Recensie

Recensie Theater

Van Merwijk moet in nieuwe show meer op het spel zetten

Oudejaarsconference Jeroen van Merwijk heeft zijn oudejaarsconference volgestopt met nieuwe liedjes - het programma duurt bijna twee uur - maar hij had wel wat selectiever mogen zijn.

Jeroen van Merwijk schreef dit jaar iedere dag een actueel liedje naar het welbekende Van Merwijk-principe: puntig, op rijm, met milde zelfspot en wat gespeelde boosheid. Zo komt in zijn oudejaarsconference het jaar in liedjes voorbij: de vreugdevuren in Scheveningen, #MeToo, de Brexit, het beven van Angela Merkel, het klimaat natuurlijk, zaaddokter Karbaat en meer.

Het is een dappere poging van de cabaretier om een tijd in kaart te brengen waarin „ironie een verschijnsel is dat gelukkig bijna uit de samenleving is verdwenen”. Van Merwijk zegt dat niet zonder ironie, wat dan ook zijn handelsmerk is.

Een handjevol eenvoudige gitaarakkoorden hoort óók bij Van Merwijk, dus nadat hij een paar liedjes achter elkaar heeft gezongen, slaat de verveling toe. Tel daar een paar flauwe grappen over zestig jaar feminisme („het leverde op dat we nu piemel in plaats van penis of lul zeggen”), slavernij en #MeToo („een beetje misbruik hoort erbij”) bij op en je kunt niet anders dan constateren dat hij te gemakzuchtig is geworden en zijn „maatschappijkritiek” geen gat in de dijk slaat.

Brexit / drek zit

Vlak voor de pauze zingt hij een wonderschoon lied „dat hij liever niet had geschreven”, over stuk in plaats van geluk. Van Merwijk laat hierin iets van zichzelf zien, vertelt over ‘zijn’ ziekte van Dupuytren (koetsiershand) waardoor zijn handen vergroeien. Ook zingt hij een mooie ode aan Martine Bijl, aan die grappige, gekke Theresa May die „met de Brexit in de drek zit”, een scherpe tekst over de Ierse backstop en een knap lied voor bèta’s. Hij laat dan zowel melancholie als kolder toe en meteen komt er iets op het spel te staan, iets waar je van opveert, en dat is wat in de rest van de show nog mist.