zonder voorbereiding, puur door te luisteren naar het origineel, maakte ze het Nederlandse equivalent dat nu eindeloos veel kinderen woord voor woord kunnen nazingen.

Dat er veel mensen meekijken bij de casting van de stemacteurs van grote Nederlandstalige producties – de Nederlandse regisseur, de lokale pr-afdeling, maar bij Frozen ook mensen van Disney in de VS – lijkt logisch. Verkaik denkt dat ze werd gecast omdat ze vaak wordt geassocieerd met de actrice achter de oorspronkelijke Elsa, Idina Menzel. Verkaik: „Ik heb net als zij in de musical Wicked gespeeld, heb op Broadway en West End gestaan. De liedjes uit Frozen kun je vocaal vergelijken met die van Wicked: je moet een heel groot bereik hebben, zowel in de hoogte als de laagte heel zacht en luid kunnen zingen en vanuit verstilling heel erg hard en hoog kunnen pakken.” Dat musicalacteurs regelmatig worden gecast als stemacteurs noemt ze logisch. „Je bent als musicalacteur dagelijks bezig met hoe je op natuurlijke wijze dialogen kunt laten overgaan in zang.” Volgens De Mildt zijn acteurs met een muzikaal gehoor in het voordeel bij het nasynchroniseren. „Iemand die de melodie van de stemmen in het origineel of het nu Engels, Japans, of Deens is, kan volgen, levert vaak beter werk dan iemand die bij het uitspreken alleen kijkt naar de mondbewegingen.”

Lees hier de recensie van ‘Frozen II’

Dat de laatste jaren uit publicitaire overwegingen vaker voor bekende Nederlanders wordt gekozen in plaats van mensen met veel acteerervaring, vormt voor De Mildt een „extra uitdaging”.

Het belangrijkste kenmerk voor een goede stemacteur blijft volgens De Mildt inlevingsvermogen. „Omdat je niet fysiek speelt, maar iedere emotie volledig moet invullen met je stem.” Het moeilijkste zijn volgens haar beladen momenten, zoals extreme vreugde of verdriet. „Want je kan niet in het wilde weg gaan snikken.”

Binnen de gesproken dialogen is vaak weinig speelruimte. De mondbewegingen staan vast, te korte of lange pauzes vallen op. De tekst die door gespecialiseerde vertalers is opgesteld wordt dus zo goed mogelijk gevolgd. „Maar soms merk je in de studio dat de lichaamstaal niet klopt, zie je op beeld dat een personage opspringt en roept: This is all wonderful! en dat wordt vertaald met ‘Dit is prachtig allemaal!’”, vertelt De Mildt. „Dat werkt niet, de dynamiek van de zin zit op een andere plek.” Dan zoeken ze in de studio verder en komen bijvoorbeeld uit bij: „Dit is echt prachtig!”

Verkaik heeft geen ambities om zelf per se iets eigens toe te voegen aan ‘haar Elsa’, vertelt ze. „Het personage heeft mijn stem, dat voelt al persoonlijk. Voor mij is het de uitdaging om alles zo goed mogelijk op de originele stem te laten passen, maar het toch Nederlands te laten klinken.”

Dat laatste is volgens De Mildt een van de redenen dat in Nederland iets minder exorbitante bedragen worden betaald aan stemacteurs dan bijvoorbeeld bij internationale Disneyproducties waar stemacteurs nog actiever hun personage vormgeven. De Mildt: „Je kunt er goed van leven, maar je moet er vooral enorm van houden: het is hard werken en je rijdt aan het einde van de dag niet met een Porsche het parkeerterrein van de opnamestudio af.”