Vleermuizen hebben weinig aan hun darmbacteriën

Biologie Nauw verwante zoogdieren hebben vaak een microbioom dat veel overeenkomsten vertoont. Dat geldt niet voor vleermuizen.

Vleermuizen hebben een heel kort darmstelsel.
Vleermuizen hebben een heel kort darmstelsel. Foto Holly Lutz

Vleermuizen hebben niet zoveel baat van hun darmbacteriën als andere zoogdieren. Dat schrijven Amerikaanse wetenschappers deze week in het wetenschappelijke tijdschrift mSystems. Hoewel de meeste zoogdieren profiteren van een bacteriegemeenschap in hun darmen en op hun huid – bijvoorbeeld bij vertering van voedsel, of bij bescherming tegen ziektes – lijken vleermuizen een minder nauwe band te hebben met hun eigen microben, blijkt uit een analyse van 31 verschillende vleermuissoorten.

Bij aan elkaar verwante zoogdiersoorten vertoont het microbioom vaak overeenkomsten, wat duidt op een langdurige co-evolutie tussen de dieren en hun microben: de gemeenschappelijke voorouder van die soorten had waarschijnlijk óók al een soortgelijke bacteriegemeenschap. Maar opvallend genoeg ontbreken die overeenkomsten tussen de microben van verwante vleermuissoorten.

Sterker nog: het vleermuismicrobioom verschilt juist sterk van soort tot soort, en aanwijzingen voor een langdurige gemeenschappelijke co-evolutie zijn er niet. Dat kan erop wijzen dat zo’n bacteriegemeenschap weinig nut heeft voor de dieren, aldus de biologen.

Bij de 497 onderzochte vleermuizen viel vooral op dat de samenstelling van hun microbioom nauw samenhing met hun leefplek, en dat vleermuizen die ver boven zeeniveau leefden (tot 2.500 meter hoogte) de meeste bacteriën op hun huid hadden – een trend die de onderzoekers niet geheel konden verklaren, maar die het resultaat zouden kunnen zijn van een ander klimaat en daarmee ook andere bacteriën op grotere hoogte.

Verder viel op dat vleermuizen veel meer microben op hun huid hebben dan in hun darmen en hun bek. Dat heeft ermee te maken dat vleermuizen een veel korter darmstelsel hebben dan niet-vliegende zoogdieren, concluderen de onderzoekers. Een lang, kronkelig darmstelsel weegt meer, en dat is niet handig tijdens het vliegen. Ook vogels hebben zo’n kort darmstelsel, maar hun microbioom is vergeleken met dat van zoogdieren nog weinig bestudeerd.

Een risico van een microbioom dat sterk samenhangt met dat van de omgeving zou een grotere gevoeligheid voor veranderingen van buitenaf kunnen zijn, schrijven de biologen. Zonder een stabiele bacteriegemeenschap en daarmee samenhangende stabiele afweermechanismes, zouden vleermuizen ook extra vatbaar kunnen zijn voor ziektes.