Opinie

Wedloop tussen Facebook en hackers ontspoort

Big Tech

Commentaar

Het is een onwaarschijnlijk aantal, maar het staat er echt. Tussen april en september van dit jaar verwijderde Facebook 3,2 miljard nepprofielen, een verdubbeling ten opzichte van een jaar eerder. Dat meldde het bedrijf donderdag. 3,2 miljard: dat is ongeveer anderhalf maal het aantal echte profielen op het sociale medium.

Dit zijn aantallen die alleen bereikt kunnen worden door bots. Het toont de schaal van de wedloop van hackers en techbedrijven. In het recente verleden bleken twee belangrijke categorieën kwaadwillenden te profiteren van nepprofielen. Oplichters die met nepadvertenties voor bijvoorbeeld bitcoininvesteringen mensen oplichten. En politieke actoren die nepnieuws en politieke boodschappen richten op burgers, om zo meningsvorming te beïnvloeden. De inzet van deze wedloop is dus niets minder dan de veiligheid van de burgers, en de integriteit van verkiezingen. Dat is een te grote inzet om alleen aan Facebook over te laten.

Het aantal verwijderde profielen toont aan dat Facebook het probleem serieus neemt. Maar geen enkel individueel bedrijf zou de eenzame verantwoordelijkheid moeten hebben over zulke belangrijke communicatie-infrastructuur. Dit is een vrijwel onbeheersbaar probleem: er hoeft maar een fractie door de mazen van Facebooks detectie-algoritmes te glippen om zeer grote problemen te kunnen veroorzaken. Recente rechtszaken van bekende Nederlanders tegen Facebook vanwege nep-bitcoinadvertenties met hun beeltenis tonen dat Facebooks inspanning tekortschiet.

De ex-veiligheidsdirecteur van Facebook zei onlangs in een interview met NRC dat de Amerikaanse presidentsverkiezingen van 2020 ‘de wereldkampioenschappen hacken’ zullen worden. Bij de verkiezingen in 2016 speelde dergelijke manipulatie al een rol, getuige het schandaal rondom campagnebedrijf Cambridge Analytica.

Idealiter wordt dit opgelost door de markt: door Facebook zelf of door een branchebrede coalitie van techbedrijven. Maar het enorme aantal probleemgevallen en Facebooks verleden vol schandalen en nalatigheid geeft geen vertrouwen dat het deze belangrijke publieke taak aan kan. Er is onder techbedrijven teveel onenigheid en de financiële belangen zijn blijkbaar te groot om afdoende maatregelen te nemen. Overheidsingrijpen wordt dan een serieuze optie.

Een opvallende potentiële oplossing kwam eerder deze maand van Bill Gates, de oprichter van Microsoft. Hij suggereerde om het gebruik van op individuele personen gerichte advertenties (targeted ads) te verbieden. Hij heeft een duidelijk concurrentiebelang want Facebook is sterk afhankelijk van inkomsten uit deze advertenties en Microsoft minder. Desondanks zouden beleidsmakers in Nederland en de EU deze suggestie serieus moeten bestuderen.

Op de persoon gerichte advertenties zijn per definitie niet transparant. Zeker als het aankomt op politieke boodschappen is het zeer de vraag of dit soort dark posts wenselijk is. Als niemand behalve het doelwit de inhoud kan beoordelen van advertenties, wordt oncontroleerbaar wie welke politieke campagnes financiert, en of daarbij buitenlandse sabotagepogingen of bots een rol spelen. Transparantie kan manipulatie mogelijk helpen voorkomen.

Het verbieden van targeted ads zou een zeer verregaande en onorthodoxe ingreep zijn, die dus met grote zorgvuldigheid moet worden gewogen. Maar grootschalige manipulatie en inmenging kan met de huidige middelen onvoldoende worden bestreden. Dat blijkt wel uit het ronduit bizarre getal van 3,2 miljard.