Reportage

De opkomst van distributiecentra leidt in heel Nederland tot hevige ophef

Reportage bedrijventerreinen In ‘logistieke hoofdstad’ Tilburg komen bewoners in verzet tegen de opmars van grote distributiecentra. Het stadsbestuur wil nog eens 80 hectare ‘verdozen’.

Actievoerder Marjolein de Graaff in het gebied waar het bedrijventerrein moet komen.
Actievoerder Marjolein de Graaff in het gebied waar het bedrijventerrein moet komen. Foto Merlin Daleman

Stel je de ringweg van Tilburg voor als een klok en rijd een rondje. Op tien uur begin je in de Vossenberg: het terrein van grijze hallen van Coca-Cola, FujiFilm en Tesla. Om één uur: de voorgenomen locatie van het toekomstige bedrijventerrein Zwaluwenbunders. Twee uur: Loven, met de hallen van logistiek dienstverlener Kuehne+Nagel en het distributiecentrum van Albert Heijn. Vijf tot en met zeven uur: Het Laar en Katsbogten, met de hypermoderne locaties van logistiekbedrijven Rhenus en Schenker.

Vanaf zeven uur: niks. Alleen het groene stadsbos van Tilburg en het Brabantse coulissenlandschap van de buurtschappen Hulten, Klein Tilburg en Wijkevoort. Boerderijen, bossen, beken en een enkele buizerd in de lucht.

Graphic Studio NRC

In een deel van dit gebied heeft het stadsbestuur het nieuwste bedrijventerrein van Tilburg gepland. 80 hectare, vooral voor grootschalige hallen. „Hier denderen straks die vrachtwagens langs”, zegt Marjolein de Graaff, bewoner van het gebied. Ze geeft een rondleiding op de fiets, langs kronkelende lanen en gravelwegen. „Trouwens, zie je die kast daar aan die boom? Daar zitten steenuilen in.”

Lees ook: Moderne pakhuizen vreten aan ‘maagdelijk’ landschap

Aantrekkelijk landschap en economische bedrijvigheid – echt natuurlijke partners zijn het nooit geweest. Dus hoe vind je de balans tussen de twee? In Nederland leidt de opmars van ‘xxl-distributiecentra’ de afgelopen maanden tot een hevige discussie over de ruimte die de logistieke sector inneemt. Het oppervlakte van steeds grotere ‘grijze dozen’ groeide de afgelopen jaren met ruim twee miljoen vierkante meter per jaar, terwijl het lang ging om één miljoen. Dat komt met name door de groei van e-commerce, de strategische locatie van Nederland in Europa en het voor de logistiek gunstige belastingklimaat. Voorstanders zien vooral banen, tegenstanders focussen op wat zij zien als landschapsvernietiging.

Opslokken van groen

Die laatste groep vond recent twee adviesorganen aan zijn zijde: zowel het Planbureau voor de Leefomgeving als het College van Rijksadviseurs – een adviesorgaan van de overheid voor ruimtelijke ordening – waarschuwde voor het verder opslokken van groen landschap. Het College stelde zelfs dat Nederland helemaal geen bedrijven meer in het groen moet bouwen, en eens bij zichzelf te rade moet gaan wat voor land het wil zijn: krijgen bedrijventerreinen ongecoördineerd de ruimte, of is er ook een plaats voor landschap?

Op verschillende plekken in Nederland wordt langzamerhand voorzichtig gekeken naar antwoorden op die vraag. Plannen voor distributiecentra leidden in bijvoorbeeld Breda en Rozenburg al tot weerstand onder omwonenden. De Gelderlander kopte dit weekend op de voorpagina dat de provincie wel wat ziet in het beteugelen van de groei. En ook in Tilburg is sprake van een stevige discussie over nieuwe bedrijventerreinen.

De stad is samen met Venlo de onbetwiste logistieke hoofdstad van Nederland, mede dankzij stevige groei in de jaren na de economische crisis van 2008. Die ontwikkeling was grotendeels breed gesteund: de stad was op zoek naar bedrijvigheid, en elke nieuwe werkgever was meer dan welkom. Het stadsbestuur (D66, VVD, CDA en GroenLinks) wil die positie graag versterken en heeft twee nieuwe bedrijventerreinlocaties in de pijpleiding. Maar volgens sommige bewoners is het wel genoeg: er kwamen 73 bezwaarschriften binnen tegen één van de projecten. Sindsdien liggen die plannen stil – volgens de gemeente echter alleen vanwege de stikstofproblematiek.

De meeste aandacht gaat nu uit naar de andere locatie, Wijkevoort. Daar, in de ‘groene oksel’ van Tilburg, moet de 80 hectare aan logistiek komen: ongeveer de oppervlakte van de Efteling. Een bedrijventerrein van het meest flitsende soort, vol zonnepanelen op daken. „Hét werklandschap voor smart logistics”, aldus het ontwerpplan: „Wijkevoort wordt bovendien ingepast in een hoogwaardige omgeving [die] past bij de uitstraling die hoort bij innovatie en vernieuwing.”

