Italië pakt contant betalen aan in strijd tegen zwart geld

Belastingontduiking Betalen met een bankpas, een bonnetje van een aanschaf – Italië wil de omvangrijke zwarte economie terugdringen. Maar pinnen is duur en bepaald niet ingeburgerd.

De betaalpas wordt in Italië in vergelijking met andere landen nog relatief weinig gebruikt.
De betaalpas wordt in Italië in vergelijking met andere landen nog relatief weinig gebruikt. Foto Alessia Pierdomenico/Bloomberg

„Dit is het einde van de democratie. Zonder contant geld op zak voel ik me niet vrij meer.” Fabio De Santis, een opticien, ziet er niet uit als een extremist. Hij heeft een winkel aan een drukke straat in het westen van Rome, en ja, de zaken gaan „best goed”. Maar het besluit om het gebruik van de betaalpas te stimuleren en betalingen boven 2.000 euro in contanten te verbieden, maakt hem rabiaat.

De hard-rechtse politicus Giorgia Meloni spreekt al van „stalinistische methodes”. De Santis is geen fan van haar, maar deze kritiek deelt hij. „Ik zie het al gebeuren”, zegt hij in zijn winkel. „Straks gaan ze al het contant geld afschaffen. En als je dan zegt dat de politieke lijn van de regering je niet aanstaat, kunnen ze zo maar je rekening blokkeren. De staat wil zijn hand in de zak van de burger stoppen.”

Hij is niet de enige die dat vindt. In Italië is veel discussie over het besluit een bovengrens te stellen aan betalingen met contant geld – in 2022 zou die op 1.000 euro moeten komen. De opzet is meer betalingen traceerbaar te maken. Nu wordt de betaalpas er in vergelijking met andere landen nog relatief weinig gebruikt. Maar winkeliers en ondernemers die geen pinapparaat hebben voor hun klanten, riskeren voortaan een boete.

Bonnetjesloterij

Nu al is iedereen die iets koopt, ook een ‘dienst’ bij bijvoorbeeld de tandarts, strafbaar als hij of zij daarna geen bonnetje kan laten zien. Toch wordt in de praktijk nog veel zwart betaald, ook omdat je dan soms korting krijgt. Het is de bedoeling dat er een soort loterij komt op basis van kassabonnetjes, om mensen te stimuleren een bonnetje te vragen. Trekking eens per maand, 50.000 euro voor het winnende bonnetje. Wie met zijn betaalpas heeft betaald en daarmee betalingen beter traceerbaar maakt, heeft twee keer zoveel kans. Ook Portugal, Slowakije en Malta hebben geëxperimenteerd met zo’n bonnetjesloterij.

Straks gaan ze al het contant geld afschaffen

Fabio De Santis opticien

Het Italiaanse kabinet presenteert deze maatregelen als een belangrijk onderdeel in de strijd tegen zwart geld – naast het voornemen de gevangenisstraf op belastingfraude fors te verhogen. Het probleem is chronisch: naar schatting een vijfde van de Italiaanse economie is zwart. Volgens een studie dit najaar van het ministerie van Economie en Financiën is de schatkist in de jaren 2013-2015 jaarlijks meer dan 100 miljard euro aan inkomsten misgelopen.

„Belastingontduiking is een van onze grootste plagen”, zei premier Conti bij de presentatie van de begroting voor volgend jaar. Daarin wordt geschat dat aanpak van de chronische belastingfraude 3 à 4 miljard euro extra zal opleveren. „De regering werkt aan maatregelen die nooit eerder zijn aangenomen”, zei Conte. „Ik vraag om een pact met alle eerlijke Italianen: accepteer deze uitdaging en jullie zullen uiteindelijk minder (belasting) betalen.”

Grote bedrijven

Volgens De Santis klopt de regering met haar plannen voor de betaalpas en tegen contanten op de verkeerde deur. „Dit helpt misschien tegen de kleine belastingontduiking, maar dat is op het geheel klein bier”, beweert hij. „Ze kunnen beter kijken naar de belastingontduiking door grote bedrijven.”

Uit cijfers van Financiën blijkt het tegendeel. Grote bedrijven gebruiken mogelijk de mazen van de belastingwetten beter. Maar de meeste belastingontduiking is te vinden bij de kleine en middelgrote bedrijven en bij zelfstandig ondernemers. Er worden veel argumenten gebruikt om dat te rechtvaardigen. Italië heeft een relatief hoge belastingdruk en zonder wat ritselen zouden heel wat winkeliers en ondernemers het niet meer redden – maar die speelruimte hebben loontrekkers bij wie belastingen en premies automatisch worden ingehouden niet.

Hoge kosten

Opticiën De Santis heeft principiële bezwaren tegen de plannen om betalingen met contant geld te ontmoedigen, maar hij heeft wel twee pinapparaten en vertelt dat de meeste klanten met hun pinpas afrekenen.

Aan de overkant van de weg, in de krantenkiosk, staat Gianni Zipolli. Aan de zijkant heeft hij een pamflet bevestigd van de bond van kioskhouders, waarin staat dat een pinapparaat te duur is. „Ik heb maar een kleine marge en maak lange dagen, soms wel veertien uur per dag”, vertelt hij.

Hij zou een pinapparaat best handig vinden. Het verkleint ook de kans op berovingen. Maar hij heeft alles eens doorgerekend. Een telefoontik per betaling. Op betaalkaarten een provisie die kan oplopen naar 2 procent. „De kosten zijn simpelweg te hoog, en we hebben toch al moeite om te overleven”, zegt Zipolli. „Het is nog steeds crisis in Italië, mensen zijn erg voorzichtig met hun geld. Ik ga pas een pinapparaat nemen als het voordelig is.”

Het kabinet heeft toegezegd dat het ook iets wil doen aan de soms hoge bankkosten, bijvoorbeeld door banken te verplichten de commissie voor kleinere betalingen te verlagen of zelfs af te schaffen. Dat Italianen zo veel met contanten betalen is niet alleen omdat ze de fiscus niet willen laten meekijken naar de geldstromen, maar ook omdat banken vaak relatief hoge kosten in rekening brengen.

Een op de honderd

Fabrizio Petrucci schat bijvoorbeeld dat iedere betaling met een pinpas of creditcard hem ongeveer 3 procent kost. Hij heeft een ijzerwarenwinkel in het noorden van Rome. In de etalage staan gloeilampen, elektrische kachels, tv-antennes. „Ik heb deze winkel al 25 jaar en heb geen enkel probleem met die pinapparaten”, zegt hij. „Ik heb er twee. Het is handig voor werklieden die hier met de kaart van hun bedrijf de spullen komen halen die ze nodig hebben.”

Wordt er veel met een kaart betaald? „Ik schat dat één op de honderd klanten dat doet. Er zijn ook nog best veel mensen die het ingewikkeld vinden, zo’n pasje.” En concreet, de afgelopen 48 uur? Hij pakt een blok erbij waarin hij opschrijft wat hij verkoopt. „Vandaag en gisteren heeft niemand met zijn kaart betaald.”