Opinie

Mijn liefde voor Picasso is bekoeld

Joyce Roodnat Joyce Roodnat heeft het even gehad met Picasso, en dat komt door hoe hij met Dora Maar omging. Moest hij haar werkelijk zo te grazen nemen voor zijn kunst?

Joyce Roodnat

Schrijven over kunst is partij kiezen. Voor of tegen, kritisch of bewonderend, uiteindelijk leidt het daartoe, partij is partij. En principieel zijn hoeft niet, het mag zelfs niet. Wie over kunst schrijft, neemt zijn hart mee en moet het aandurven om op slag van mening te veranderen en daarvoor uit te komen. Zo adoreer ik de films van Federico Fellini, maar in zijn Intervista (1987) kan ik niet meer zien dan een zelfvoldane ramp van ouwemensen-schattigheid. Ik vind Meryl Streep altijd een prachtige actrice, maar mijn hemel wat loopt ze te schmieren in de Netflixfilm The Laundromat. En ik bewonder Luc Tuymans. Niettemin vroeg ik me op de Biënnale van Venetië af of zijn schilderijen weer eens wat kleiner kunnen? Ik begreep niet wat die enorme formaten toevoegen. Ze zitten zijn kunst in de weg. Ze willen alleen maar imponeren, en dat doe je thuis maar, Tuymans.

En nu is mijn liefde voor Picasso bekoeld. Tijdelijk denk ik. Deze zomer nog bewonderde ik in Parijs in het Musée de l’Armée zijn consequent ijzersterk geschilderde pacifisme, van het beroemde Guernica tot zijn dramatische steun voor de protesten tegen de oorlog in Vietnam. Maar nu neem ik een andere afslag. Nu ben ik al dagen bezig met de kunst van Dora Maar en loop tegen Picasso aan. Hij was door haar geobsedeerd en lijfde haar in via de liefde. Dora viel als een blok voor hem en bleef veel te lang liggen.

Lees ook: Dora Maar was meer dan de muze van Picasso. Eerbetoon voor een vrijgevochten surrealist

Dora Maar in de winter van 1935/1936.

Foto AP/Musee Picasso

Pablo Picasso vernederde Dora Maar. Hij maakte haar aan het huilen om haar beter te laten poseren voor zijn werk La femme qui pleure. Geweldig werk, maar als ik lees wat zij daarvoor moest doorstaan, huiver ik. Moest Picasso haar werkelijk zo te grazen nemen voor zijn kunst? Hoe pervers is dat?

Ik was er niet bij, ik wil terughoudend oordelen over hun verhouding. Maar hun werk gaat me wel aan. Mijn kritiek op Picasso gaat niet over zijn werk, maar over het hare. De oudere, gearriveerde Picasso hinderde de jonge, unieke kunstenaar Dora Maar in de bloei van haar ontwikkeling. Daarmee hinderde hij de kunst, en dat verwijt ik hem.

Nadat ze van hem verlost was (hij verliet haar, niet andersom) krabbelde Dora Maar op. Daarna lukte het haar om de kunstenaar te bevrijden die diep in haar was ondergedoken.

Met prachtig resultaat. Zo maakte ze in 1952 een portret van Alice B. Toklas, minnares en muze van de dichteres Gertrude Stein, net als Dora voor Picasso was geweest. Ik beschouw dat portret als haar antwoord op Picasso en zijn fameuze portret van Stein. Ik zou die schilderijen graag eens naast elkaar zien: Picasso’s granieten Stein naast de weerloosheid van Maars Toklas die haar handen warmt aan haar witte koningspoedel. Afweer en overgave. Kies maar.