Ook in warmere wereld stijgt de olievraag gewoon verder

Oliemarkt Saoedi-Arabië maakt zijn oliebedrijf Aramco te gelde om zich voor te bereiden op een wereld met minder olie. Maar in scenario’s van het Energie Agentschap groeit de olieconsumptie nog zeker tot 2040 door.

Raffinaderij van oliebedrijf Saudi Aramco, dat in december naar de beurs wil.
Raffinaderij van oliebedrijf Saudi Aramco, dat in december naar de beurs wil. Foto Ahmed Jadallah / Reuters

De timing was sardonisch. Op zondag 10 november openbaarde president Hassan Rouhani van Iran dat er in het land een nieuw olieveld was ontdekt ter grootte van 53 miljard vaten. Dat was een enorme vondst. De vastgestelde reserves van Iran, dat al de op twee na grootste bewezen reserves van de wereld onder de grond heeft, zouden er met een derde door groeien.

De mededeling kwam op dezelfde dag dat Irans grote rivaal Saoedi-Arabië het prospectus publiceerde voor de beursgang van het nationale oliebedrijf Saudi Aramco, die ergens in december zal plaatsvinden. De toekomstige winsten van Aramco, en dus de huidige koers waarin die winsten verwerkt zijn, staan of vallen met de vooruitzichten op de oliemarkt. Een extra Iraanse stortvloed van 53 miljard vaten, op zichzelf al goed voor anderhalf jaar mondiale consumptie, komt dan slecht uit.

Het nieuws gonsde al snel rond op de financiële markten, maar de olieprijs reageerde maandag nauwelijks. Al snel bleek waarom: Rouhani had lichtjes overdreven. De regeringsgezinde Teheran Times deed verslag van een persconferentie waarin de Iraanse olieminister Bijan Zanganeh de zaak soepel rechtzette. De 53 miljard vaten zitten in het Namavaran-veld, in het zuidwesten van het land. Daar zijn de laatste jaren flinke ontdekkingen gedaan, ter grootte van 31 miljard vaten. Nieuw zijn 22 miljard vaten, dus samen wordt dat 53 miljard. En van die 22 miljard vaten is zo’n tien procent winbaar, zodat er eigenlijk dus 2,2 miljard vaten aan de winbare reserves van Iran zijn toegevoegd.

Van 53 miljard naar 2,2 miljard, dus. Dat is nog steeds niet weinig – gemiddeld zo’n 7 procent van alle jaarlijkse nieuwe ontdekkingen van de afgelopen tijd. Want nog steeds wordt nieuwe olie ontdekt en aangeboord. Van de Golf van Mexico tot het Noorse deel van de Noordzee, en van het Russische deel van de poolcirkel tot Frans Guyana.

Olie is een stuk minder schaars gebleken dan aanvankelijk werd gedacht. In 1956 publiceerde de Amerikaanse Shell-geoloog M. King Hubbert een paper waarin werd voorzien dat de olieproductie spoedig zou pieken. Deze peak oil-these, oorspronkelijk bedoeld als een contrast met de opkomst van kernenergie, heeft het lang volgehouden. Maar de wereld is onherkenbaar veranderd. De ontdekking en winning van schalie-olie heeft van de Verenigde Staten inmiddels weer een netto-exporteur van olie gemaakt, een positie die vijftien jaar geleden nog volstrekt ondenkbaar was.

Piekende olievraag

Maar het belangrijkste is dat peak-oil een geheel andere betekenis heeft gekregen. Niet het aanbod van olie piekt ooit, het gaat nu om de vraag naar olie die in de naaste toekomst zijn hoogtepunt bereikt en daarna zal dalen. Werd de ontwikkeling van alternatieve energie nog niet zo lang geleden nodig geacht voor een wereld waarin de olie op was, nu worden wind, zon, nucleair en andere vormen ontwikkeld en uitgebouwd om het hoofd te bieden aan de klimaatverandering die het gevolg is van anderhalve eeuw steeds intensiever gebruik van fossiele brandstoffen als olie.

Hoe ziet die toekomst voor olie er uit? Het Internationaal Energie Agentschap (IEA) maakte woensdag in zijn jaarlijkse World Energy Outlook duidelijk dat de vraag naar olie nog lang niet minder wordt. Tenminste, zolang er geen (mondiaal) overheidsbeleid komt waarin duurzaamheid een centrale rol speelt.

Vorig jaar bijvoorbeeld nam, ondanks alle zorgen over de opwarmende aarde, de wereldwijde olieconsumptie met 1,2 miljoen vaten per dag toe. Daarmee kwam het totaal op bijna 97 miljoen vaten. En, cynisch of niet, minstens 20 procent van die stijgende energievraag is het gevolg van meer airco’s die de steeds hetere zomers dragelijk moeten maken.

