Recensie

Recensie Beeldende kunst

IJslandschappen die ooit onveranderlijk leken

Louis Apol, de winterschilder van de Haagse School, mocht in 1880 mee op reis om een gedenksteen te leggen bij Barendsz. Behouden Huys. Ze kwamen er niet, maar gelukkig hebben we deels de werken nog.

Louis Apol op Nova Zembla
Louis Apol op Nova Zembla Panorama Mesdag

Het moet de kroon op zijn oeuvre zijn geweest. In 1896 schilderde Louis Apol (1850-1936) in Amsterdam een poollandschap van ongeveer 120 meter lengte en ruim 14 meter hoogte. Het stelde Nova Zembla hoor, waar hij 16 jaar eerder zelf was geweest. Het schilderij werd opgesteld in cirkelvorm, net als Panorama Mesdag, zodat bezoekers zich in die poolwereld waanden waar drie eeuwen eerder Willem Barendsz en zijn mannen waren gestrand. Zelfs een kleine kopie op basis van foto’s, zwart-wit, blijkt al indrukwekkend.

Het staat in Panorama Mesdag in een tentoonstelling over Apol op Nova Zembla, naast tientallen schetsen en schilderijen van de reis, zee en ijs.

Louis Apol, zeg maar de winterschilder van de Haagse School, was al jong doorgebroken toen zich een unieke kans voordeed. Voor een expeditie naar Nova Zembla in 1880 werd een kunstenaar gezocht, om de hopelijk heroïsche reis te documenteren. Apol meldde zich, reisde vier maanden mee, bleek zowaar nogal een zeebonk, en tekende vanuit het kraaiennest alles wat hij zag. Straatjes in noordelijke vissersdorpjes. Een regenboog bij nacht. De jacht op vogels. Het noorderlicht dat zo lyrisch van kleur was dat impressionist Apol zijns ondanks vanzelf in symbolistische kunst belandde – noorderlicht is sterker dan ismes.

Ah-gevoel

Maar verder was juist het impressionisme handig voor een reizend kunstenaar, gauw alles vastleggend. Apol had grijsblauw tekenpapier bij zich – ongeveer de kleur van de poollucht, zodat die niet meer ingekleurd hoefde te worden. Scheelt weer. Alleen is impressionisme meer dan snelheid. Die paar verftoetsen die je zet, moeten wel net raak zijn. Dat lukte Apol niet altijd. Hierdoor is bijvoorbeeld de zee te modderig weergegeven of ligt de rots te nadrukkelijk in het midden.

Louis Apol op Nova Zembla Panorama Mesdag

Waarom roepen de werken niet wat vaker een ah-gevoel op vanwege een onmetelijke ijzige schoonheid? Misschien omdat Apol doorgaans besneeuwde Hollandse polders schilderde, wat zo lucratief was dat hij zich artistiek niet vernieuwde.

Dat maakt het des te tragischer dat juist zijn panorama niet bewaard is (waar laat je het ook, 120 meter).

Afgaande op de zaalvullende fotoreconstructie had dit wel alles: prachtige perspectieven, grandeur, atmosfeer, een harmonieus geheel van onmetelijkheid met kleine details van menselijke aanwezigheid. Landschappen en tijdvakken schuiven ineen, Apols tijd en die van Barendsz (de noordpool is toch eeuwig onveranderlijk, dachten ze toen nog…).

Poolmuiltje

De poolexpeditie in 1880 was onder meer bedoeld om gedenkstenen te leggen voor Barendsz’ overwintering in het Behouden Huys dat in 1871 was teruggevonden. De door de permafrost geconserveerde overblijfselen zijn ook in Panorama Mesdag te zien, zoals een bord en een muiltje: Barendsz’ ploeg had open schoenen bij zich. Naar het poolgebied.

Apols expeditie bracht het er iets beter vanaf, maar ook hun schip kwam vast te zitten en de reis werd voortijdig afgebroken – gedenkstenen zijn niet gelegd. Dat maakte voor Apol niet alles uit. De reis bleef hem bij. Dat zie je aan zijn necrologieën, ‘Louis Apol als zeeman’, en aan deze zeer gevarieerde tentoonstelling. Je ziet hoe hij kort voor zijn dood zijn herinneringen aan die reis opnieuw schilderde. Een ijsbeer van toen (1935-1936), in ragfijne lijntjes tussen zilverwitte toetsen, is het intiemste werkje van heel de expositie.