Opinie

Het probleem zit toch echt bij de agrarische sector in Nederland

Stikstofakkoord

Commentaar

Politiek is keuzes maken in schaarste, zei minister-president Mark Rutte (VVD) toen hij woensdag de kabinetsmaatregelen presenteerde om de stikstof- en PFAS-problemen aan te pakken. Daar kan aan worden toegevoegd dat coalitiepolitiek het zo goed mogelijk verdelen van de pijn over de regeringspartijen is. Hierin lijkt de coalitie geslaagd want over het ingrijpende pakket maatregelen bereikten VVD, CDA, D66 en ChristenUnie dinsdag samen met de meest betrokken ministers een akkoord.

Met dualisme heeft deze gang van zaken natuurlijk helemaal niets meer te maken. Zonder enige staatkundige gêne zitten de coalitiefracties bij de regering op schoot. Of andersom. In elk geval is het klassieke en in de grondwet vastgelegde idee dat de regering regeert en het parlement ‘zonder last’ controleert wederom ver te zoeken. De politieke overeenstemming tussen vier partijen, samen goed voor 75 van de 150 zetels in de Tweede Kamer is allesbepalend. Het betekent dat als er de komende tijd al sprake is van parlementaire invloed, deze noodgedwongen beperkt zal blijven tot gekrabbel in de marge.

En dan te bedenken dat het gaat om het bestrijden van een crisis die – zoals premier Rutte zei – hij zelf nog niet eerder had meegemaakt sinds zijn aantreden in 2010. Dat maakt het verkwanselen van de dualistische mores nog ernstiger. De stikstofcrisis is als gevolg van het jarenlang door de politiek ontkennen van de werkelijkheid plotseling opgekomen. Dit kwam door de bindende uitspraak van de Raad van State in mei die het vooruitschuiven van het probleem, een trouvaille van het vorige kabinet, niet langer toeliet. Vervolgens is er gepuzzeld, gerekend en gemasseerd met uiteindelijk het in de achterkamer gesloten akkoord.

Los van de totstandkoming van het pakket valt toe te juichen dat nu het begin van een oplossing in zicht is. Diverse projecten die vanwege de rechterlijke uitspraak waren stilgelegd kunnen weer worden opgestart als de voorgestelde maatregelen worden ingevoerd. Maar tegelijk is duidelijk dat het echte werk nog moet volgen met oplossingen die het milieuprobleem bij de bron aanpakken.

Meest opvallend is de verlaging van de maximumsnelheid overdag op autowegen naar 100 kilometer. Politiek gevoelig want vele mensen (kiezers) rakend, maar tegelijk wel een ingreep die direct tot resultaat leidt. Zoals eerder op deze plek betoogd betreft het hier in het licht van het op te lossen probleem een acceptabel offer. Voor de VVD die zich in het verleden zo heeft geprofileerd als ‘130 kilometer-per-uur-partij’ is het even slikken. Dat de fractie toch schoorvoetend akkoord is gegaan toont de verantwoordelijkheidszin.

Van het drietal aangekondigde maatregelen draagt de verlaging van de maximumsnelheid het minst bij aan de nagestreefde stikstofreductie. De echte bijdrage moet komen van de veestapel. Voorlopig niet door een vermindering van de omvang, maar door ander samengesteld voedsel. Maar juist omdat dit voedsel niet van de ene op de andere dag kan worden ingevoerd, is het de vraag of het kabinet zich niet wederom overgeeft aan zichzelf rijk rekenen.

Hetzelfde geldt voor het versneld inkrimpen van de varkenshouderij waarvoor al eerder geld was gereserveerd. Aangezien het om een vrijwillige inkrimping gaat is ook hier de vraag of het ingeboekte resultaat werkelijk zal worden behaald. Maar overduidelijk is nu wel waar het probleem zit en waar de structurele oplossing gezocht zal moeten worden: dat is de agrarische sector.