Mede door de hoge vraag lijken olieconcerns zich geen grote zorgen te hoeven maken over de olieprijs

Het IEA riep regeringen niet eerder zo duidelijk op „streng leiderschap” te tonen om de emissies van broeikasgassen terug te brengen. Want zonder duurzamer overheidsbeleid blijft de consumptie net als in 2018 stijgen. Tot 2025 stijgt de dagelijkse olievraag naar verwachting met 1 miljoen vaten per dag. Ook in de ‘jaren dertig’ gaat die groei verder door, maar dan in een lager tempo. Van een definitieve piek in de vraag is tot 2040 niet eens sprake, simpelweg omdat er geen daling optreedt. Dat is volgens het IEA vooral het gevolg van een aanhoudende groeiende vraag in de petrochemische industrie en in de lucht- en scheepvaart. De wereldbevolking verbruikte vorig jaar dus 97 miljoen vaten per dag, in 2040 ligt die vraag bij het huidige klimaatbeleid op ruim 106 miljoen.

De oorzaak is simpel: de wereldbevolking en de mondiale welvaart nemen toe. Tegelijkertijd schieten de inspanningen tekort om het aanbod van duurzame energie serieus te vergroten.

1,7 miljard auto’s

Het kan ook anders, laat het IEA zien. In zijn duurzame scenario komt op korte termijn de ‘peak’ in consumptie. Vanaf 2020 neemt de vraag jaarlijks met 2 miljoen vaten af en in 2040 gebruiken we een derde minder olie. Het duurzame beleid moet er bijvoorbeeld toe leiden dat de helft van de 1,7 miljard auto’s dan elektrisch is.

De achterblijvende verduurzaming van het autoverkeer laat zien hoe hardnekkig de vraag naar fossiele energie is. Auto’s worden, mede door overheidsbeleid, zuiniger en ook de opkomst van elektrische auto’s zorgt voor minder fossiele vraag. Bij elkaar gaat het volgens ramingen in 2040 om een reductie wereldwijd van 13 miljoen vaten per dag, terwijl auto’s momenteel goed zijn voor een dagelijkse consumptie van 22 miljoen vaten.

Maar van die daling op papier blijft volgens het IEA vermoedelijk weinig over in de praktijk. Zo neemt het aantal auto’s de komende twintig jaar met 600 miljoen toe tot 1,7 miljard. Tegelijkertijd worden grote en onzuinige suv’s alleen maar populairder waardoor de milieuwinst van elektrische auto’s voor een groot deel wordt opgesoupeerd. Per saldo zullen volgens het IEA, zonder extra beleid, auto’s in 2040 nog altijd 21 miljoen vaten per dag gebruiken, slechts 1 miljoen minder dan nu.

Lees ook: Populaire, onzuinige suv doet milieuwinst elektrische auto teniet

Sappelen

Mede door de aanhoudend hoge vraag lijken de Aramco’s van deze wereld zich geen grote zorgen te hoeven maken over de olieprijs. Voor 2030 gaat het Agentschap uit van 88 dollar per vat en tien jaar later zou dat 103 dollar zijn. Alleen als overheden werkelijk duurzaam beleid gaan voeren, wordt het sappelen voor de sjeiks. In 2040 zou de olieprijs dan als gevolg van de dalende vraag op 59 dollar liggen. Maar het is de vraag of de olieproducenten zich hier echt zorgen over moeten maken.

Dat is ook te zien aan het prospectus van Saudi Aramco dat afgelopen zaterdag voor potentiële beleggers verscheen. Daarin wordt uitgegaan van een wereldwijde productie van olie en vloeibaar gas die stijgt tot 2035, in een scenario waarin de vraag naar olie langzaam een verzadiging bereikt. Maar daarna daalt de productie nog niet of nauwelijks. In een alternatief scenario, waarin de vraag sneller afneemt, piekt de productie al vanaf 2025. Dat lijkt sterk op de analyse van het IEA.

Aramco schudt dit scenario overigens van zich af: het gaat ervan uit dat het marktaandeel van Saoedi-Arabië op de wereldoliemarkt in alle scenario’s stijgt, waardoor het oliebedrijf hoe dan ook floreert. Ook als de mondiale vraag zou dalen. Dat standpunt illustreert de onveranderde strategie van Riad: als alle olie is uitgeput, is de laatste voorraad te vinden in Saoedi-Arabië. Het is, met de duistere scenario's van het IEA in het achterhoofd, de vraag of de wereld het zo ver zal laten komen.