Licht herstel pensioenfondsen dankzij rentestijging

Pensioen Pensioenfondsen profiteren al twee maanden van een licht stijgende rente. Dat verkleint de kans op pensioenverlagingen.

De dekkingsgraad van ABP, ’s lands grootste pensioenfonds, steeg vorige maand naar 93 procent.
De dekkingsgraad van ABP, ’s lands grootste pensioenfonds, steeg vorige maand naar 93 procent. Foto Marcel van Hoorn/ANP

Het lichte herstel van de vier grootste Nederlandse pensioenfondsen heeft zich in oktober voortgezet. De kans is daardoor kleiner geworden dat zij volgend jaar de pensioenopbouw van werknemers moeten beperken en de uitkering aan gepensioneerden moeten verlagen.

Dat blijkt uit cijfers die het ABP (onderwijs en overheid), PFZW (zorg en welzijn) en de metaalfondsen PMT en PME vrijdag hebben gepubliceerd.

Woensdag werd bekend dat het kabinet een tijdelijke versoepeling van de pensioenregels voorbereidt. Daardoor hoeven fondsen alleen pensioenverlagingen door te voeren als hun zogeheten dekkingsgraad lager is dan 90 procent. Dat betekent dat zij volgens de rekenregels 10 procent te weinig geld in kas hebben om hun toekomstige pensioenbeloftes te kunnen garanderen.

Lees ook: Met uitstel pensioenkorting neemt Koolmees een politiek risico

De dekkingsgraad van pensioenfonds ABP steeg vorige maand van 91 naar ruim 93 procent. Bij pensioenfonds Zorg en Welzijn was een stijging van 92 naar 94 procent. Het pensioenfonds PME (grootmetaal) rapporteert een stijging van ruim 93 naar 95 procent, het PMT (kleinmetaal) van bijna 95 naar een kleine 96 procent.

Het herstel van de fondsen wordt vooral veroorzaakt door de rente, die de afgelopen twee maanden weer licht stijgt, na een forse daling in augustus. Voor pensioenfondsen is de rentestand cruciaal. Als die stijgt, mogen de fondsen erop rekenen dat hun geld sneller in waarde stijgt. Dus hoeven ze nú minder geld in kas te hebben om hun toekomstige uitkeringen te garanderen.

Lees ook: Het pensioenfonds voor priesters presteert nog prima