Recensie

Recensie Media

Chinese dromen zijn bedrog

Serie In zijn nieuwe China-serie kruipt Ruben Terlou nog dichter op de huid van de gewone Chinees dan in zijn eerdere series. Hij stelt vragen die mensen nog nooit gesteld hebben gekregen.

Ruben Terlou (links) in zijn nieuwe China-serie Chinese Dromen.
Ruben Terlou (links) in zijn nieuwe China-serie Chinese Dromen.

De nieuwe China-serie van Ruben Terlou die vanaf zondag bij de VPRO te zien is, gaat over de dromen van gewone Chinezen. Dat levert soms schokkende inkijkjes op. Niet omdat Chinezen van andere dingen dromen dan wij, maar omdat er zo totaal anders met die dromen wordt omgesprongen.

In de eerste aflevering van Chinese Dromen gaat Terlou op bezoek bij een instituut waar kinderen die niet in het gareel lopen worden heropgevoed. Op de slaapzaal vraagt hij aan een jongen wat zijn droom is. „Ik droom ervan arts te worden”, zegt hij. Het blijkt een droom waarvan zijn vader noch zijn zussen op de hoogte zijn. Eigenlijk weet niemand ervan. „Ze hebben me er nooit naar gevraagd”, is de schrijnende verklaring.

Dat komt in de serie steeds weer terug: er is nauwelijks aandacht voor wat mensen zelf willen. Iedereen is eraan gewend om iets te móeten, niet om iets te mógen. Niet alleen worden kinderen op bijna militaire wijze gedrild om in de pas te lopen, ook echtparen die een scheiding overwegen, worden onder druk gezet om een juiste beslissing te nemen. Juist is daarbij wat je ouders, de omgeving of de overheid als juist gedrag zien.

Terlou stelt vragen die veel mensen duidelijk nog nooit gesteld hebben gekregen. Dat levert vaak mooie, kwetsbare en eerlijke antwoorden op. Het is de kracht van de serie. Als kijker krijg je met de mensen in de serie te doen: je zou ze van harte wat meer begrip van hun omgeving en meer persoonlijke ruimte gunnen.

Je wordt er ook een beetje plaatsvervangend opstandig van. Hoezo moet een dochter die door haar vader wordt geslagen haar gedrag aanpassen? En waarom moet een zichtbaar zieke vrouw accepteren dat haar echtgenoot de voogdij over hun kind krijgt, ook al slaat haar man haar?

Terlou kruipt deze keer misschien nog wel dichter op de huid van de mensen die hij in beeld brengt dan in zijn vorige series. Dat is mooi om naar te kijken, al zou je soms willen dat er nog iets gedurfder was gekozen. Nu komen veel mensen relatief kort met hun verhaal aan bod, soms blijven de verhalen ook een beetje zonder conclusie in de lucht hangen.

Als Terlou niet een stuk of vier, maar enkel één van de kinderen in het heropvoedingsinstituut langduriger had gevolgd, liefst ook met meer interactie tussen de ouders, het instituut en het kind, dan zou de serie nog aan kracht hebben gewonnen.

Chinese Dromen zit vol met scènes die voor een Nederlandse kijker heel wonderlijk aandoen. Wat te denken van een klasje waar vrouwen krijgen uitgelegd hoe ze hun man het beste kunnen plezieren? Het is de verdienste van de serie dat het niet daarbij blijft, maar dat er veel aandacht is voor de emoties achter die scènes.

Hun man plezieren

Daarbij komt Terlou wel net wat te vaak en te nadrukkelijk zelf in beeld. Als kijker krijg je heel direct emoties mee door wat je ziet. Het is wat veel om die dan ook nog eens nadrukkelijk van het gezicht van Terlou te moeten aflezen.

Chinese Dromen focust minder op exotische gebruiken en excessen dan zijn vorige series, en meer op herkenbare, algemeen menselijke emoties. Je ziet wat er gebeurt met die emoties in een culturele setting die behoorlijk afwijkt van de Nederlandse.

China komt uit de serie naar voren als een land waar je wordt gedwongen om je aan te passen, om je individuele dromen en behoeften opzij te schuiven ten behoeve van de harmonie binnen gezin en samenleving. Jouw eigen dromen tellen veel minder dan de collectieve moraal van de mensen die boven je zijn gesteld.

In de serie lijkt dat niet eens zozeer voort te komen uit een repressief politiek systeem, maar veel eerder uit een lange en loodzware traditie waarin de stem van de ouderen en de autoriteiten al eeuwen allesbepalend is. Het is dezelfde traditie waardoor bijvoorbeeld een bijeenkomst van het congres van de Communistische Partij van China zo bevreemdend op ons overkomt: er is geen openbare discussie, de hoogste leider legt een eenvormige massa partijleden uit hoe het moet en de aanwezige partijleden hoeven alleen maar te klappen.

Hoe sterk de traditie is, blijkt ook uit de uitspraak van de rechter in de echtscheidingszaak van de zieke vrouw en de gewelddadige man. Hij legt in een terzijde uit dat het moderne Chinese recht eigenlijk aan de kant van de bescherming van de belangen van vrouw en kind staat.

Waarom is zijn uitspraak dan toch ten faveure van de man? In de streek waar hij rechtspreekt is het nu eenmaal traditie dat een kind, en zeker een zoon, bij de echtscheiding altijd aan de man wordt toegewezen. De zoon zet de mannelijke lijn van de familie voort, zo legt de rechter uit. Daar helpt geen moedertjelief aan.