Volgens wethouder Berend de Vries (D66) zal meer dan de helft van het gebied bestaan uit groen. „Het wordt state of the art.” In ruil voor de ontwikkeling van dit gebied investeert de stad volgens hem op andere plekken in verbetering van parken.

Luister ook naar deze aflevering van onze podcastserie NRC Vandaag: Hoe distributiecentra aan het Nederlandse landschap vreten

U kunt zich ook abonneren via Apple Podcasts, Stitcher, Spotify, Castbox of RSS.

Niet-in-mijn-achtertuin-protest?

Zo’n vijftig omliggende huishoudens die tegen de plannen zijn hebben zich verenigd in een bewonersgroep, met Marjolein de Graaff als woordvoerder. Zij vertrok met haar gezin ongeveer drie jaar geleden uit de stad om hier te wonen: mooier en rustiger, en met de scholen voor de kinderen nog steeds binnen fietsafstand. Vanuit de woonkamer van het huis kijkt ze zo uit over de weilanden, hoewel niet die waar de bedrijven zullen komen. De Graaff: „Hemelsbreed is het vijfhonderd meter.”

Met de bewonersgroep probeert de opgewekte Brabander te voorkomen dat het college van B&W het bestemmingsplan definitief vaststelt, wat gepland staat voor begin 2020. De belangrijkste methode, naast bijvoorbeeld handtekeningen ophalen en inspreken bij de gemeenteraad: iedereen die wil – journalisten, bewoners, raadsleden – trakteren op een charme-offensief door een rondje te fietsen door het gebied. Daar kan De Graaff uren vertellen over de loop van de beken, de bochten in landweggetjes en de dierenpopulatie. „Zoiets krijg je nooit meer terug als je het bebouwt.”

Een slimme zet van De Graaff was het betrekken van het verderop gelegen stadsdeel de Reeshof: het handjevol direct omwonenden was naar haar inschatting veel te klein om echt impact te hebben. Het zorgde voor een extra actiegroep en 3.000 handtekeningen tegen het plan. De Wijkraad van de Reeshof is inmiddels ook tegen, hoewel de oorspronkelijke reactie toont hoe lastig het debat over grootschalige logistiek kan zijn: eerst stelde ze zich neutraal op, vanwege de mogelijke banenwinst.

Lees ook: Daken van ‘lege dozen’ zijn ideaal voor zonneparken

Protestborden tegen de plannen voor een bedrijventerrein.

Foto Merlin Daleman

Gaat het bij Wijkevoort niet vooral om een niet-in-mijn-achtertuin-protest? Natuurlijk ben je als directe omwonende het felst tegen een project als dit, erkent ook De Graaff. Maar dat betekent volgens haar niet dat er niet veel meer mensen tegen het opgeven van landschap voor dit soort doelen zijn.

Het is haar zelfs zo menens dat ze zegt geen producten meer online te kopen. „We hebben ook wel eens bij Coolblue een wasmachine besteld of zo. Maar opeens viel het kwartje dat dit allemaal met ons eigen consumptiegedrag samenhangt.” Hoe het afloopt met Wijkevoort moet de komende maanden blijken, maar de acties van De Graaff lijken enig succes te hebben. In de lokale politiek tekent zich – na jaren van redelijke consensus – nu mede dankzij Wijkevoort een serieus debat af over nieuwe bedrijventerreinen. Blijft Tilburg een logistieke koning, of zijn er ook grenzen?

Rondje fietsen

In 2018 sprak de hele gemeenteraad, op één stem na, steun uit voor het plan-Wijkevoort, maar nadat elke partij een rondje in het gebied kwam fietsen kantelden de meningen. Inmiddels spreekt een groot deel van de oppositie – waaronder de grootste partij Lijst Smolders Tilburg – zich uit tegen het het plan, en soms zelfs tegen grootschalige nieuwe hallen in het algemeen. „De PvdA Tilburg ziet het niet als doel om de nummer één logistieke hotspot van Nederland te zijn”, laat Bea Mieris van de partij per mail weten. „We hebben te maken met meerdere belangen die moeten worden afgewogen.” Van coalitiepartij GroenLinks is algemeen bekend dat ze zich erg ongemakkelijk voelt bij de ontwikkeling van Wijkevoort.

Volgens wethouder De Vries wordt de afweging tussen groen en bedrijventerreinen al goed gemaakt: „We hebben naar mijn mening al een hele genuanceerde koers. Er is op de middellange termijn in de regio een grote vraag naar dit soort vastgoed, ruim 200 tot 280 hectare. Dat is een hoeveelheid die we niet volledig gaan accommoderen. Maar we gaan wel wat ruimte bieden aan economische groei.”

Voor de locatie Wijkevoort is volgens hem verder heel bewust gekozen in de omgevingsvisie – waar een groot deel van de raad in 2015 mee instemde. „We gaan voor de randen van de stad. Maar ik snap de argumenten van de mensen die daar in de omgeving wonen. Als dat je directe leefomgeving betreft, dan snap ik dat je die ontwikkeling niet wil.”