Myanmar

Onderzoek strafhof naar geweld tegen Rohingya

Het Internationaal Strafhof in Den Haag begint een strafrechtelijk onderzoek naar misdaden tegen de menselijkheid tegen de Rohingya, de islamitische minderheid die in 2017 uit Myanmar werd verdreven. Het een nieuwe stap in de mogelijke vervolging van leden van het Myanmarese leger en boeddhisten. Volgens de rechters is er „redelijke grond om te veronderstellen” dat de Rohingya zijn gedeporteerd en vervolgd om hun etniciteit en religie, evenals „een redelijke basis” om te geloven dat er „wijdverspreide en systematische geweldsdaden” tegen hen zijn gepleegd. Ook speelt de omvang van de misdaden een rol. Volgens cijfers van de VN-vluchtelingenorganisatie UNHCR zijn meer dan 740.000 Rohingya Myanmar ontvlucht vanwege het geweld in het land. Duizenden mannen, vrouwen en kinderen zijn vermoord of verkracht. De aanklager gaat nu bewijs verzamelen voor de misdrijven; een proces dat maanden of zelfs jaren kan duren. Als er genoeg bewijs wordt verzameld, kunnen de rechters arrestatiebevelen uitvaardigen. De kans dat Myanmar zelf militairen zal uitleveren aan Den Haag is uiterst klein. (NRC)