Museumkaart moet gegevens kaarthouder aan fiscus geven

Economie & recht Deze rubriek belicht elke woensdag kwesties uit het bedrijfsleven waarover de rechter zich onlangs uitsprak. Deze week: fiscaal recht.

Foto Phil Nijhuis

In maart 2017 vraagt de Belastingdienst aan de stichting Museumkaart informatie op over het gebruik van de jaarkaart door een van de houders. De fiscus is een zogeheten woonplaatsonderzoek begonnen naar deze kaarthouder om vast te stellen waar deze belastingplichtig is en wil van de stichting weten hoe vaak en waar de kaart is gebruikt sinds 2014.

De stichting weigert: het is niet alleen een inbreuk op de privacy van de kaarthouder, de stichting vreest ook dat de verkoop van het aantal museumkaarten zal afnemen als zij gedwongen wordt de informatie te geven. Maar volgens de rechter moet het recht op privacy wijken voor het algemene belang van een correctie belastingheffing. De stichting verstrekte de gegevens, maar tekende beroep aan dat onlangs diende.

Het hof merkt op dat de bevoegdheden van de Belastingdienst zeer ruim zijn als het gaat om het opvragen van informatie. Zeker nu het in dit geval gaat om een specifiek geval. Die ruime bevoegdheid wordt echter beperkt als het vragen van de informatie de activiteiten van de – in dit geval – stichting in gevaar brengen, zoals die zelf stelt. Maar het is niet reëel dat dat zal gebeuren, meent het hof. En ook hier stelt de rechter dat het opvragen van „slechts beperkte gegevens” niet indruist tegen de bescherming van privacy. Het eerdere vonnis blijft staan.

Uitspraak: ECLI:GHAMS:2019:3967